
Union kampioen
Er was één hele goede reden om Union Saint-Gilloise de titel niet te gunnen. En er was in ondergeschikte orde één minder goede.
Eerst die minder goede, want die is deels subjectief. Union speelt niet het meest aantrekkelijke voetbal en dat was van in het eerste jaar in 1A het geval. Heel veel kleine foutjes in het middenveld, een trekje hier, een tikje daar, een duwtje op een plek waar dat nog net kon.
Dat was het Felice Mazzu-voetbal waarmee USG in de lente van 2021 promoveerde naar de hoogste klasse. Onder Karel Geraerts en Alexander Blessin werd het verbeterd en onder Sebastien Pocognoli geperfectioneerd waardoor het vier jaar later, na de verrassende promotie, iets minder verrassend de titel pakte.
‘Niet het meest aantrekkelijke voetbal’ is deels subjectief. Iedereen strijdt met de wapens die hij ter beschikking heeft en bij Union is dat wapenarsenaal om veel redenen – zie verder – beperkter dan bij de al of niet zelfverklaarde topploegen in dit land. Dat argument telt dus niet.
De echt goede reden om Union de titel niet te gunnen is het eigenaarschap, maar ook daar kan je veel bedenkingen pro en contra bij formuleren. De titel van Union is de eerste voor een Belgische club met een buitenlandse eigenaar. Alex Muzio en Tony Bloom kochten in 2018 de Belgische tweedeklasser Union. Beiden hadden als hoofdclub de Engelse Premier League-club Brighton & Hove Albion. Beiden beheerden ook het gokbedrijf Starlizard, nog een goede reden om vragen te stellen bij dat eigenaarschap.
Clubliefde
Met dat eigenaarschap is gefoefeld, laat dat duidelijk zijn. Omdat zowel Brighton als Union zich voor de Europa League-competitie van het seizoen 2023/24 plaatsten en de UEFA verbood eigenaar te zijn van meerdere clubs in eenzelfde competitie, werd Muzio medio 2023 meerderheidsaandeelhouder van Union in plaats van Bloom.
Het is ook de eerste titel voor een Belgische club die deel uitmaakt van een MCO-constructie, waarbij MCO staat voor Multiple Club Ownership. Die constructie is erg populair en tegelijk erg omstreden omdat het eigenaar- of aandeelhouderschap van meerdere clubs niets te maken heeft met clubliefde maar alles met de lucratieve handel in spelers.
Die handel is de enige reden dat Bloom en Muzio in Brussel zijn geland en pakweg niet in Arnhem waar ook al jaren een zieltogende club mét een mooi stadion zit/zat. Jazeker, België is een stabiel land en de Jupiler Pro League is een moeilijke competitie. Maar bovenal zijn de voorwaarden om hier aan mensenhandel te doen bij de beste in Europa.
Voor jonge voetballers zijn er allerlei fiscale en parafiscale voordelen en niet-EU-buitenlanders kunnen hier zonder een echte salarisdrempel worden gehaald en doorverkocht, desgevallend afgeserveerd en op straat gezet. Union draaide in 2024 67,8 miljoen omzet, 35 miljoen kwam van spelersverkoop.
Buitenlanders het recht ontzeggen om aan mensenhandel te doen, dé hoofdactiviteit van de Belgische topclubs, zou natuurlijk hypocriet zijn. Bijgevolg verwelkomen we de titel van Union met open armen. Niet het minst omdat die kleine club na drie seizoenen lang alle zogeheten topclubs de ogen te hebben uitgestoken met een uitgekiend personeelsbeleid, hen gisteren definitief een neus heeft gezet.
De titel voor Union is een blamage voor het hele Belgische voetbal, maar toch in de eerste plaats voor buur Anderlecht dat dubbel zoveel omzet draait en niet in een bouwval voetbalt maar in een echt stadion. De titel voor Union is in één moeite ook een blamage voor Racing Genk, KAA Gent, Standard en Antwerp, die ooit één of meerdere keren zelf kampioen werden en vervolgens tientallen miljoenen van de Champions League opstreken en daar uiteindelijk niet beter van werden. Het wordt interessant om volgen wat Union met die minstens 40 miljoen euro zal aanvangen.
Twee gokkers
De titel voor Union is toch vooral een blamage voor Club Brugge en de zelfverklaarde genieën die deze club leiden, voorzitter Bart Verhaeghe voorop. Voetbal mag dan competitief evenwicht ingebakken hebben, hoe bestaat het dat je over veertig wedstrijden wordt geklopt door een club met honderd (100!) miljoen euro minder omzet?
Door een club met 84 man personeel terwijl je er zelf 200 hebt lopen. Door een club die vier trainers had in vier jaar. Door een club die vorig jaar een crowdlending aanging om vooraf de belastingen te kunnen betalen en zo korting te krijgen. Door een club die qua salarissen in de middenmoot zit en met een loonkost/omzet-ratio van minder dan 50 procent.
Als je dat alles bij elkaar optelt, moeten alle grote Belgische clubs concluderen dat ze te kakken zijn gezet door twee gokkers en dat is geen prettige vaststelling.