Column Terug naar af in De Morgen van zaterdag 21 december 2014

Terug naar af

Twintig procent minder brengt het Belgische tv-contract het profvoetbal de komende vijf seizoenen op. Dat is een evolutie in lijn met de rest van de Europese secundaire voetbalmarkten.

Het Belgische tv-contract brengt vanaf volgend seizoen 84,2 miljoen euro op. Tot en met 2024-’25 was dat 103 miljoen. Als de nieuwe oude rechtenhouder DAZN – let op, over afzienbare tijd in Saudi-Arabische handen – winst maakt, zou daar nog iets bij kunnen komen en zou het meer dan 90 miljoen kunnen worden.

Met de nadruk op zou. Als de Europese tendens wordt gevolgd, gaat het vanaf nu alleen nog bergaf. De recentst toegekende rechten zijn die van het Duitse profvoetbal. Die stonden al historisch laag, maar stegen niettemin niet. DAZN is ook daar een van de rechtenhouders.

De Franse tv-rechten zijn gehalveerd, toevallig of niet maar daarom niet minder pijnlijk, nadat de private kapitaalsverstrekker CVC zich voor 13 procent of 1,5 miljard euro had ingekocht in de mediapoot van de Ligue de Football Professionnel.

De Franse clubs kregen daardoor een kapitaalsinjectie en dat was nodig nadat Mediapro in 2020 na vier maanden al de stekker had getrokken uit een tv-contract dat meer dan 800 miljoen euro waard was. Tegelijk werd door de clubs flink geleend en dat moet nog worden terugbetaald. Analisten wezen al op het virtuele failliet van het Franse profvoetbal dat de voorbije jaren recordverliezen boekte, met uitzondering dan van PSG dat 200 miljoen eiste en kreeg van de CVC-deal.

De naam CVC kwam deze week ook in België even bovendrijven, via een gestuurde mediacampagne waarvoor de populaire sportkranten zich graag lieten gebruiken. CVC zou de Pro League kunnen bijstaan in de oprichting van een mediakanaal, waarmee het dan de eigen rechten zou vermarkten en zelfs uitzenden. Wie dat leest en ook maar iets afweet van wat tv allemaal kost en wat dat Belgische voetbal maar voorstelt denkt meteen aan 1 april.

Dat CVC plots op tafel lag, hoeft niet te verwonderen met Anderlecht-voorzitter Wouter Vandenhaute als lid van de raad van bestuur van de Pro League. Hij investeert samen met de Belgische CVC-topman Geert Duyck via hun bedrijf Mauvavie in Anderlecht. Vijftien jaar geleden was CVC al via Vandenhaute in beeld als investeerder in het hervormde profwielrennen. Dat plan (Cycling 2020) knapte af op de onwil van de ASO en de Tour.

Uiteindelijk heeft de Pro League toch eieren voor haar geld gekozen. Dat is wijs, al zal dat niet helemaal naar de zin zijn geweest van Anderlecht en Club Brugge die best wel wat meer risico hadden willen nemen, bijvoorbeeld met een eigen zender. De andere clubs dachten van niet.

Die passen nu beter op hun tellen, want voor zover bekend zijn de verdeelsleutel en het competitieformat nog niet afgeklopt. Dat zijn pas twistpunten en vooral dan de verdeelsleutel. Club Brugge denkt inmiddels dat het beter is dan de andere grote zes clubs en de G6 vindt dat ze beter zijn, en dus meer geld moeten krijgen, dan de K12.

De Belgische verdeelsleutel is nu al de minst solidaire van de West-Europese voetbalcompetities. Alle stijgingen in het verleden van de tv-rechten zijn gebruikt om de grote clubs beter te bedelen. Als nu nog eens een daling wordt gebruikt om de kleintjes te benadelen, wordt dat een pijnlijke zaak voor clubs die soms tot 30 procent van hun omzet uit tv-rechten halen.

Een clubleider wees erop dat er nog mogelijkheden waren om de markt in het buitenland te verkennen. Dat is onzin. De interesse voor buitenlandse investeerders in de Belgische clubs is erg groot. De interesse in de Belgische uitzendrechten en de competitie is dan weer nul.

Achttien van de 28 profclubs zijn in buitenlandse handen. Die buitenlanders zitten hier niet voor titels of omdat de competitie zo aantrekkelijk is en de tv-rechten zo makkelijk te vermarkten zijn. Ze zitten hier om winst te maken op goedkoop ingevoerd of goedkoop opgeleid voetbaltalent, een handeltje dat door de overheid jaarlijks ten belope van 200 miljoen euro wordt gesubsidieerd.

Op het Monopoly-bord is het Belgische profvoetbal op het vakje ‘terug naar af’ terechtgekomen. Tegelijk met het afkalven van de tv-rechten dreigt het verlies van goksponsoring, komen straks die 200 miljoen euro lastenverlagingen weer in beeld samen met de kosten voor ordehandhaving en zal de niet te vermijden hervorming van de transfermarkt resulteren in lagere inkomsten uit mensenhandel.

Omwille van de combinatie van dat alles zou de buitenlandse invasie sneller dan gedacht een exodus kunnen worden. Zo heeft elk nadeel altijd weer zijn voordeel.

Column Failliet in De Morgen van maandag 16 december 2024

Failliet

Eerder deze week verscheen op X een tweet van een supporter van KAA Gent. Hij had een rijtje steden/voetbalteams opgelijst: Lokeren, Aalst, Deinze en Gent. Naast de eerste drie stond een rood kruisje, naast Gent een groen V-tje. En daaronder een dankbericht aan de nieuwe Gentse eigenaar Sam Baro.

Oké, laat dit dan doorspekt zijn met enige naïviteit, het blijft een eerlijke en realistische schets van het failliet van het Oost-Vlaams en bij uitbreiding het Vlaams en Belgisch profvoetbal. Voor wie het allemaal niet zo van nabij heeft gevolgd: de Koninklijke Maatschappij Sportkring of KMSK Deinze is deze week failliet verklaard door de handelsrechtbank in Gent. Het Burgemeester Van de Wielestadion dat sinds 2021 met enige overdrijving ook wel eens de Dakota Arena werd genoemd, is het zoveelste Belgische voetbalkerkhof.

KMSK Deinze speelde in 1B, de Challenger Pro League, dat is de tweede hoogste klasse in ons land. Het deed het daar lang niet slecht, stond zelfs even in de bovenste tabelhelft, tot in november bleek dat de overnemer van de overnemer van de vroegere megalomane eigenaar eens te meer een lege doos was.

Deinze speelde zijn laatste wedstrijd op sinterklaasdag en er werd verloren met 0-1 van Seraing. In 1B spelen voortaan geen zestien ploegen meer, maar slechts vijftien, wat inhoudt dat elk speelweekend een team geen wedstrijd heeft. Eergisteren konden die van Eupen een zaterdagje met het gezin naar de kerstmarkt in Aachen.

Dat brengt het totaal op vijf failliete profploegen in de laatste vijf jaar. Of dat een Europees record is binnen de UEFA-familie moeten collega’s maar uitzoeken. Redelijk uniek is het wel voor het land dat in de Europese ranking veilig op de achtste plaats prijkt en zelfs naar boven kan kijken, naar de nummers zeven en zes Portugal en Nederland.

Voor KMSK en de sympathieke en mooi gelegen stad Deinze is dit een flinke sof. Net als voor de leveranciers, zoals die jonge cateraar die nog 65.000 euro te goed heeft, zo meldden de lokale krantenpagina’s. Voor de fans, maar nog meer voor de voetballende jeugd van Deinze is dit niets minder dan een drama. De club, die op twee jaar stond van het honderdjarig bestaan, is in rook opgegaan.

Boosheid overheerst nu, maar wie moet je met de vinger wijzen? De laatste overnemer, AAD Invest Group, was een luchtbel, laat dat duidelijk zijn. De voorlaatste, het Aziatische ACA Football Partners, was dat ook. Je kan boos zijn op ratten die denken dat ze uit een stort nog wat brokken kunnen wegslepen, maar dat is wat ratten nu eenmaal doen.

Of je kan boos zijn op wie en wat dat stort heeft veroorzaakt. Dan kom je al snel bij de megalomanie van Denijs Van de Weghe (geen familie, let op de schrijfwijze). Die werd de ‘Marc Coucke van Deinze’ genoemd en dat is nooit een goed teken, vooral niet als er voetbal in het spel is. Van de Weghe zag het groot en kondigde ooit twee transfers aan op de lokale televisie. Bleek het later om twee spelers te gaan die door blessures verloren waren voor het topvoetbal, helaas.

Neen, veel kennis van het voetbal ging er niet mee gepaard. In 2012 kwam Van de Weghe aan boord. Onder zijn bewind steeg de club twee keer naar 1B en de tweede keer verkocht hij zijn ploeg aan Singaporezen die er het centrum van hun voetbalwereld van wilden maken. In 23-24 ging de promotie naar 1A net niet door – wat een geluk bij een ongeluk – en daarna begonnen de financiële problemen.

Dus ja, boos op Doudou Cissé, de Afrikaanse Fransman, van AAD Invest Group met zijn 12.000 euro startkapitaal en brievenbus als hoofdzetel, dat mag. Ook op de Aziaten van ACA Football Partners die hun hapklare brok plots onverteerbaar duur vonden. En op de megalomanie van Denijs Van De Weghe moeten ze in Deinze ook boos zijn.

Uiteindelijk ligt de schuld bij het Belgische voetbalbestel dat weigert een strenger kader te voorzien voor overnemers van clubs. Dat weigert om samen met de overheid een economisch en juridisch kader te creëren waarin de handel in voetbaltalent niet langer de drijfveer is om een Belgische club te bezitten. Dat weigert na te denken over een inperking van het aantal profclubs, tot en met de afschaffing van dat achterhaalde promoveren en zakken.

Het is helemaal wraakroepend dat ook de Belgische politiek niet thuisgeeft om een sector – waar jaarlijks 200 miljoen euro lastenverlagingen aan worden toegekend – te verplichten binnen de lijntjes te kleuren. De aanwezigheid van Francs Borains in 1B en haar voorzitter Georges-Louis Bouchez is daar zeker niet vreemd aan.

Column De laatste dinosaurus (Lefevere) in De Morgen van zaterdag 14 december 2024

De laatste dinosaurus

Plagiaat! Ere wie ere toekomt, ‘Le dernier dinosaure’ was donderdag in L’Équipe de kop boven een verhaal over de retraite van Patrick Lefevere.

Lefévère, om de Fransen na te bootsen, want zij schrijven zijn naam met twee accenten. Ik heb mij jaren suf gepiekerd over het waarom van die accenten tot ik de auteur van dit verhaal een keertje tegen het lijf liep. Hij legde simple comme bonjour uit dat het de uitspraak van die naam vergemakkelijkte, en dat ze daar het recht toe hadden want dat de naam duidelijk een Franse achtergrond had met ‘Le’ en dat die naam ook in Frankrijk voorkwam, maar dan met accenten.

‘De laatste dinosaurus’ is heel treffend verwoord. Lefevere is de laatste van een generatie sportbestuurders die stammen uit het niet altijd zo ongerepte ecosysteem, zeg maar jungle van het wielrennen van de jaren tachtig en negentig.

Lefevere is al een tijdje geen sportbestuurder meer. Onderweg steeg hij op in de vaart der volkeren en werd deels eigenaar, deels opperbaas van zijn team dat hij runde via zijn eigen bedrijf, weliswaar op de vingers gekeken door medeaandeelhouders onder wie de mecenas Zdenek Bakala.

Lefevere kreeg in de loop der jaren zoals zoveel anderen ineens het acroniem CEO voor zijn naam. Misschien een beetje veel eer voor een voormalig zeepverkoper met een boekhoudersdiploma en een grote mond. Als u dat laatste denigrerend vindt, wees gerust, hij zal zelf de laatste zijn om dat niet te vinden.

Als journalist was Lefevere the man you hate(d) to love. Altijd goed voor een mening, altijd goed voor visie ook, altijd goed voor spektakel in de koers (met zijn renners dan). Maar toch niks leukers dan een voorjaar waarin zijn ploeg in het openingsweekend op zaterdag niet thuis gaf, waarna hem om een reactie werd gevraagd. Die begon steevast met “ik maak de rekening pas na de Waalse klassiekers”, waarna zijn coureurs alsnog een veeg uit de pan kregen en op zondag de boel aan flarden reden. Of niet, en dan werd hij opnieuw gebeld.

Ik heb Lefevere nooit gehaat en ook nooit van hem gehouden. In 2006 kwam het tot een serieuze clash. Naar aanleiding van de positieve plas van Floyd Landis in de Tour had hij gedreigd met een proces tegen Landis. Ik schreef toen een column met als kop ‘Hypocriet’ omdat hij zelf de Franse dopingzondaar Richard Virenque had binnengehaald.

Later dat jaar bracht de Krant van West-Vlaanderen ons samen voor een goed gesprek. Dat was best gezellig. Met Lefevere is het prima ruziemaken: hij komt met bokshandschoenen en je ziet hem komen. Hij is niet het type van de dolk in de rug en ook niet van de rancune. Het leverde voor deze krant een spraakmakend eindejaarsverhaal op, waarin hij terloops vertelde over hoe hij als renner ook ooit doping had gebruikt en hoe hij daar slecht op had gereageerd.

In januari 2007 publiceerde Het Laatste Nieuws een dossier waarin Lefevere werd beschuldigd in zijn team systematisch dopinggebruik te hebben georganiseerd. Het overgrote deel van het verhaal was uit de duim gezogen en wat wel klopte, was al bekend. Dat schreven wij toen ook zo op in deze pagina’s. Waarna een vreemde situatie ontstond. De kletterende ruzie van weleer was al gestabiliseerd in een gewapende vrede, maar opeens leken we de “grands amis, bien étonnés de se trouver ensemble”, schreven ze destijds in L’Équipe.

Lefevere werd in de lofdichten deze week de grootste wielermanager ooit genoemd. Groot jazeker, maar misschien niet zo groot als hij had kunnen zijn. Zijn team en zijn expertise verdienden beter dan wat hij uit de commerciële vijver opviste.

Waarom bestond en bestaat zijn team bij de gratie van een mecenas en zijn de echte grote internationale sponsors nooit aan boord gekomen? Waarom is hij nooit het UAE of het Team Sky van België geworden, dominant in de klassiekers én dominant in de wedstrijden die internationaal meer aanspreken, de grote rondes?

Waarom greep Lefevere naast twee van de grootste renners die vandaag maar ook tien jaar geleden al in zijn voortuin furore maakten? Met andere woorden, waarom rijden Wout van Aert en Mathieu van der Poel voor andere ploegen? Bij Lefevere moet je je altijd afvragen of hij zijn team groot heeft gemaakt, dan wel net zo groot dat het voor hem nog bevattelijk bleef.

Voor wie meer wil weten over zijn exit, hoe dat in zijn werk ging, of dat wel met de volle goesting was en wat dat schoof, hij blijft een West-Vlaamse boekhouder en dus zullen we het fijne daar nooit van weten. Dat nieuwe leven is hem overigens van harte gegund. Het is te hopen dat het hem bevalt.

Column Ondermaats in De Morgen van maandag 9 november 2024

Ondermaats

‘Voetbal is de mooiste sport die er bestaat, en de scheidsrechters spelen daar een belangrijke rol in. Want zonder scheidsrechters, geen voetbal. We zijn dan ook blij dat we samen met de Pro League tot een constructieve oplossing zijn gekomen om de arbitrage in ons land verder te professionaliseren.”

Dat zei Manu Leroy vorig jaar in oktober, toen hij nog CEO ad interim was bij de KBVB. Hij was blij en samen met hem heel wat luitjes uit het voetbal dat een scheidsrechterstaking was afgewend met een verhoging van de vergoedingen. Haast zeker dat Leroy dat niet heeft gemeend. Hij komt uit het hockey en weet hoe efficiënt de arbitrage daar verloopt in een bovendien veel complexere sport.

Zonder scheidsrechters, geen voetbal. Scheidsrechters zijn nodig, maar er zijn twee soorten scheidsrechters. Enerzijds heb je de man of vrouw die dat met hart en ziel doet om elk weekend jongens en meisjes, of mannen en vrouwen, hun spelletje plezier te gunnen. Zelf blijven ze zo ook in beweging. Voor de centen moeten ze het niet doen. Dat type ref verdient onze uitdrukkelijke steun en af en toe ook mede- lijden als er weer eens één op de loop moet voor een dolgedraaide cafévoetballer.

Anderzijds heb je de scheidsrechters die om den brode voetbalwedstrijden op het hoogste niveau in goede banen moeten leiden, ter vermijding van burger- oorlogen en zo. Die verdienen te worden beoordeeld volgens de allerstrengste criteria.

Het is al eens uitgerekend hoeveel ze daarmee kunnen verdienen. In een goede maand is dat in de Jupiler Pro League in combinatie met wat internationaal werk tot 10.000 euro. Als ze het een beetje slim aanpakken, blijft daar de helft van over. Wie zoveel geld wil verdienen door het terechtwijzen van anderen, moet aan de strengste voorwaarden voldoen.

Zaterdagavond waren alvast Bram Van Driessche en Nathan Verboomen, twee van de zes Belgische internationale scheidsrechters, ondermaats. Van Driessche omdat hij het reglement niet kent en er zijn eigen draai aan gaf, om welke zinsverbijstering dan ook. Verboomen omdat hij zijn vooringenomenheid en donker dictatoriaal kantje eens te meer moeilijk kon verbergen.

De strafschopfase na de rust in KV Mechelen-Club Brugge kon niet duidelijker. Jorne Spileers van Club springt met armen open in de baan van de bal en die komt tegen zijn arm. Een stomme penalty, een aangeschoten hands, helemaal juist dat zoiets nooit strafschop zou mogen zijn, maar de reglementen zijn duidelijk. Armen weg van het lichaam en bal tegen de armen, dat is gelijk aan strafschop.

Wat gaf Van Driessche als uitleg? “Spileers was niet aan het kijken en had de bal niet zien aankomen.” Dat kan je toch niet menen als scheidsrechter: eigenzinnig de intentie in overweging nemen terwijl dat element van beoordeling juist niet tot de criteria behoort?

Van Driessche wordt niet alleen betaald als semi- profscheidsrechter, en per wedstrijd, hij is ook nog eens – als Wikipedia actueel is ten minste – account manager bij een internationaal chemiebedrijf.

Zou het toch kunnen dat Engels een beetje lastig is voor hem? Kunnen ze in dat geval bij de bond niet iemand vinden om voor hem de clarifications bij de handsregel te vertalen? Zo staat het er. “By having their hand/arm in such an unnatural position, the player takes a risk of their hand/arm being hit by the ball and being penalised.” En ook nog “even if accidental”.

Oké, genoeg over Bram Van Driessche. Iedereen kan een slechte dag hebben. Nathan Verboomen lijkt dan weer meer slechte dagen dan goede te hebben. Wat die uitvrat zaterdagavond bij Gent was gemener en hij verborg niet eens dat hij de thuisploeg extra streng wilde aanpakken. Van bij de eerste keer dat een speler zijn ontgoocheling liet merken omdat hij geen corner kreeg, liet hij al een gele kaart wapperen, heel goed beseffend dat hij daarmee die speler – een verdediger – meteen voor de rest van de wedstrijd bezwaarde.

Het leek heel erg op de Verboomen van die wedstrijd eind vorig seizoen bij Cercle Brugge waar hij ook met gele kaarten zwaaide en de immer correcte Hannes Van der Bruggen uitschold voor dwaas.

Hein Vanhaezebrouck omschreef Verboomen in 2022 treffend met: ‘geen vertrouwen, geen kwaliteit en geen persoonlijkheid’. Vanhaezebrouck is nu geen trainer van Gent meer, maar analist en zat zaterdagavond hoog en droog op de vijfde verdieping naast Niko Lainé commentaar te geven. Beetje raar, na al die jaren Gent, maar goed, je gunt iedereen zijn boterhambeleg. Straks wel even terugluisteren wat Hein over Verboomen te zeggen had.

Column Monsterverbond in De Morgen van zaterdag 7 december 2024

Monsterverbond

Dinsdag krijgt Saudi-Arabië de wereldbeker voetbal van 2034. ‘Krijgen’ mag u heel letterlijk opvatten. Zoals in: gegeven, in een geschenkverpakking, en dat na een staaltje van nooit geziene bestuurlijke handigheid.

Het begon met een primeur. De FIFA had al eerder besloten om in 2030 de wereldbeker toe te wijzen aan Spanje, Marokko en Portugal, maar voegde daaraan toe dat het in de prilste fase van het toernooi zelf een aantal wedstrijden in Zuid-Amerika zou organiseren.

Officieel omdat honderd jaar eerder het eerste WK op dat continent was georganiseerd. De echte reden werd duidelijk toen kort daarna de oekaze kwam dat als gevolg van het WK 2030 op die drie continenten, en het WK 2026 in Noord-Amerika, alleen de twee resterende continenten mochten bieden op het WK van 2034. Bleven over: Oceanië en Azië.

De tweede move dan. In de herfst van 2023 kregen kandidaat-landen plots te horen dat ze amper 25 dagen hadden om een dossier in te dienen. In Riyadh trokken ze ogenblikkelijk een lade open en toverden daaruit een dossier voor vijftien stadions (elf nieuw te bouwen) in vijf steden in Saudi-Arabië.

In Oceanië, waar Australië en Nieuw-Zeeland gesprekken waren begonnen, voelden ze zich langs links en rechts gepakt in snelheid. FIFA-voorzitter Gianni Infantino had de wereldbeker vanaf 2030 uitgebreid naar 48 deelnemende landen, wat extra stadions noodzaakte. Die konden Australië en Nieuw-Zeeland niet op 25 dagen verzinnen en ze trokken zich terug. Bleef over: Saudi-Arabië.

De geopolitiek van het wereldvoetbal is een kluwen van vreemde beslissingen en corruptie, en als gevolg daarvan dieptepunten, maar aanstaande dinsdag komt de FIFA toch wel heel dicht bij de bodem. Als ze daar al niet zit, want wie dacht dat we met de toewijzing van de wereldbekers van 2018 en 2022 aan Rusland en Qatar het toppunt van opportunisme hadden gezien; het geschenk van het wereldvoetbal aan Saudi-Arabië trekt het nog wat meer op flessen.

Dat hoeft ook niet te verwonderen. Voetbal is het meest amorele en immorele ecosysteem in de wereldsport. Enerzijds speelt hier de geopolitieke context van een regio (de olie- en gasstaten van de Arabische Golf) die zich wil afzetten tegen de rest van de wereld. Tegelijk is men binnen die regio zelf een onderlinge strijd om de heerschappij in de sport aangegaan. Anderzijds is het voetbal de speelbal van het hyperkapitalisme, met staatsfondsen dieper dan de diepste oceaan. Ten slotte zijn er de voetbalinstanties die de geopolitieke en financiële krachten niet kunnen maar vooral niet willen intomen.

Er is die ene foto van de openingswedstrijd van het WK in Qatar, die in 2022 al stof deed opwaaien en nu nog meer. Links zit de sportpaus, IOC-voorzitter Thomas Bach, met naast hem de Qatarese koninklijke familie Al-Thani, sjeik Khalifa bin Hamad en sjeik Tamim bin Hamad. Rechts van hen zitten nog twee mannen, een kale ligt dubbelgeplooid van het lachen en rechts van hem zit de man die hem aan het lachen heeft gebracht.

Niet zeker waar het toen allemaal over ging in het monsterverbond van FIFA-baas Infantino en de Saudische kroonprins Mohammed bin Salman. Ongetwijfeld onder meer over hoe Saudi-Arabië ook zo’n voetbalfeest wilde, want wat Qatar en die andere Golfstaatjes hebben, dat wil het grote Saudi-Arabië ook. Ongetwijfeld ook over wat dat grote rijke olieland zou kunnen betekenen voor Infantino en zijn ambitie om aan de macht te blijven en in één moeite de rijkere Europese UEFA en dat ook al rijkere Internationaal Olympisch Comité dwars te zitten.

Nu al is sprake dat de wereldbeker voetbal van 2034 in de winter zou plaatsvinden parallel met de Olympische Winterspelen, die in 1994 twee jaar zijn verschoven precies om de wereldbeker de wind uit de zeilen te nemen.

De sportieve ambities van Saudi-Arabië kwamen te laat om in het Europese clubvoetbal nog een rol van betekenis te kunnen spelen. Pas met het aantreden van MBS in 2017 als kroonprins en later in 2022 als eerste minister en heerser kwam sport bovenaan op de agenda te staan. Vervolgens moest het snel gaan en het ging ook snel. En het zal nog sneller gaan en niemand zal hem stoppen.

Dat Bin Salman in het originele CIA-rapport ondubbelzinnig de opdrachtgever van de moord op de Saudische journalist Jamal Khashoggi (Istanbul 2018) wordt genoemd, dat in zijn land elke vorm van vrije meningsuiting meteen de kop wordt ingedrukt, dat bij de bouw van de stadions en vooral van het megaproject Neom dagelijks dode migrantenarbeiders vallen, dat doet allemaal niet ter zake voor de FIFA. Geen betere plek dan een flinke dictatuur om een succesvol toernooi te organiseren.

Column Rwanda 2025 in De Morgen van 2 december 2024

Rwanda 2025

Sportcompetities die nieuwe markten aanboren, de eerste poging daartoe dateert van een goeie dertig jaar geleden en was ook de succesvolste. Althans, zo staat het toch in de handboeken beschreven als ze het over de Amerikaanse basketbalcompetitie NBA hebben en haar expansie in 1992 naar Europa en de wijde wereld via het eerste en enige echte Dream Team.

In de praktijk valt dat mee – of tegen, zo u wilt -, dat ‘succesvol’. De laatste keer dat de NBA inzage gaf in de overzeese rechten ging het om 400 miljoen euro per jaar, waarvan driekwart uit China kwam. Zevenenzestig contracten met kleinere markten, vooral in Europa, brachten ocharme 75 miljoen op. Ter vergelijking: de Premier League verkoopt haar voetbalcompetitie buiten Groot-Brittannië voor 2,2 miljard. Dat is nog eens een expansie.

Op een totaal andere schaal heb je de amechtige pogingen van het veldrijden om internationaal door te breken. Gisteren zat dat circus met de wereldbeker in Dublin godbetert. Waren aanwezig: haast iedereen die tot nog toe het veldritseizoen heeft gekleurd in Vlaanderen en wijde omstreken. Waren afwezig: de drie tenoren van het veldrijden die niet langer veldrijden, of toch niet als hoofdbekommernis. Ook afwezig: publiek.

Je zult geen andere sport vinden die denkt dat ze een nieuwe markt kan aanboren zonder inzet van de grootste publiekstrekkers op een plek waar ze geen hol geven om je sport. Wielrennen wil nog altijd niet beseffen dat het een regionale sport is met een soms grote fanbase in de eigen schoot en een bijzonder kleine, fanatieke fanbase in een aantal andere landen. Dat zal nooit veranderen en dat hoeft ook niet. Wielrennen is voor West-Europa wat American football is voor de VS: regionaal amusement.

Toegegeven, die laatste vergelijking is zwaar bij de haren getrokken. Hoewel niet bekend wat veldrijden economisch betekent, komt het wellicht niet in de buurt van de 20 miljard dollar die de 32 NFL-teams vorig jaar hebben omgezet. Als het vijfduizend keer minder is, 4 miljoen dus, zal het al mooi zijn. Het verhaal van de NFL kan wel een les betekenen: zorg vooral dat je groot bent, blijft en nog groter wordt in je thuismarkt.

Wielrennen heeft een patent op misplaatst sportief expansionisme. Volgend jaar willen de UCI en enkele postkoloniale goudzoekers naar Rwanda om daar een WK te organiseren. Je vraagt je af: waarom Kigali, waarom Rwanda?

De website van de organisatie heeft op die vraag een antwoord verzonnen: omdat de fiets een populair vervoermiddel is in Rwanda. Dat is een extreem belachelijke reden. De fiets is belangrijk in heel Afrika en dat heeft niets met liefde voor de fiets te maken, maar alles met de armoede en de fiets als vervoermiddel bij uitstek van de armen.

Die keren dat ik in donker Afrika was (Burkina Faso, Kenia, Congo) vervloekten onze Afrikaanse chauffeurs alle fietsers en reden hen zelfs van de weg met de melding dat fietsers geen wegentaks betaalden en bijgevolg op het asfalt niks te zoeken hadden. (Idem in het blanke Texas overigens.)

Er staat ook bij dat wielrennen populair is in dat land. Kan best, maar hier is sprake van een wereldkampioenschap en wie een Rwandese wielrenner kan opnoemen, mag nu opstaan. Eén Eritreeër kennen we, hij heet Biniam Girmay. Voor zover bekend is nooit overwogen om met het wielercircus naar Asmara te trekken. Neen, Kigali, daar moet het volgend jaar gebeuren.

Enkele bonden hebben nu al laten weten dat ze hun selecties zullen beperken tot het hoogst nodige. Het zijn niet van de minste. Denemarken, altijd al een kaper van medailles in de jongeren- en beloftecategorie, komt alleen met profs. België heeft ook laten weten dat het zal snijden in zijn selecties en in de omkadering.

Beide bonden klagen de dure trip en vooral het erg dure logies aan. Daarop kwam een reactie, niet van de Rwandese wielerbond Ferwacy, ook niet van de wereldwielerbond UCI, maar van Christophe Impens of all people, van Golazo of all businesses. Dat we als Europeanen niet moeten klagen dat we een keertje naar Afrika moeten. Want dat die arme Afrikanen (vier in de WorldTour in 2024, allemaal in dienst bij Europese ploegen en de meeste wonend in Europa) altijd weer de omgekeerde trip naar Europa moeten maken. En dat prijsstijgingen nu eenmaal bestaan en volgens Impens heet dat economie.

Hotelkamers die plots tien keer meer kosten is geen economie maar afzetterij. Helemaal als je weet dat Golazo (onder meer met dochterbedrijf en hospitalitypoot Gracias) als partner samen met de ASO en de lokale machthebbers in een postkoloniaal monsterverbond mee de koek verdelen.

(Enkele dagen later raakte bekend dat de nieuwe overzeese rechten voor de EPL 2,6 miljard euro per jaar gaan bedragen vanaf volgend seizoen.)

Column Transferinfuus in De Morgen van zaterdag 30 november 2024

Transferinfuus

Club Brugge staat 22ste op 36 in de rangschikking voor de Champions League. Zoals bekend is dit een ander opzet van competitie. Elke ploeg speelt acht wedstrijden (vier uit en vier thuis) tegen sterke en minder sterke tegenstanders.

Met nog drie wedstrijden te gaan zal Club haast zeker de top acht niet halen. Die geeft rechtstreeks toegang tot de achtste finales, de round of sixteen die de kassa voor elf extra miljoenen laat rinkelen. Een plaats bij de 9 tot en met 24 geeft dan weer het recht op een barragewedstrijd tegen een hoger gerangschikte ploeg in een tussenfase, de knock-out. Die brengt bij verlies maar één extra miljoentje op, maar als je daar wint, zit je in die round of sixteen.

Die plek bij de eerste 24 wordt ook nog lastig omdat achter Club een paar ploegen staan die als het er echt op aankomt onder de motorkap wat meer pk’s hebben, zoals Real Madrid (nu op 24), PSG (25), Shakhtar Donetsk (26) en VfB Stuttgart (27).

Club Brugge verdient door te gaan. Oké, ze hebben twee knoerten van geschenken gekregen van Aston Villa (Comedy Capers-handsbal) en van Celtic Glasgow (Comedy Capers-owngoal), maar in beide wedstrijden hadden ze het betere van het spel en de betere kansen.

Wellicht is dit Club Brugge, Europese jaargang 2024-2025, het beste Europese Club Brugge van deze eeuw. De onbevangenheid waarmee ze in Celtic Park op de helft van de Schotten gingen voetballen maar evengoed verstandig terugplooiden om dan weer met hoge druk uit te pakken, dat charmeerde, dat moeten ze in Europa hebben opgemerkt. Nicky Hayen, als zijn Brugse verhaal ooit ophoudt, zit voor de komende jaren goed als trainer, is het niet in Europa zoals sommige van zijn voorgangers bij Club dan wel in België.

In geen enkele Champions League-wedstrijd lag Club tot op vandaag onder. Zelfs tegen Borussia Dortmund thuis (0-3) en AC Milan uit (3-1) had Club kansen om de wedstrijd vroegtijdig in een gunstige plooi te leggen.

Minder gunstig voor Club is het programma en dan vooral de kalender. Twee van de drie nog te spelen wedstrijden staan gepland voor eind januari en zoals bekend is dat de maand van de wintermercato. Goed mogelijk, zelfs heel waarschijnlijk, dat Club in die maand een aantal van zijn betere spelers zal zien vertrekken.

In het verleden kon FCB als enige Belgische ploeg altijd beletten dat de betere spelers halfweg de competitie hun biezen pakten. Januari 2025 wordt de meest onzekere mercato ooit. De spelregels zijn compleet nieuw en niemand kan inschatten hoe het spel in de toekomst zal worden gespeeld. Wel duidelijk is dat de macht om een transfer te forceren nu geheel bij de spelers en hun makelaars ligt.

Deze week vertrok een brief vanuit Bogotá, woonplaats van Jorge Iván Palacio, voorzitter van FIFA’s disciplinaire comité. Het is ronduit verbazingwekkend en ook wel een beetje journalistiek belachelijk dat die brief die woensdag in een Belga-bericht op de redacties belandde niet eens werd opgepikt door de sportmedia in dit land.

Palacio verkondigt daarin de ‘tijdelijke’ opschorting van alle disciplinaire maatregelen tegen spelers en ontvangende clubs die zonder akkoord van de vertrekkende club een transfer afdwingen. Die maatregel is allesbehalve tijdelijk, maar wel het eerste concrete gevolg van het arrest-Diarra waarbij een speler (Lassana Diarra) in het gelijk werd gesteld en het Europese Hof in één moeite brandhout maakte van de FIFA-transferregels.

Club Brugge staat voor een dilemma. Moet het nu te allen prijze zijn jonge talenten proberen te binden met een verbeterd contract en een hoge opzegvergoeding? Of moet het juist die spelers nog snel naar de uitgang begeleiden richting de meest biedende?

Club Brugge en alle andere Belgische ploegen met beloftevolle jonge spelers in hun kernen herzien best hun balansen. Zoals het vaststaat dat Seys, Tzolis, De Cuyper, Onyedika, Talbi en Jashari eerder vroeg dan laat een mooie aanbieding niet zullen kunnen weigeren, zo staat het vast dat Club in 2025 voor die spelers maar een fractie van het bedrag zal krijgen waarop het had gerekend. En in 2026 nog minder, en in 2027…

Het Belgische voetbal was de voorbije tien jaar wereldwijd de zesde nettoverkoper (na Portugal, de Engelse Championship, Nederland, Brazilië en Argentinië) van voetbaltalent en dat leverde de Belgische clubs sinds 2015 1,4 miljard euro op. Het wordt peentjes zweten om van dat transferinfuus af te geraken, en niet alleen voor Club. Wie verder kijkt dan de voetbalneus lang is kan alleen maar blij zijn dat aan die kamelenhandel met mensen eindelijk een einde komt.

Column Volksgericht in De Morgen van maandag 25 november 2024

Volksgericht 

Nog maar twee voetbalcoaches ontslagen. Zo stond het vorige week op een sportpagina ergens in een krant. En een dag later werd de derde ontslagen, Óscar García bij OH Leuven.

Volgens de gespecialiseerde pers is er een grote kans dat de vierde kop deze week rolt. De in extremis verloren wedstrijd tegen Israël op die mistige herfstavond in dat lege stadion in Boedapest in die onzinnige Nations League heeft die gespecialiseerde pers en hun analisten doen besluiten dat de maat vol is: bondscoach Domenico Tedesco moet weg, en beter snel.

De dynamiek achter het ontslag van een clubtrainer is redelijk duidelijk, maar daarom niet eenduidig. Altijd spelen wel de resultaten op de achtergrond. Altijd zullen ook de kleedkamer, of althans de cruciale figuren in die kleedkamer, het laatste woord hebben in die beslissing.

Bij een bondscoach ligt dat enigszins anders. Uiteraard blijven resultaten vooropstaan, en de sfeer in de selectie blijft belangrijk, maar een bondscoach wordt zelden puur op die twee aspecten van zijn functioneren beoordeeld. De brede publieke opinie is evenzeer belangrijk want die is verantwoordelijk voor de begeestering rond de nationale ploeg. Begeestering bepaalt of publiek en sponsors mee aan boord willen en hopelijk gaandeweg steeds enthousiaster worden.

Daarom hebben minstens drie media na de wedstrijd tegen Israël niet zelf flagrant geroepen om het ontslag van de bondscoach, maar lieten ze dat over aan een poll. Dat is pervers. Een bevraging op een site over een persoon en of die mag aanblijven of niet is niks anders dan de 21ste-eeuwse schandpaal.

Succes verzekerd en dus was de uitkomst dat meer dan 90 procent de bondscoach weg wil. Die 90 procent wordt dan voorgesteld als een representatief staal van de bevolking, maar dat is het natuurlijk niet. Het gemiddelde IQ en EQ van voetbalsupporters is zo al niet bijster hoog, en dat van de zogeheten respondenten die sites afschuimen om gretig te klikken op dat soort vragen ligt ongetwijfeld nog lager.

Niemand met een beetje beschaving in de genen zal het in zijn hoofd halen om bij de vraag ‘moet Tedesco weg?’ op neen te klikken. Ook niet op ja overigens, want het antwoord op die vraag kan nooit van een volksgericht komen.

Het kan best dat Tedesco niet langer de juiste man op de juiste plaats is. Het kan ook dat hij zijn selectie niet helemaal meer in de hand heeft. Zoals de baasjes soms alle kanten opliepen – als ze tenminste opdaagden en konden of wilden lopen – behoort dat tot de mogelijkheden.

Ik weet het niet en ik denk in alle eerlijkheid dat ook de gespecialiseerde voetbaljournalisten en gespecialiseerde analisten het niet weten. Juist omdat ze gespecialiseerd zijn in een sport als voetbal, die wekelijks trainers in de gele/bruine/grijze zak aan de deur zet, denken ze dat ontslag nu ook weer de oplossing is.

Als de raad van bestuur straks beslist over het lot van Tedesco zou het hen sieren als ze een grondige analyse maken van wat hem verweten wordt en wat hem echt te verwijten valt.

Neem nu de klacht dat hij spelers toestaat om à la carte wedstrijden met de nationale ploeg eruit te pikken, in functie van hun conditionele staat. Toen hij dat de eerste keer niet toestond (herinner u Thibaut Courtois) kreeg hij eerst lof en nadien na een mindere wedstrijd het verwijt dat hij met zijn grote trainersego voor de beste doelman ter wereld geen uitzondering kon maken. Nu hij daarvan heeft geleerd en om een goede reden (en niet om een gril) voor een andere topper wel een oogje dichtknijpt, is het ook niet goed.

Neen, de resultaten waren in 2024 niet wat men ervan had verwacht. Te snel naar huis op het Europese kampioenschap (achtste finale eruit tegen Frankrijk na slecht voetbal in de poules) en derde na Frankrijk en Italië in een zware groep van de Nations League. Die Nations League, daarvan werd met instemming van de inmiddels bedankte technische directie beslist dat die zou dienen om te experimenteren en door te selecteren.

Dat de sfeer rond de nationale ploeg niet meer dezelfde is, dat het allemaal wat minder luxe is dan onder het vorige bewind, dat de spelers dat voelen, dat klopt ook. Maar kun je dat de bondscoach verwijten?

Een groep die door een te late verjonging zoekend is naar evenwicht voor haar tegenstrijdige belangen, het management dat hem aanstelde verdwenen, een bond die moet besparen waardoor de vijfsterrenomkadering deels verdween en – ook dat nog – sportieve pech, zo is Tedesco ongemerkt in een perfecte storm terechtgekomen. Het zou de raad van bestuur sieren als ze daar doorheen kijken.

Column City-soap, afl. 538 in De Morgen van zaterdag 23 november 2024

City-soap, afl. 538

Apivotal day. Dat was het gisteren, volgens Engelse media: een cruciale dag, in casu hier in het Engels voetbal en bij uitbreiding in het wereldvoetbal.

Er stond niks over bij ons in de kranten, maar dat moet u niet verbazen. Wel dat we de tegenstanders van de Rode Duivels gisteren gingen kennen in die onzincompetitie Nations League die misschien de kop zal kosten van de jonge Belgische bondscoach.

Ook op de één van de sport en meer terecht dan die loting (het werd Oekraïne), de vaststelling dat de live-uitzendrechten voor de Jupiler Pro League minder dreigen op te brengen dan gehoopt. Dat is hier al een tijdje geleden geschreven en zo moeilijk was die voorspelling ook niet.

Als je vaststelt dat in de kleinere competities van de G5 de rechten al onder druk staan en zelfs dalen, dan kan je er vanop aan dat die ook niet zullen stijgen voor een kleinere achterafcompetitie die een nooit geziene talent drain heeft ondergaan.

Terug naar gisteren in Engeland. De twintig Premier League- teams zijn in een besloten vergadering samen gaan zitten om te discussiëren en uiteindelijk te stemmen over een verstrenging van de zogeheten APT-regel.

APT staat voor associated party transaction, een transactie met een aanverwante partij. Bedoeld wordt: geld dat komt van een aan de club verwante bron, meestal een sponsor of een bedrijf uit de entourage van de eigenaar(s).

Die APT-regels zijn specifiek voor het Engels voetbal, maar het principe dat financiële injecties in voetbalteams hun marktwaarde niet mogen overstijgen, is ook aanvaard door de UEFA in zijn zogeheten finan- cial sustainability regulations.

Om het op België te betrekken: Sam Baro bij Gent heeft ongetwijfeld betaald om de Ghelamco Arena om te dopen in de Planet Group Arena, maar dat mag geen bedrag zijn dat de marktwaarde van stadion naming in België overtreft. Stel: Baro heeft die waarde op 20 miljoen geschat en dat bedrag op de rekening van AA Gent gestort. De licentiecommissie had dat kunnen tegenhouden. Voor alle duidelijkheid: in Gent was/is dat niet aan de hand; bij andere clubs in andere centrumsteden of voorsteden van centrumsteden is dat iets minder duidelijk.

In Engeland draait alles rond de vraag of de Premier League die overdreven sponsorbedragen voor stadions en voor gewone sponsoring wel mag toetsen op hun marktconformiteit. Met andere woorden en om het wat concreet te houden: het fikse bedrag dat Etihad betaalt aan Manchester City voor de naamrechten van het stadion en als shirtsponsor, is dat sponsoring of zijn dat ook verdoken financiële injecties?

Wat zich gisteren op ‘pivotal Friday’ afspeelde, is aflevering 538 en maar één episode in een veel grotere en langlopende soap: hoe Manchester City met geld van Abu Dhabi zich in geen tijd een plek in de wereldtop van het voetbal wist te verwerven en de pogingen van eerst UEFA (mislukt) en nu de Premier League om City daarvoor te straffen.

Als u nu nog niet heeft afgehaakt, dan interesseert dit onderwerp u min of meer, en zal u wellicht al hebben gehoord van de 115 inbreuken die City heeft gepleegd op de financiële regels van de Premier League. De uitspraak in die zaak is voor begin volgend jaar, voor de seizoensfinale van de soap die nu al meer dan vijf jaar loopt. De APT-vergadering van gisteren staat daar los van. Het is die ene spannende aflevering waarin enkele hoofdrolspelers kleur bekennen.

Man City is tegen de APT-regels. Ze vinden dat sponsoring elk bedrag mag zijn wat de zot denkt dat het waard is. Zij krijgen de steun van Aston Villa. Dat is in handen van de rijkste Egyptenaar, Nassef Sawiris, en die vindt de juridische strijd van de Premier League kostenverslindend. Lees: ik wil ook weleens wat meer van mijn imperium van 9 miljard injecteren in mijn cluppie.

Nog op de hand van Man City: Newcastle, dat in handen is van het nationaal investeringsfonds van Saudi-Arabië en ook maar wat graag meer geld in de club wil pompen om naast Abu Dhabi aan de top van de voedselketen te staan. Die drie clubs met niet toevallig steenrijke eigenaars uit het Midden-Oosten die gewend zijn altijd hun zin te krijgen, worden haast zeker gesteund door Everton en Nottingham Forest. Die clubs kregen door die regel eerder al puntenaftrek door hun strot geduwd.

Dat maakt vijf en er zijn zeven neen-stemmers nodig om de zaak te doen kantelen. Blijven over en niet duidelijk wat zij zullen beslissen: Chelsea, in handen van Amerikanen, en Wolverhampton, in handen van Chinezen. De keuze is simpel en zal voor een deel bepalen waar we met het Europees voetbal naartoe gaan: gaan we voor het rauwe kapitalisme of is een beetje financiële regulering op zijn plaats?

(Uiteindelijk heeft de rede het gehaald en City kreeg ongelijk. Slechts vier ploegen waren tegen de strenge APT-regels.)

Column ‘Boksen’ in De Morgen van maandag 18 november 2024

‘Boksen’

Als het kwaakt als een eend, waggelt als een eend, lijkt op een eend, dan heb je met een eend te maken hebt. Dat is een waarheid als een koe voor heel veel in het leven, maar niet voor boksen, zo is in de nacht van vrijdag op zaterdag nog maar eens bewezen.

Eerst en vooral, boksen is een aanfluiting van wat sport zou moeten zijn. Een sportieve strijd tussen twee mensen of teams of tegen tijd met respect voor de tegenstander, kan er niet in bestaan dat je hem knock-out tegen het canvas of bloedend door de touwen wil meppen.

Of ‘haar’ bloedend door de touwen wil meppen, want voor we het over de sportieve aanfluiting van de eeuw hebben, moeten we het misschien eerst even over de kamp tussen Katie Taylor en Amanda Serrano. U hoeft niet de hele kamp op Netflix terug te kijken, zoek gewoon op Taylor Serrano op het internet, klik op afbeeldingen en u zal het resultaat zien.

Een slachtpartij, dat is het geweest, geen andere woorden voor. Volgens kenners de beste kamp van de avond, maar nogmaals, als sport erin bestaat dat na de wedstrijd uit een onbekend aantal gaten in je lijf bloed gutst, sorry, neen.

De vrouwen hebben gebokst, dat moet je hen nageven en wie van bloedvergietend spektakel houdt, zal hebben genoten. De commentator op Netflix vond het Ali-Frazier-niveau. Het is te hopen dat beide dames alvast gezonder ouder worden dan Ali, die er al op zijn 54ste niet meer in slaagde om een hand te geven of twee zinnen na elkaar uit te spreken.

Ook Taylor-Serrano was een sportieve aanfluiting, maar dan vanwege het resultaat. Katie Taylor had uitgesloten moeten worden of minstens zwaarder bestraft voor kopstoten in de vierde en achtste ronde. Die eerste bezorgde Serrano meteen een Grand Canyon boven haar rechteroog.

Elke ronde werd die dichtgeplakt, maar Taylor zorgde er natuurlijk meteen voor dat die weer openging. Het bloed dat daardoor in Serrano’s oog terechtkwam, hinderde haar uitermate.

Los daarvan landde Serrano 324 slagen en Taylor 217. De uitslag? Unanieme jury vóór Taylor. Boksen is een door en door zieke, corrupte sport.

De ‘kamp’ tussen Jake Paul en Mike Tyson was daar ondanks een heel ander scenario ook een mooi voorbeeld van. Hoe kan je nu een 58-jarige ex-bokser in de ring zetten tegen een 27-jarige getrainde atleet? Hoe kan je een ex-sporter die ooit de beste van de wereld was maar daarna langs verschillende medische afgronden passeerde en die op een haar na miste, met een gerust gemoed in zo’n gevecht jagen, ook al brengt hem dat 20 miljoen dollar op?

Dat kan alleen als je zeker weet dat er geen ongelukken van komen. Zo echt als Taylor tegen Serrano was, zo fake was Tyson tegen Paul. Let wel, de eerste twee ronden zag het er nog een beetje echt uit. Toen zag je ook dat de jonge Tyson in twee minuten deze Jake Paul zo door de molen zou hebben gedraaid dat hij nooit nog in de buurt van een boksring had durven komen. Daarna werd het een komisch schijntoneel. Paul kreeg de fysieke bovenhand op Tyson, die zichzelf (naar verluidt) had klaargestoomd met anabole steroïden, maar daarbij was vergeten zijn uithouding te trainen, voor zover dat ook mogelijk was met die – ook dat nog – slechte knie en lage rugpijn.

Het mochten dan maar acht ronden van twee minuten zijn en geen twaalf of vijftien van drie minuten, boksen blijft een enorme fysieke totaalinspanning die alleen de allergrootste atleten tot een goed einde kunnen brengen. Dat einde was een sof: de langere, jongere Paul hield de kleinere, oudere Tyson makkelijk af, sloeg zelf af en toe eens, en won zodoende op punten. Halfweg was al gemorrel te horen, de laatste twee ronden werd dat boegeroep.

Neen, Jake Paul verdiende 40 miljoen dollar, maar heeft geen te beste beurt gemaakt. Vooral het boksen was de grote verliezer. Als de Amerikaanse boksscene met deze gearrangeerde kampen wilde tonen dat grote boksspektakels niet alleen in Saudi-Arabië plaatsvinden, is ze daar grandioos in mislukt. Dit was World Wrestling (catch) met vuisten.

Als boksen wilde bewijzen aan de wijde wereld dat het een topsport is die – onder welke vorm ook – op de Spelen van Los Angeles thuishoort, is het daar zeker grandioos in mislukt.

Volgend jaar beslist het Internationaal Olympisch Comité of boksen op het olympisch programma blijft. Olympisch boksen heeft op het eerste gezicht niks, maar bij nader inzien alles te maken met profboksen. Het is de wieg waarin de meeste profboksers ooit hebben gelegen.

Van een dilemma gesproken: neem boksen zijn olympische status af en de sport verdwijnt op termijn. Een goede zaak? Niet echt, want dan wordt dat vreselijke MMA de norm.