Column Zeepbel in De Morgen van donderdag 31 oktober 2025

Zeepbel

Het was geen te beste week voor het Belgische voetbal.

Ze begon met de blessure van Kevin De Bruyne. Het mag dan niet precies op dezelfde plek zijn als die reparatie van twee jaar geleden, niet doen alsof dat goed nieuws is. Een hamstring is als een binnenband: als je die één keer hebt geplakt, lijkt het wel alsof de gaatjes blijven komen. Dan gooi je die beter weg.

De Rode Duivels met of zonder De Bruyne, het is een wereld van verschil. Op voorwaarde dat de rest van de ploeg zijn leiderschap aanvaardt. Hoe dat bij zijn terugkeer in het voorjaar zal gaan, dat valt nog af te wachten. Er zijn er alvast een paar die hopen op een voornamere rol. Benieuwd hoe Rudi Garcia dat ziet. Een tip aan onze bondscoach: als het om verjonging gaat, moet een coach durven door te pakken en dit lijkt het moment.

Tweede slechte nieuws: de degradatie van de Red Flames in de Nations League. Degraderen betekent dat je daarna weer kunt promoveren, maar dat is de kwestie niet. Erger is het statusverlies – dat beetje status dat ze hadden – bij de volgende WK-kwalificatie.

Onze nationale vrouwenvoetbalselectie blijft een mysterie. Gepromoot en gehypet als geen ander nationaal team, dure uitzenduren mogen vullen, maar flauwe middelmaat als het op presteren aankomt.

Hét onheilsbericht van de week kwam niet van een voetbalveld, maar vanuit de kantoren rond het Belgische voetbal. Rechtenhouder DAZN zou op korte termijn weleens de stekker uit het Belgische voetbal kunnen trekken. Dat kopten verschillende media deze week, met een kundige, niet al te vrolijke analyse.

Dat onheil is op deze plek voorspeld, eerder dit jaar. Niet helemaal in die woorden, toegegeven. Toen DAZN 10 procent van de aandelen aan Surj Sports Investment verkocht, bleef dat onderbelicht. Surj SI is een filiaal van het PIF, zeg maar de economische schatkist van Saudi-Arabië.

Toen DAZN vervolgens hetzelfde bedrag neertelde om die verschrikkelijke FIFA Club World Cup uit te zenden, wist je al hoe laat het was. De Arabieren zijn aan zet. Het valt te verwachten dat Surj na 2026 de hoofdaandeelhouder van DAZN wordt.

Saudi-Arabië, dat de echte wereldbeker in 2034 organiseert, komt daarmee in het vaarwater van Qatar. Even uitleggen: DAZN (en Surj op de achtergrond) willen vanaf 2027 de Europese Champions League in hun portefeuille. Die tender voor 2027 tot en met 2031 is zopas uitgeschreven.

Wat heeft dat te maken met Qatar? Qatar en Saudi-Arabië gunnen elkaar het licht in de ogen niet, al komt de haat vooral van Saudi-Arabië. Qatar heeft een serieuze poot in het UEFA-huis en een puur Saudisch tv-consortium zou geen kans maken op de Champions League-rechten. Als minderheidsaandeelhouder (vooralsnog) zou zo’n deal wel passeren.

En wat heeft dat te maken met de Jupiler Pro League, de Belgische voetbalcompetitie? De inschatting bestaat erin dat DAZN financieel sterker wil staan door te besparen op de televisierechten voor nationale competities.

Ontspoord

In Frankrijk wilde DAZN het aangegane tv-contract heronderhandelen tot ze in april zelf de deur werden gewezen door de LFP, de Franse profliga. De situatie die zich voordoet in België is niet geheel te vergelijken met die in Frankrijk, maar de kern van de zaak is dezelfde: een bedrijf vindt dat het te veel heeft betaald voor iets dat het heeft gekocht en wil de prijs heronderhandelen.

In België komt DAZN niet uit de kosten omdat de telecomoperatoren als Proximus en Telenet de bedragen voor de sublicentie weigeren te betalen. De evolutie van Belgische voetbalrechten is sinds de komst van DAZN ontspoord. Ooit waren die de helft waard van de Nederlandse, maar onder het vorige contract plots het dubbele en dat voor een economische markt die maar half zoveel waard is.

Inmiddels wordt DAZN uitgespuwd door het voetbalbestel en de actie van minister van Consumentenzaken Rob Beenders, die het bedrijf wil beboeten voor foute verkoopsinfo, is daarbij koren op de molen.

Van een zeepbel mag je nu eenmaal verwachten dat ze ontploft. Misschien is dit het moment om eens en voor altijd dat nationale voetbal van een gezond economisch kader te voorzien. Op maat van dit land graag. Nu subsidies in de vorm van sociale lasten en belastingkortingen weer ter sprake komen, kan men misschien eerst naar het voetbal kijken.

Die sector krijgt jaarlijks 200 miljoen euro aan lastenverlagingen. Daarmee betalen ze de 750 voetballers van 1A gemiddeld anderhalve keer het salaris van de premier en zetten tegelijk een mensenhandel op die de voorbije tien jaar 847 miljoen heeft opgebracht.

Column De Ketting van Sir Bradley in De Morgen van maandag 27 oktober 2025

De Ketting van Sir Bradley

Aan de uitgeverijen: wilt u voortaan boeken die u als belangwekkend promoot uitbrengen in het begin van de week, hooguit in het midden, maar nooit aan het eind?

Als een mens – en een journalist is dat ook – aan het uitbollen is van weeral eens een zware week is het uitermate vervelend om op vrijdagavond laat nog een boek te moeten downloaden. Natuurlijk speelt fomo hier een centrale rol, maar het plan was niet om op zaterdag ten behoeve van dit stukje nog een heel boek te lezen, al is doorbladeren een betere omschrijving.

Aan de sportsterren: u hebt recht op één biografie. Misschien twee als u het waard bent om tussentijds te worden geboekstaafd. En in die biografieën, wilt u dan meteen alles op tafel gooien? Niet zoals Thomas Dekker, die in zijn eerste boek te weinig tot helemaal niks losliet en in zijn tweede boek veel te veel. Zich afrukkende ploegmaats, dat hoeft ook niet.

Randverzoekje meteen: gedraagt u zich eens een beetje meer tijdens en na uw carrière, probeer bijvoorbeeld eens wat evenwicht in te bouwen. Als het plegen van en later schrijven over uw uitspattingen de bedoeling is om ons een afkeer te laten krijgen van topsporters, dan bent u goed op weg.

We herhalen: hooguit twee biografieën dus en zeker geen vijf zoals van en over Bradley Wiggins, van wie ik The Chain vrijdag via Amazon aankocht. Prijs: 27 euro, en dat voor een e-versie. Eerder verschenen van hem al My Time, In Pursuit of Glory, My Hour en My Story. Nu dus The Chain.

Dé vraag: heeft hij iets nieuws te melden? Ja en neen, al heeft één Britse zelfverklaarde onderzoeksjournalist het wel over een explosieve onthulling. Dat gaat over de veelbesproken jiffy bag, het mysterieuze pakketje met medicatie dat ooit door Team Sky of British Cycling – die private entiteit en de staatsploeg liepen naadloos in elkaar over – zou zijn besteld. Door de Britse tabloids is dat retroactief onmiddellijk in verband gebracht met de Tour-overwinning van Wiggins in 2012.

Al die tijd ging het gerucht dat het zou gaan om een corticosteroïde, waar hij omwille van zijn seizoensallergie een attest voor had, maar er waren geen sporen terug te vinden van die bestelling, dus bleef het een flou verhaal. Nu zegt Wiggins dat het pakje niet voor hem was, maar dat hij bijna zeker weet dat het testosteronpleisters bevatte. Hij geeft ook niet aan voor wie het was bestemd, maar je kunt tussen de regels lezen dat hij denkt in de richting van de wielerbaanploeg, wellicht de sprinters.

Een andere onthulling zijn de details over zijn eerste trainer Stan Knight, die hem heeft misbruikt. De man is in 2003 overleden, de boulevardpers deed het af als verzinsels, maar na Wiggins’ getuigenis zijn nog andere slachtoffers op het voorplan getreden. Voor ‘Wiggo’ was dat het begin van wat hij de ketting (the chain) noemt van gebeurtenissen die zijn leven hebben gedefinieerd.

Vervolgens: de vertroebelde relatie met zijn vader Gary tot en met diens dood in januari 2008 in Australië. Het was moord, zegt Bradley, maar daar is geen bewijs voor. Vervolgens zijn Tour-overwinning in 2012 en de ook al troebele relatie met Chris Froome, recent bijgelegd.

Later zijn scheiding van zijn eerste en tweede vrouw en de relatie – ook even gebrouilleerd – met zijn kinderen. Ten slotte: zijn faillissement. Dat alles ten gevolge van massief cocaïnegebruik. “Ik snoof lijntjes op mijn olympische medailles.”

Zit er iets Belgisch aan zijn verhaal? Jawel. Gent en vooral later zijn liefde voor de Ghent Six Days en Het Kuipke, waar hij zijn pa terugzag, komen er vaak in voor. Een leuk detail is alvast dat hij aanvankelijk gewoon Belg was, want geboren in Gent. Vanaf zijn zesde werd hij Brit. We hebben een Tour-winnaar gemist, dat is het minpuntje van het verhaal, maar tegelijk zijn we gespaard gebleven van heel wat onnodig drama. Eén VDB volstaat.

De moeder van Wiggins zou hem tot Brit hebben genaturaliseerd omwille van de verplichte legerdienst die in ons land nog steeds geldig was. Maar, zo schrijft Wiggins in het boek, dat verhaal klopt niet, want ik heb later gehoord dat die legerdienst al in 1972 was afgeschaft. Wat dan ook weer niet klopt, want de Belgische verplichte dienst is pas in 1992 opgeschort.

Opvallend is wel weer – na Jan Ullrich – de rol van Lance Armstrong. De verguisde superheld boekte hem een vlucht naar Colorado. Toen een dronken Wiggo daar wonder boven wonder was geraakt, nam Armstrong hem in huis en zette hem op een dieet van sport en gezond eten. Zo kwam hij weer boven water en is hij nu al anderhalf jaar zonder drugs of alcohol. Toch een lezenswaardig verhaal, zelfs op zaterdag.

Column Basketbalpussy’s in De Morgen van zaterdag 25 oktober 2025

Basketbalpussy’s

Er is in onze media veel en misschien net iets te veel te doen rond Toumani Camara en Ajay Mitchell, die in de Amerikaanse profbasketbalcompetitie NBA hun boterham verdienen. Een hele industriële bakkerij in het geval van Camara, die recent een contractverlenging tekende bij Portland Trail Blazers. In vier seizoenen zal hij omgerekend zo’n 70 miljoen euro verdienen.

Plus, alle beetjes tellen, nog eens de zogeheten per diem: 134 euro per dag dat ze on the road zijn en dat zijn al snel 120 dagen per jaar. Zakgeld als het ware, dat ze cash in een envelopje krijgen uitbetaald, telkens als ze verzamelen voor een sportieve uit-trip.

De veelverdieners weigeren dat envelopje op vaste basis en vragen om het geld te verdelen over de minder gefortuneerde stafleden of te schenken aan een goed doel. Als je zoals Stephen Curry 198 euro verdient per seconde dat je op het veld staat, kun je die per diem best missen. Collega’s die Camara en Mitchell ooit tegen het lijf lopen: toch maar even vragen welk goed doel zij met hun per diem een plezier doen. Of niet.

Het NBA-seizoen is dinsdagnacht van start gegaan met een nipte overwinning van regerend kampioen Oklahoma City Thunder tegen Houston Rockets. Mitchell stond een kwartier op het veld van de 58 minuten (inclusief twee overtimes) die de wedstrijd duurde en scoorde zestien punten.

Mitchell is tweede garnituur bij de kampioen. Hij heeft een contract van drie jaar voor in totaal 7,5 miljoen euro, waarvan ‘slechts’ 5 miljoen is gegarandeerd. Camara heeft al meer naam gemaakt, maar speelt dan weer voor een team dat normaal geen enkele kans maakt op de play-offs. Mitchell verdient een tiende van wat Camara in één jaar betaald zal krijgen, maar heeft wel al een mooie kampioenschapsring. Wie herinnert zich nog dat hij in de beslissende zevende wedstrijd maar 32 seconden op het veld stond?

Het grote nieuws in de VS bij de start van het basketbalseizoen is natuurlijk de comeback van Michael Jordan in de NBA. Niet als speler: been there, done that, the best ever. Ook niet als eigenaar: twee keer geen groot succes, maar toch met winst verkocht. Wel als zogeheten pundit, al doet de definitie van pundit, zijnde ‘een autoriteit met recht van spreken’ hem niet helemaal recht aan.

Jordan die voor NBC geregeld zijn diepere inzichten zal verkondigen, dat is de gezamenlijke comeback van het orakel van Delphi en de goden Apollo en Zeus. ‘MJ: Insights to Excellence’, zo heet zijn bijdrage aan NBC, dat 23 jaar wegbleef uit de NBA en met Jordan een publiekstrekker van formaat heeft weten te strikken.

Niemand die verwacht dat Jordan op een koude winteravond een blazer zal aantrekken om bij een topwedstrijd ergens in het besneeuwde Midden-Westen tijdens de rust aan de rand van het veld met een spot op zijn gezicht zijn hoogstpersoonlijk licht te laten schijnen op het vertoon. Zijn eerste optreden dinsdagnacht was dan ook een drie minuten durend vrijblijvend gesprekje bij hem thuis. Voor de mediacritici de aanleiding om zijn optreden als magertjes te kwalificeren.

Dat Jordan bij latere gelegenheden ferm uit de hoek zal komen, laat daar geen twijfel over bestaan. Nu aan zijn nalatenschap wordt gemorreld en de Insta- en TikTok-generaties zonder historisch besef aan zijn GOAT-status twijfelen, alleen omdat opa LeBron James maar van geen wijken wil weten, is het tijd voor Jordan om wat puntjes op de i te zetten. Zo had hij het over die magische pil die hij zou willen om tegen de generatie van vandaag nog competitief te zijn.

De generatie van vandaag, wat is dat toch met die gasten? Recent vanop de fiets (Zwift) The Starting Five, seizoen twee beginnen te kijken. Tyrese Haliburton, Jaylen Brown, Kevin Durant, James Harden en Shai Gilgious-Alexander (SGA voor de vrienden) spelen de hoofdrollen. De eerste drie afleveringen hebben weinig om het lijf.

Aflevering twee ‘Love and Basketball’ gaat zowaar over – hoe raadt u het? – de liefde, waarbij de pas verworven vriendin van Harden uitlegt hoe ze hard to get heeft gespeeld maar dan toch viel voor zijn charme. Of was het toch zijn geld? Aflevering vier zal gaan over de rol van hun moeders in hun leven.

SGA, een Canadees nota bene, mag door zijn garderobe, rare bandana en die cornrows (bij drie van de vijf hoofdrolspelers te zien) op een bendeleider lijken, voorlopig boeien die basketbalpussy’s niet, Netflix. Alle hoop rust bij Zijne Genade om ons in drie minuten uit te leggen wat er nodig is om te winnen: een kort geschoren kopje en meedogenloosheid.

Column Ego/geopolitiek (bis) in De Morgen van maandag 20 oktober 2025

Ego/geopolitiek (bis)

(INMIDDELS DOOR DE FEITEN JAMMER GENOEG ACHTERHAALD)

Binnen de beperkte ruimte die andere sporten dan voetbal en wielrennen wordt toebedeeld in onze media, tenzij die atletiekvaudeville in het Vlaams Parlement, is de voorbije week belangwekkend internationaal sportnieuws onderbelicht gebleven. Het wereldkampioenschap artistieke gymnastiek, dat gisteren van start ging, mist Israël als deelnemend land, omdat organisator Indonesië besloot geen visa toe te kennen aan de Israëlische ploeg.

Dat is nogal wat. In olympische middens wordt van een splinterbom gesproken. Israël wilde met zes gymnasten en een setje omkaderend personeel afreizen, onder wie de olympische gouden en zilveren medaille Artem Dolgopyat.

Op deze plek werd vorige maand nog gepleit voor een boycot van Israël in de internationale sport, maar dat was toen Gaza nog volop werd gebombardeerd. Hoewel het daar nog steeds geen feest is, lijkt het politieke kader rond het Gaza-conflict aan het bewegen. Een boycot van de Israëliërs was daarom niet meer aan de orde en zet alleen maar meer kwaad bloed.

Die ging voor alle duidelijkheid niet uit van de internationale gymbond FIG. Het was het organiserende land Indonesië, een moslimland dat Israel nooit heeft erkend, dat de FIG voor een voldongen feit plaatste. Israël probeerde via het Hof van Arbitrage voor de Sport in Lausanne alsnog de visa af te dwingen, maar dat achtte zich onbevoegd omdat niet een sportbond maar een land de boycot had uitgesproken.

Iedereen in de internationale sportwereld is het erover eens dat dit scenario te allen tijde moet worden vermeden. Voor je het weet is het de organisator of het gastland dat bepaalt wie mag deelnemen op grote kampioenschappen.

Neem nu het WK voetbal van volgend jaar. Iran heeft zich als dertiende land al een tijdje geleden geplaatst voor de wereldbeker in Noord-Amerika en zal wellicht enkele wedstrijden in de VS moeten spelen. Als Donald Trump het op zijn heupen krijgt, kan hij zomaar visa weigeren voor dat deelnemende land.

Van de eenzijdige actie van het organiserende land Indonesië is door de Fédération Internationale de Gymnastique “akte genomen”, maar ook niet meer dan dat. Dat wordt meer dan een rimpel in de salons van de wereldsport. De voorzitter van de FIG heet Morinari Watanabe en die is sinds 2018 ook lid van het Internationaal Olympisch Comité.

Daar is men begrijpelijkerwijze niet blij met zijn slappe houding. Dat komt boven op de niet al te beste indruk die hij had gemaakt met zijn kandidatuur voor het IOC-voorzitterschap. Hij schraagde die met een waanzinnig voorstel om de Spelen simultaan op de vijf continenten te laten plaatsvinden. Een luizige vier stemmetjes heeft hij daarvoor gekregen.

Wat de gevolgen zijn voor Indonesië is niet helemaal duidelijk, maar een internationale sportbond moet nu toch twee keer nadenken voor ze daar nog eens aankloppen. Bij uitbreiding geldt dat voor elke kandidatuur komend van een moslimland. In 1962 weigerde Indonesië al eens Israël voor de Aziatische Spelen (toen Israël nog bij Azië hoorde) en werd vervolgens zelf uitgesloten van de Spelen van Tokio 1964. In 2023 verloor Indonesië het WK voetbal voor de U20 omdat de gouverneur van Bali geen Israëlisch team op zijn eiland duldde.

Een internationale sportbond heeft tegenwoordig best iemand op de payroll die de internationale ontwikkelingen volgt. De sportbonden zouden zich ook best aan elkaar vastklinken en hun houding ten aanzien van conflicten op elkaar afstemmen. Daar ligt een taak voor het Internationaal Olympisch Comité en zijn nieuwe voorzitter Kirsty Coventry.

Zij was nog maar net aangetreden of de Braziliaan Andrew Parsons, net als Watanabe een IOC-lid, besloot met zijn Internationaal Paralympisch Comité de schrapping van Rusland en Wit-Rusland als team ongedaan te maken. Door die beslissing zullen die twee landen – in 2022 geschorst na de inval in Oekraïne en later als neutrale atleten toegelaten – voortaan weer net als vroeger in hun kleuren, met hun hymne en hun vlag mogen paraderen.

De Paralympische Winterspelen vinden begin 2026 plaats in Milaan en Cortina d’Ampezzo, volgend op de ‘gewone’ Olympische Spelen, waarvoor de zes wintersportbonden voet bij stuk houden: alleen individuele neutrale atleten van die landen zijn toegelaten.

De actie van Parsons, die zijn laatste herverkiezing in Delhi in september van dit jaar op die manier veiligstelde, heeft meer dan één beweegreden. Tussen zijn IPC en het IOC botert het al een hele tijd niet meer.

Oekraïne kon er alvast niet om lachen. “Twee landen mogen straks op het wereldtoneel van de sport hun in bloed gedrenkte vlag heisen.” Geef hun eens ongelijk.

Column Ego/geopolitiek in De Morgen van 18 oktober 2025

Ego/geopolitiek

Het fait divers van de voorbije sportweek? Toch wel dat geen 24 uur na te hebben geshined in de wedstrijd tegen Wales onze Jérémy Doku is getrouwd met Shireen Raymond. Die mevrouw kennen we nog van aflevering twee van de Doku-docu.

In een voor een doorsneemens redelijk ontluisterende scène vroeg Doku ‘zijn’ Shireen ten huwelijk op een met rode slingers en hartjes aangekleed strand. In Dubai, of wat dacht u?

When two become one, zo heette die aflevering twee van vijf, en daarin kwamen we ook te weten dat voorhuwelijkse seks onbespreekbaar was voor beiden. Ze hadden voor de gelegenheid een kamer met twee aparte bedden gereserveerd. Het hotel dacht nog wel dat ze zich hadden vergist.

Maar neen, dus mogen we ervan uitgaan dat in de nacht van dinsdag op woensdag de Doku-Raymond-verbintenis is geconsumeerd, zoals dat heet. We hopen met zijn allen op een epiloog van de Doku-docu!

Maar hét feit van de voorbije sportweek was toch wel de aanwezigheid van de zonnekoning van het voetbal Gianni Infantino bij de ondertekening van het vredesakkoord tussen Israël en Hamas in Egypte. Nooit heeft een voorzitter van een sportbond zo hoog in aanzien gestaan bij politieke leiders.

Ik stond erop te kijken toen Ruslands nieuwe president Vladimir Poetin in 2001 de ook pas verkozen Jacques Rogge na zijn stand-up in het VRT-journaal liet oppikken door zo’n zwarte KGB-limousine. Rogge ging na 9/11 ook in het Witte Huis op bezoek bij George Bush. Ferm tegen zijn goesting, hem een beetje kennende.

Zijn opvolger Thomas Bach schurkte veel liever aan bij de groten der aarde; bij vredesgesprekken was hij evenwel nooit betrokken. Maar hoe zou Infantino’s voorganger Sepp Blatter zich voelen? Als er nu één was die op dat soort ontmoetingen kickte, dan wel hij.

En wat met Michel Platini? Als Blatter hem niet had meegenomen in zijn val in 2015, dan was hij vandaag allicht de FIFA-voorzitter en niet zijn toenmalige secretaris-generaal. ‘Platoche’ – ik ken zijn stamtafeltje in Bistrot de Nino aan de haven van Cassis en ik zie hem zo zitten – zal zich hebben verslikt in zijn cappuccino bij het zien van de foto’s van die Zwitserse biljartbal (zijn omschrijving van Infantino) aanschurkend bij Donald Trump in diens finest moment.

Het is al begonnen, maar vooral 2026 tot en met 2028 worden topjaren voor wie zich een beetje interesseert in de (ego/geo)politiek van de sport. Trump is daarbij een geschenk uit de hemel. Niet zeker of de ‘operationelen’ bij de wereldvoetbalbond FIFA en het Internationaal Olympisch Comité dat ook zo zien.

Het WK voetbal wordt ook in Mexico (in drie steden) en Canada (twee steden) gespeeld, maar de VS hebben elf speelsteden. Behalve twee achtste finales worden alle wedstrijden vanaf de round of 16 in de VS gespeeld.

Opmerkelijk hoe de belangrijkste wedstrijden mooi zijn verdeeld over steden met een Republikein als burgemeester en die met een Democraat. De finale gaat evenwel door in New York, maar technisch gezien is dat Newark (New Jersey), waar de Democraat Ras Baraka burgemeester is.

Voorlopig, want als het van Trump afhangt zal er nog wat veranderen als sommige burgemeesters hun zaakjes niet op orde krijgen. Hij dreigde er al mee Boston zijn zeven wedstrijden in het Gillette Stadium af te nemen omdat burgemeester Michelle Wu het niet eens is met zijn aanpak van migranten in haar stad.

“Ik weet dat de wedstrijden uitverkocht zijn, maar je burgemeester is niet goed. Als ik denk dat de omstandigheden niet veilig zijn, dan zou ik Gianni – who’s phenomenal – kunnen bellen en zeggen: ‘Laten we naar een andere plek gaan.’ En dat zou hij doen.”

Reken maar dat ze van nu tot het begin van het toernooi in Zürich en daarbuiten peentjes zullen zweten om de onberekenbaarheid van Trump en zijn slippendrager, hun eigen baas.

Die laatste verwijzing naar Boston deed Trump tijdens een bezoek van zijn Argentijnse spitsbroeder Javier Milei, bekend van de kettingzaag. Zijn harde toon zou daarmee te maken kunnen hebben. Dat hij in één moeite ermee dreigde Los Angeles de Olympische Spelen af te nemen, zal dan weer in Lausanne op wenkbrauwgefrons zijn onthaald.

Ook en niet het minst in L.A., waar ze enkele uren eerder victorie kraaiden omwille van de 12 miljard dollar boost die de economie zou krijgen van de Spelen. “Het zal wat lastiger zijn om the Olympics te verhuizen,” schatte Trump het goed in, “maar als hij vervelend blijft doen (gouverneur Gavin Newsom, HV), zijn stad niet op orde krijgt en het daar te onveilig wordt, zal het moeten.”

Never a dull moment, van nu tot juli 2028, beloofd.

Column Remco RIP in De Morgen van maandag 13 oktober 2025

Remco RIP

Remco Evenepoel heeft zaterdag zijn laatste koers in dienst van Soudal-QuickStep gereden. Hij kan met zijn pas afgestudeerde Oumi een welverdiende vakantie nemen en hopelijk op reis gaan. Zeven jaar heeft hij voor de ploeg(en) van Lefevere gereden.

Zeven! Het is alsof hij er gisteren kwam aanwaaien. Die zeven seizoenen leverden in 2019 een eerste grote overwinning in de Clásica San Sebastián op, gevolgd door twee monumenten – twee keer Luik-Bastenaken-Luik – en één grote ronde, de Vuelta. Daarnaast veel kleinere rondes en Belgische, Europese en wereldtitels op de weg en in het tijdrijden, en dubbel olympisch goud.

Ogenschijnlijk verloopt de scheiding ordentelijk en berusten alle partijen in de royaal afgekochte vrede. De toekomst zal het uitwijzen of het Remco RIP wordt. Oud zeer is er zeker. Niemand is vergeten hoe drie jaar geleden pa Evenepoel al een rondje liep langs enkele koersprominenten met de vraag voor welke ploeg zijn zoon zou moeten rijden om de Tour te winnen.

Dat was in augustus 2022. Een maand later werd Remco Evenepoel wereldkampioen in Wollongong, waar hij in de aanloop naar de wedstrijd luidop piekerde dat hij van ploeg moest veranderen. Dat het nog drie jaar duurde voor Red Bull-Bora-Hansgrohe hem kon losweken uit Wevelgem, daar is maar één uitleg voor: de gewezen boekhouder Lefevere weet hoe hij een contract moet betonneren.

Het WK van Wollongong, waar favoriet Mathieu van der Poel haast in de cel belandde, is vooralsnog de enige wedstrijd die Evenepoel won en waarin ook ene Tadej Pogacar meereed. De Sloveen werd er zeventiende in het peloton dat op 2:21 van de Belg over de streep rolde. “Saaie wedstrijd op een saai parcours”, foeterde Pogacar laatst nog.

Er was nog één wedstrijd waarin Evenepoel won mét Pogacar aan de start. Dat was Luik-Bastenaken-Luik in 2023. Alleen reed de Sloveen toen niet uit omdat hij vroeg in de wedstrijd in een put reed, viel en daarbij zijn hand brak.

Zaterdag zei Evenepoel dat zijn palmares er nog mooier zou uitzien als er geen Pogacar was. Er zo maar vanuit gaan dat tweede plaatsen zonder Pogacar eerste plaatsen zouden zijn geworden, is kort door de bocht.

Evenepoels winstkansen zouden zonder Pogacar zijn gestegen, maar de wedstrijden zouden ook anders zijn verlopen, wellicht veel opener en minder voorspelbaar. Niet zeker of de – excuseer – chaoot Evenepoel genoeg koersslim geweest zou zijn om die naar zijn hand te zetten. Het omgekeerde is wel zo goed als zeker: Evenepoel heeft zijn mooiste koersen gewonnen omdat Pogacar niet meereed, zoals bijvoorbeeld op de Olympische Spelen.

Evenepoel verlaat ook zijn trainer Koen Pelgrim die hem zeven jaar schema’s stuurde en hem bracht waar hij nu staat. Hij rekent op zijn nieuwe trainer Dan Lorang om de kloof met Pogacar te dichten. Dat is geen geschenk voor de 45-jarige Luxemburger.

Er is meer dan één kloof, waarover hebben we het? Die in het groterondewerk? Vergeet het. Dat is geen kloof, maar een ravijn. Die in het klassieke werk? Die is kleiner, maar of die zomaar te overbruggen is en of je dat wel moet willen, daar zullen de specialisten het nooit over eens geraken.

Trainingsleer is complex, maar het is ook geen combinatie van raketwetenschap en hersenchirurgie. Wat die trainers doen, is ongeveer hetzelfde. Ze testen de atleet op zijn verschillende drempelwaarden en stellen op basis daarvan trainingsschema’s op in functie van de doelen.

Wat heeft Remco Evenepoel niet, dat Tadej Pogacar wel heeft, behalve dat gigantische verschil in mentale sterkte en rust? Het is duidelijk dat hij minder lang zijn hoogste wattages kan trappen. Toen zaterdag in ‘Lombardije’ Jay Vine op kop begon te sleuren, reed Evenepoel al met zijn shirt open. Hij deed nog wel even alsof het hem niet veel deed door ostentatief zijn bril op zijn helm te zetten, maar zijn mimiek was toen al die van een vis die het droge zag aankomen.Toen Vine met een elleboog zijn baas aanmaande om er een lap op te geven en zelf aan de kant ging, gaf Remco Evenepoel geen krimp. Hij reed gewoon door, deed alsof hij niks had gezien en Pogacar niet meetelde.Ik wens de trainer succes die met Evenepoel aan de slag gaat om die kloof dicht te rijden. De ‘conditie’, om een onwetenschappelijke term te gebruiken, bestaat niet. Er zijn meerdere ‘condities’ en die zijn communicerende vaten. Breng je de ene op een hoger niveau, dan gaat dat meestal ten koste van de andere.

Evenepoel staat op een kruispunt in zijn carrière: hij wil ergens nóg beter in worden, zonder ergens anders slechter in te worden. Als dat verkeerd wordt aangepakt, is hij terug naar af.

Column Topsportmodel in De Morgen van zaterdag 11 oktober 2025

Topsportmodel

‘Remco had moeten aanvallen voor afdaling’: ChatGPT komt met 5 strategieën hoe Evenepoel Pogacar had kunnen verslaan.’

Dat was de kop boven een ‘artikel’ op de site van Sporza. Op Sporza verschijnt inmiddels meer van dit soort onzin dan content die in de buurt komt van journalistiek. Een ex-journalist zette het op X met de melding ‘journalistiek is dood’. Ik heb dat geretweet met daarboven ‘de sportjournalistiek is dat al een tijdje’.

Geen deelgebied in de journalistiek is zo vergeven van foute aannames, cirkelredeneringen en vooral van de herkauwde platitudes. U kent ze wel: de bal is rond, de koers moet altijd worden gereden en Club heeft een keepersprobleem. De lijst is oneindig.

Van dezelfde orde is het zinnetje dat u de laatste weken vast wel heeft meegekregen in de marge van de atletiekaffaires: de atleet moet centraal staan.

Ik weet waar dat zinnetje vandaan komt: uit de koker van iemand van het Belgisch Olympisch en Interfederaal Comité. De bedoeling van die boutade was het BOIC tegenover de sportbonden positioneren als atleetgericht. Dat de topsportdirecteur van het BOIC recent zelf een klacht indiende in de zaak-Maudens (zie verder) past in die perceptiepolitiek.

Uiteraard draait alles in de topsport om presteren door de topsporters. Of die atleten, dan wel de atleet, centraal moeten staan, waarmee wordt bedoeld dat zij de norm zijn om een sportbeleid uit te tekenen? Meestal geen goed idee.

Vanuit de optiek van de atleet is ‘de atleet centraal’ in een individuele sport vaak een vrijgeleide om een goed gesubsidieerd, veilig nestje te bouwen, ver van alle bemoeienissen, met niet al te veel verplichtingen en vooral zo weinig mogelijk afrekenmomenten. Dat is lange tijd het Belgische model geweest, uit gemakzucht extreem toegepast in Franstalig België, iets minder in Vlaanderen. Aan de oorsprong ligt gebrek aan beleid en aan visie op wat een goed topsportmodel moet zijn.

Wat als nu eens het model centraal zou staan? Een model dat voor zo veel mogelijk atleten voor zo goed mogelijke voorwaarden zorgt, waardoor die kunnen excelleren.

Een goed topsportmodel begint bij de prospectie: waar gaan we talenten zoeken? Vervolgens komt de detectie: hoe herken je talent? Daarna de selectie: wie wil zich inschrijven in een verder traject?

Nu begint het echte werk: de protectie of de bescherming van het talent. Dat wordt omkaderd door een multidisciplinaire groep van specialisten die fungeren als bumpers zodat het talent on track blijft.

Trainen is dan weer een zaak van evenwichten: hoeveel en hoe, aangepast aan het individu, dat in deze wel centraal moet staan. België is China niet, waar het principe van de mand met de eieren geldt. China onderwerpt zijn bodemloze talentpool aan extreme programma’s waarvan ze weten dat ze leiden tot olympische podia. Of: gooi een mand met eieren tegen de muur en het ei dat niet breekt, daarmee gaan we door.

Wij in ons kikkerlandje kunnen ons dat niet permitteren en moeten elk talent koesteren, rekening houdend met zijn of haar specifieke vaardigheden, maar dat is niet hetzelfde als eieren leggen onder elk talent met een gril. Voor dat alles is een min of meer centrale topinfrastructuur nodig, aangepast aan de steeds veranderende hoge eisen van de topsport.

Een echt topsportmodel daagt het talent uit om zich te engageren in een traject dat moet leiden (zou moeten leiden) tot excellentie. Een goed sportmodel werkt voorwaardenscheppend. Het zorgt met andere woorden voor alle voorwaarden om aan topsport te doen en neemt alle excuses weg waarachter een talent zich zou kunnen verschuilen om niet te presteren.

Aan dat ideale topsportmodel moest ik denken bij de onzin die in de marge van Thiam-gate door de media als papegaaien werd herhaald. “De atleet moet centraal staan.” Oké, maar dat is nog wat anders dan een atleet die haar/zijn zin mag doen, zich nergens iets van moet aantrekken en niet wil opgaan in een groter geheel.

Aan het ideale topsportmodel moest ik ook denken bij Hanne Maudens. Los van haar al of niet gelijk is haar timing wel heel opportunistisch. De achterliggende bedoeling is gebruikmakend van Thiam-gate samen de atletiekstructuren aanvallen, gaf Maudens zelf toe. Of de advocatenclub van meester Walter at work.

Als wat Maudens zegt ook effectief is gebeurd – zullen we dat ooit weten? – is dat het gevolg van een een-op-eenrelatie tussen atleet en trainer, waarbij de trainer ook kine was. In een centraal topsportmodel met sociale controle en een interdisciplinair omkaderend team waren al lang de alarmbellen afgegaan. Een beter argument voor een gecentraliseerd model is te niet te vinden.

Column vier (!) over Thiamgate in De Morgen van maandag 6 oktober 2025

De (wraak)godin Thiam

Het is officieel: atletiekgate is Thiam-gate geworden, een dossier met onzichtbare haken en ogen. We helpen u een handje.

Wat opviel in de weekendkranten was de gemakzucht van de redacties bij het knippen en plakken van het perscommuniqué. Ze kopieerden wat Nafi Thiam vertelde en namen haar cri de coeur ongenuanceerd over.

“Geïntimideerd en gepest”, heette het in de ene sportkrant. “Thiam dringt aan op ontslagen”, in de andere sportkrant. In het enige commentaar in nog een andere krant stond dat de atletiekbond het niet meer kan winnen van Thiam.

Ook daar aannames, recht uit het persbericht van Thiam. Zoals: niet het welzijn van de atleten, maar de eigen commerciële belangen staan centraal. Het welzijn van de atleet was hoegenaamd niet geschonden. De veelbesproken gedragscode bepaalde dat atleten de duur van het WK niet met hun eigen sponsors mochten pronken.

Geen buitensporige eis. Kevin De Bruyne liep ook niet met een pet van McDonald’s rond bij interlands. Bij de nationale ploeg ga je op in een groter geheel en daar horen sluitende afspraken bij.

Volgens Thiam was ze slachtoffer van toxisch leiderschap. Jeetje. Het verwondert dat ze er twee weken over hebben gedaan om het modewoordje in hun communicatie te gebruiken. Wat is het volgende? Intersectionaliteit? Zwarte vrouw, belaagd door witte cis-man? Of is hier het diversiteits-, gelijkheids- en inclusieprincipe geschonden? Jawel, maar dan eerder van de kant van Thiam.

De crux van de deze saga? Wanneer hebben Thiam en haar management voor het eerst die gedragscode gezien? Volgens de Franstalige LBFA was dat in mei, maar kwam er geen reactie. Het kamp-Thiam zegt dat ze pas vijf dagen voor afreis naar het WK van de code te horen kregen. Wie liegt?

Het al of niet ondertekenen van de code was/is alvast een zaak tussen Thiam en de LBFA. Hoe dat dan in een Vlaams schuifje belandde? De afwezigheid van daadkracht van de LBFA leidde tot ergernis bij de Vlaamse bond en meer in het bijzonder bij teamleider Rutger Smith. Vandaar ook de mail: laten we een voorbeeld stellen en haar niet inschrijven. Wat niet gebeurde.

Thiam was in Tokio, Smith niet. Haar prestatie was die van een atlete op retour. De eerste drie nummers lagen in de lijn van haar eerdere vorm: middelmaat, met een kans op brons. Nummer vier, de 200 meter, ging compleet de mist in. Nochtans is dat – starten, bochtje lopen en stukje rechtdoor – mentaal en technisch het minst complexe nummer van de eerste dag. Ze werd laatste. Een dag later haalde ze amper de zandbak in het verspringen, gaf op en stak de schuld op anderen.

In weerwil van haar bewering is dit een communautair dossier. Geknoei van de Franstaligen wordt misbruikt om Vlaamse structuren aan te vallen. Kop van Jut is Smith, de man die is gevraagd om orde te scheppen in de subsidievretende atletiekbaronietjes. Die grijpen nu Thiam-gate aan om hem ten val te brengen. Even terzijde, Smith is sinds zijn aantreden de teamleider van de succesvolste Belgische WK- en olympische delegaties.

Het moet vijftig jaar geleden zijn, van voor de communautarisering van sport, dat zo’n oekaze uit Franstalige hoek over de Belgische/Vlaamse sport werd uitgesproken. Atletiek Vlaanderen, hakken in het zand a.u.b..

Aan het perscommuniqué dat vrijdag werd verstuurd, zit misschien nog een ander haakje, wél Vlaams en nagenoeg onzichtbaar. In dat communiqué staat meer dan Thiam sinds 2016 in interviews opgeteld heeft gezegd. Iedereen die vijf minuten met Thiam in een mixed zone stond, weet dat dit communiqué niet uit haar koker komt.

Dit zijn de Van der Plaetsens aan het werk: Helena, een van haar managers, en haar broer Michael, Thiams coach na Tokio en ook haar vriend, zo raakte onlangs bekend. Op de achtergrond speelt voormalig atleet Thomas Van der Plaetsen ook een rol, al of niet gewild.

De Van der Plaetsens gaan door het leven als een hechte club – de Zuid-Afrikaanse sekte, hoor je weleens. Wie aan één van hen raakt, raakt aan de hele club. Dat Thomas Van der Plaetsen, toen 32, na jaren niks te hebben gepresteerd begin 2023 zijn topsportcontract zag stopgezet door Sport Vlaanderen, in samenspraak met Atletiek Vlaanderen (lees topsportcoördinator Smith), zit hem nog steeds hoog. Hij had het er onlangs nog over: dat hij was “buitengesmeten”.

Wordt de godin Thiam hier gebruikt als een Griekse furie om wraak te nemen? Het is sowieso straf wat ze proberen. Je enige topatleet maar half voorbereid op een kampioenschap krijgen om vervolgens het ontslag te vragen van niet-betrokkenen, hoe zeggen ze dat in het Frans… faut le faire?

Column Volgkaart in De Morgen van zaterdag 4 oktober 2025

Volgkaart

Het was in de herfst van 1998 dat wij bij Sport International Nederland besloten om de nieuwe politiek verantwoordelijke voor sport aan de tand te voelen. Geen sexy verhaal. Hoewel, de baas had een foto gezien van Margo Vliegenthart (net veertig geworden) en besloot zelf te gaan.

De baas was ik. Mevrouw Vliegenthart zei meteen: “Ik ben maar staatssecretaris. Volksgezondheid en Welzijn zijn mijn andere domeinen. Breedtesport hoort daar bijvoorbeeld onder. Topsport niet. De Tweede Kamer (het parlement, HV) houdt zich daar niet mee bezig. Dat is voor de specialisten, de sportbonden.”

Deze week werd in de commissie Cultuur, Jeugd, Sport en Media minister Annick De Ridder (N-VA) ondervraagd over de heisa in de atletiek. Kwam vooral aan bod: het minder goed presteren en vervolgens de opgave van Nafi Thiam op het WK atletiek.

Waarom het Vlaams Parlement zich buigt over de sores van de Franstalige Thiam en haar clubje, dat is op het eerste en ook op het tweede gezicht niet zo duidelijk.

Doe ons vervolgens een lol en kijk de samenstelling van de leden van de commissie erop na. Ja? Zeg nu wie van de eerbare verkozenen des volk u verdenkt van kennis van topsport. De vragenstellers waren Maurits Vande Reyde, Gwendolyn Rutten, Frederik Sioen en Bogdan Vanden Berghe.

Sioen is een wielertoerist die ooit op Meulestede (Gent) een parochianenkoers organiseerde en een ander lid van de commissie heb ik een keer in een skybox van een voetbalclub de hand gedrukt. Geen enkele van de commissieleden heeft ooit een millimeter in de topsport afgelegd, niet als deelnemer, bestuurder of waarnemer.

Wittgensteins ‘waarover men niet kan spreken, moet men zwijgen’ was in zijn meest letterlijke betekenis hier zeer op zijn plaats geweest. Dit is geen materie voor het Vlaams Parlement en al zeker niet voor een commissie met nul kennis van topsport.

Interventies als “Er is hier kristalhelder sprake van machtsmisbruik. Er kan blijkbaar één iemand ongegeneerd zeggen: laten we een voorbeeld stellen. Als u hen niet op het matje roept, dan zullen wij dat vanuit het parlement aansturen” worden misschien beschouwd als goed oppositie voeren, maar ze zijn naast de kwestie.

Topsport gedijt pas door sterke afspraken en het motto ‘zeggen wat we menen en menen wat we zeggen’. Als is afgesproken tussen de twee taalvleugels in de nationale bond dat elke atleet de gedragscode moet ondertekenen, dan is dreigen met een niet-selectie geen machtsmisbruik maar goed management. Als daar vervolgens door een van de partijen in de paritair-Belgische structuur op wordt teruggekomen, is dat derhalve slecht management.

Overigens was Thiam in Tokio en de man die haar zogezegd wilde tegenhouden was er niet. Als de eerbiedwaardige verkozenen des volks denken dat het juridisch-commercieel gehakketak een invloed heeft gehad op het presteren van Thiam, neen dus. Thiam heeft hopelijk nog één erg goede zevenkamp in zich en dat was niet bepaald in Tokio.

Er is van een bagatel een staatszaak gemaakt. Dat volkstheater van de commissie sport teruglezend, moest ik denken aan 27 jaar geleden en aan staatssecretaris Vliegenthart die zei dat de Tweede Kamer niet over topsport gaat.

Dat zou voor onze politici moeten gelden, ook voor de minister van Sport. Hopelijk weet die dat ze boven op een verzameling vervelende echte bevoegdheden de sluitpost sport heeft gekregen als een soort extraatje om makkelijk te scoren.

Mijn advies aan de minister: beperk u tot de photo ops. Bijvoorbeeld als in een centrum van Sport Vlaanderen (een dat niet sluit) een klink wordt vastgedraaid. Of desgevallend als een Vlaamse atleet de weg terug naar huis vindt, al of niet behangen met een medaille.

Atletiek-gate is een zaak voor de atletiekbonden en Sport Vlaanderen. Sport Vlaanderen, dat is een iva, een intern verzelfstandigd agentschap. Dat houdt in: operationele autonomie om beleid uit te voeren. Duidelijker kan niet: laat topsport over aan de specialisten.

Meegaan in de koppeling van de Thiam-miskleun aan het functioneren van topsportcoördinator Rutger Smith en diens plan om de technische werking van Atletiek Vlaanderen te optimaliseren via een gedeeltelijke centralisatie riekt naar cliëntelisme ten faveure van enkele gefrustreerde B-atleten.

Het gebruik van de termen ‘evaluatieoefening’ en ‘verbetertraject’ in verband met Atletiek Vlaanderen en haar topsportcoördinator is betuttelend en doet denken aan het verslag van een klassenraad. “Rutger is stout geweest, heeft veel punten verloren op zijn gedragskaart en krijgt nu een volgkaart.” Als ik Smith was, ik zou het wel weten.

Column Björn Borg in De Morgen van maandag 29 september 2025

Björn Borg

Het was een bloedhete zondag 5 juli 1980. Onze vrienden Yani en Eric waren getrouwd en gaven een feestje. Het was een gemengd gezelschap waarvan de meesten in de Kikvorsstraat in Gent woonden, wij in de Orion, Yani en Eric in de Milenka. Die laatste is de woontoren waar recent een sociaal werker van het OCMW werd vermoord. Toen was een sociale woonwijk nog heel gewoon een sociale woonwijk, een opstap in de maatschappij. 

Yani had het meeste van de hapjes gemaakt en dat was de beste reden om alsnog te gaan. Yani was van Indonesische afkomst en kon heerlijk koken. Maar die zondag was het ook de finale van Wimbledon. Met John McEnroe en Björn Borg tegenover elkaar kondigde die zich als historisch aan. Een onderschatting.

Dit kwam allemaal terug bij het doorbladeren van Heartbeats, de autobiografie van Björn Borg. Die verscheen op 18 september en een dag later stond ze op de Kindle.

Oei, wat was ik een Borgfan en wat haatte ik McEnroe, en Jimmy Connors en nadien ook alle andere Amerikanen zoals die vreselijke André Agassi – uitzondering gemaakt voor de onamerikaans bescheiden Pete Sampras.

Maar goed, we zijn 5 juli en er was dus dat feest in een ontmoetingscentrum in de buurt van het station, tegelijk met die fantastische Wimbledonfinale. Vandaag zou je stiekem via Sporza op de iPhone de livescores raadplegen. Eénmaal weer thuis zou je kunnen terugkijken.

Toen had je dat niet. Geen iPhone, geen tablet, geen lap top, alleen vaste lijnen, vaste tv-aansluitingen met een passe-partout aanbod voor de hele bevolking. De BRT zond de wedstrijd uit, ik denk dat Daniël Mortier het commentaar gaf. Het was live kijken of een dag later de gazet lezen.

We hebben live gekeken, ongeveer het hele gezelschap herinner ik mij, trouwers incluis en we waren allemaal op de hand van Borg. We deden het met een klein teeveetje en zaten rijen dik te staren naar wat later als the greatest tennis game ever zou worden gekwalificeerd. Nog later zou dat predikaat ook Nadal-Federer (Wimbledon 2008) en Alcaraz-Sinner (Parijs 2025) te beurt vallen.

Borg-McEnroe was speciaal omdat de vierde set werd gewonnen door McEnroe met 7-6 na een tiebreaker die eindigde op 18-16 voor de Amerikaan, nadat hij vijf wedstrijdballen had gered. 22 minuten had die ene heroïsche tie break geduurd.

Borg vertelt in zijn autobiografie hoe hij daar voor het eerst langs de rand van de afgrond passeerde, maar net niet de dieperik inging omdat hij er met een laatste krachtinspanning in slaagde om set vijf met 8-6 te winnen.

Een jaar later en een jaar ouder – 22 inmiddels – zou McEnroe diezelfde finale met 3-1 winnen van de toen 26-jarige Borg, gevolgd door de U.S. Open enkele maanden later. Met zes titels op het traagste speloppervlak (Roland Garros) en vijf op het snelste (Wimbledon) en nooit de U.S. Open gewonnen hoewel vier finales gehaald, zou Borg er de brui aan geven.

Verveeld, te rijk, te van alles, zo blijkt nu uit zijn biografie. Als u tot de jongere lezertjes van deze krant behoort, kan de prehistorie van de sport u misschien gestolen worden, maar ik kan u toch Heartbeats aanraden. Ten minste als u de valkuilen van de topsport op zijn rauwst wil lezen. 

Borg ging langs de afgrond, tuimelde diep, ging failliet, scheidde, zag zijn kinderen nauwelijks opgroeien, zat jarenlang aan de coke, moest verschillende keren afkicken…

Hij probeerde een come back. Die herinner ik mij ook en hij ging bij mij door merg en been. Geen enkele wedstrijd won hij en alleen al het beeld van die inmiddels 34-jarige blonde God met dat gedateerde houten racket, het deed zo’n pijn aan de ogen.

In de biografie legt hij uit dat de come back er kwam na een overdosis die hij ternauwernood overleefde. De sport die hem had groot gemaakt moest hem nu in leven houden, ver weg van coke en alcohol. In 1994 begon de senior tour en hij hernieuwde de vriendschap met alle sterren uit zijn tijd. In 2012 ben ik in Knokke gaan kijken naar Borg-McEnroe. In 2011 ging die niet door, Borg had een hamstringblessure. Een jaar later wel. Het was ouwemannentennis, maar wel genieten.

McEnroe heeft Borg uit zijn isolement gehaald, mee zijn leven gered als het ware en ze zijn nu vrienden voor het leven. Hun verhaal doet een beetje denken aan dat van Jan Ullrich en Lance Armstrong. De dag dat je grootste tegenstander bekent dat hij een heilige schrik had van jou, maar dat hij niet langer je ergste vijand is en je graag ziet en dat je op hem kan rekenen, die dag wist ook Borg, inmiddels geopereerd aan prostaatkanker, dat hij vrede kon hebben met wat was geweest.