Over de nieuwe motortjes in het peloton in De Morgen van maandag 18 april 2016

Nieuwe mechanische fraude?

Dat is wel heel kort door de bocht op wel heel dure wielen

 

Extraordinary accusations require extraordinary evidence. Dat zei een ooit heel groot renner en het is een beetje vreemd om hem hier te citeren, want uiteindelijk zijn die bewijzen tegen hem er wel gekomen. Lance Armstrong had daarom niet minder gelijk.

Gisteren heeft Stade 2 – meestal een redelijk geniaal, gevarieerd en inspirerend sportprogramma op France 2 – naar eigen zeggen bewezen dat de mechanische doping in het wielrennen een nieuw hoofdstuk aan het schrijven is en dat we er allemaal staan op te kijken als een koe op een trein. Tenminste, dat was de teaser.

Het programma begon met oude beelden en oude beschuldigingen: tegen Ryder Hesjedal van wie het achterwiel bleef draaien na een val (wat achteraf is gereconstrueerd en als perfect verklaarbaar bewezen), van Fabian Cancellara op de Muur toen hij in 2010 wegreed van Boonen (maar achteraf getimed niet sneller klom dan Gilbert en Devolder in de jaren voor hem) en ook tegen Chris Froome in de Tour van vorig jaar. Cédric Vasseur suggereerde toen dat de fiets van Froome op La Pierre Saint-Martin vanzelf reed en vroeg zich af hoe die in godsnaam die 110 omwentelingen kon volhouden. Vervolgens kwam een ex-topman van het Franse antidopingagentschap aan het woord die zei dat hij veel klachten had van renners over mechanische doping.

Ineens werden we naar de Strade Bianchi van dit jaar gebeamd. Daar zouden de makers van het programma een eigen detectiemethode uittesten. Ze filmden alle voorbijrijdende fietsen met een infraroodcamera en daaruit concludeerden ze met een ingenieur dat enkele fietsen verdachte heat maps vertoonden. De conclusie: waar het fietskader rood was, zou zich wrijving hebben kunnen voorgedaan ten gevolge van een eventueel aanwezig motortje. We zagen rood opgloeien in de zadelbuis. De hypothese dat daar de batterij voor de elektrische versnelling zit en dat die misschien de oorzaak was, kwam niet aan bod. Ook in de trapas en in de as van een achterwiel was opvallend veel wrijving te zien, maar daar ís ook opvallend veel wrijving bij fietsen die vooruit gaan.

Vervolgens toonden ze uit de Giro van vorig jaar beelden van Alberto Contador die een achterwiel kreeg van een maat en er dan in één ruk mee wegreed. Ze filmden daarna een mechanieker die rare dingen deed aan zijn polshorloge – verdacht aldus de makers – en vervolgens toonden ze de controles van de UCI. Daarvan beweerden ze dat het controleren van fietsen met een tablet die blijkbaar elektromagnetische golven zou detecteren, niet betrouwbaar zou zijn. Oké, point taken, maar geen wederwoord.

En toen ging het naar Boedapest, waar ene Stefano Varjas een motortje met een lithium-ionbatterij van twee op vijf centimeter toonde. Dat zou 250 watt aanleveren. Niemand die de opmerking maakte dat je daarmee de helft meer energie levert dan de concurrentie en omgerekend ongeveer een derde sneller zou rijden, wat vergelijkbaar is met de zondagfietser die moeiteloos een brug oprijdt in het wiel van de geoefende wielertoerist.

Aanvankelijk dacht je nog what the fuck!

Vandaag weet je beter en denk je what the fuck ;-).

Het werd nóg spannender. Varjas is ingenieur en had ook een wiel met batterijen in de hoge velg ingebouwd. Dat kon op afstand worden aangezet, met een iPhone vanuit de auto bijvoorbeeld. De volgende keer dat je een renner ziet overleggen met de ploegleider, waarna die renner ineens versnelt, weet dan maar zeker dat de ploegleider via een bluetooth-verbinding met zijn iPhone het wiel van zijn kopman heeft geactiveerd. Interessante theorie, ware het niet dat het wiel eerst een prototype zou zijn en vervolgens iets tussen 50.000 en 200.000 euro zou moeten kosten. Eén wiel zal wel volstaan, maar toch.

Allemaal leuk die samenzweringstheorieën maar het bleef vooral bij samenzwering en daarom hadden we nog wel een mooie afsluiter nodig. Ineens kwam de Hongaarse ingenieur met een in 1998 ontworpen motortje dat nu niet meer in zwang is omdat het 3,5 kilo weegt. Dat is de helft van een carbonfiets. Dat was pas een vondst, want het was op maat van renners met hele hoge trapfrequenties. En het was gebruikt! Waarop de animator – journalist is iets te veel eer, illusionist past misschien nog iets beter – besloot: “ik kan mij niet zo direct een renner voor de geest halen uit die periode, maar u vast wel en u moet maar reageren op de sociale media.” Voor wie onder een steen zat in die tijd: hij bedoelde Lance Armstrong.

De cirkel was rond.

Arm, arm wielrennen.

20160418_De-Morgen_p-27-mail

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s