
Vallen en opstaan
Wout van Aert zien we dit jaar niet meer op de weg. Wellicht nog wel eens, of meer dan eens, in zijn eerste speeltuin, het veld. Ook dat is niet zeker. Geen Europees kampioenschap en ook geen wereldkampioenschap op de weg noch op gravel voor Belgiës nummer twee. Een sof, in de eerste plaats voor de renner en voor de Belgische wielerliefhebber.
Wat de nummer één daar echt van denkt, is misschien niet wat hij erover zei. Enerzijds wordt Remco Evenepoel nu de enige kopman in de sowieso erg sterke nationale ploeg. Anderzijds mist hij de bliksemafleider Van Aert waar iedereen naar keek, waarna Evenepoel het zaakje kon afmaken. Te zijner verschoning, zijn wereldtitel in Australië kwam er na een ander scenario. Toen wist hij: ik moet hier zo snel mogelijk wegraken of we houden de boel gesloten voor Wout.
Het forfait van concurrent Van Aert is dus een mes dat aan twee kanten snijdt. Voor de Belgen is er duidelijkheid: allen voor Remco (of doen alsof). Voor de tegenstand is het makkelijk: laat de andere Belgen maar rijden en hou alleen die kleine met zijn grote mond in de gaten.
Of Van Aert klaar had kunnen zijn voor dat WK op de weg, dat weten alleen hij en zijn behandelende arts. Die hebben we niet gehoord. Wel ongeveer alle artsen die hem niet behandelen. Die zeggen dan ook: ik kan mij niet uitspreken over die specifieke blessure, maar… Gevolgd door een hele uitleg die elke vijfdejaars in de geneeskunde ook kan verzinnen. Een beter antwoord had kunnen zijn: u hoeft mij niet te bellen, ik heb ook maar gezien dat hij niet meer verder kon en dat hij bloedde. Hoezeer dat essentiële gewricht heeft geleden, daarvoor moet u in Herentals zijn. Wilt u het nummer?
Ervan uitgaand dat het EK te vroeg kwam, blijft de vraag: had Van Aert klaar kunnen zijn voor het WK op de weg? Dat weten we dus niet, maar dat deed er misschien niet meer toe. Wil hij wel klaar zijn om aan 95 procent bliksemafleider te spelen voor Evenepoel op een parcours waar hij het normaal zou moeten afleggen tegen de betere klimmers en waar hij nu met een inderhaast opgelapte knie helemaal kansloos is?
Hij kent het antwoord, maar het zou niet verbazen als hij die nacht in dat hotel in Spanje zijn gedachten al had geordend in de richting van een break. Een keertje je eigen verjaardag ongehinderd kunnen vieren met familie en vrienden, ook dat kun je meenemen in de overwegingen.
De val van dinsdag is door ooggetuigen omschreven als een rare val. “A bizarre crash”, zei Jay Vine. Waarmee hij tussen de regels aangaf dat die niet nodig was want het meest technische en gevaarlijke stuk van de afdaling was achter de rug. In hoever de Collada Llomeda in de Picos de Europa een voetnoot dan wel een heel hoofdstuk wordt in de Belgische wielergeschiedenis moet nog blijken.
Volgens de volgers van het peloton is het Van Aerts tiende val van het jaar. Die eerste twee zonder erg (in de cross in Benidorm over de balkjes en drie weken later in de Algarve in een monstercrash) zou je nog kunnen schrappen. Die andere acht, zit daar een patroon achter?
Of de olifant in de kamer: valt Van Aert niet te veel en vooral te snel? Met andere woorden: is hij te veel waaghals volgens zijn stuurkunsten? Aan zijn meer dan bovengemiddelde stuurkunsten moet niet worden getwijfeld, anders wint hij niet zoveel crossen. Maar goede stuurkunsten moeten in verhouding staan tot aanvaard risico en zijn collega Mathieu van der Poel gaat ook weleens onderuit op een plek en een manier waarvan je denkt: was dat nu nodig?
Het enige patroon dat je kunt herkennen in de meeste van die crashes is gretigheid. Neem de horrorcrash van 2019 in de Tour de France: slecht opgestelde hekken, dat wel, maar Van Aert draait als enige te kort de bocht in en blijft haperen, met een carrièrebedreigende blessure als gevolg.
Pech wordt dan gezegd, maar pech is vaak het fenomeen dat zich pas manifesteert als je zelf eerst de voorwaarden daartoe hebt gecreëerd. De val in het gootje van de Paterberg in de E3 Classic dit jaar: pech of eigen schuld dat je niet zit waar je moet zitten? Dwars door Vlaanderen: pech of te dicht op het wiel van Tiesj Benoot gereden? In de Tour dit jaar: te gretig in een bocht en vallen. Op de Olympische Spelen: te gretig in een bocht en vallen. Die laatste val: te dicht in de afdaling op Felix Engelhardt en zeer hard vallen. Einde seizoen.
Fysiek valt de blessure mee, zo wordt gemeld. De schade die de Collada Llomeda heeft aangericht tussen de oren van de renner die inmiddels beseft dat hij net iets meer valt dan normaal, dat is een ander probleem.








