Verhaal over de voetbalanalist in De Morgen van 21 maart 2015

Analyse van de voetbalanalist

De ene Jan is leuk, de andere Jan niet. Iedereen heeft wel een mening over de heren die ons verblijden met hun diepere en ook minder diepe voetbalinzichten. Sommige analisten worden zelfs bedreigd, maar ook onderling kunnen ze lang niet altijd door één deur.

Afgelopen woensdag was er Barcelona-Manchester City. Naar Camp Nou waren voor 2BE (VTM) Jan De Wyngaert en Tom Soetaers afgevaardigd. In de studio zaten Aad de Mos en Marc Degryse voor de analyses, gestuurd door Tom Coninx. Tegelijk was ook Proximus 11 in de ether met de andere wedstrijd Dortmund-Juventus. Daar lieten Wim De Coninck en gelegenheidsanalist Yves Vanderhaeghe hun licht schijnen over de gebeurtenissen.

“Champions League is leuk om te doen”, aldus De Coninck. “Als je wat zegt over een speler of een ploeg krijg je niet meteen alle shit over je heen.”

Behalve als je Tom Soetaers heet. Na 28 seconden tweette ene A.L.: ‘Tom Soetaers, aub val dood’.” Wim De Coninck weet dat je weinig analisten actief op Twitter zal vinden, Aad de Mos uitgezonderd. “Als je dat doet, vraag je om ellende. Het is zo al erg genoeg. Supporters vinden dat wie neutraal is of dat probeert te zijn, tegen hun club is. Ik heb ooit na een winnend doelpunt van Standard, waarbij ik in de tribune zat en commentaar gaf, een zware slag op het hoofd gekregen van een Standard-supporter. Dat geeft je toch te denken. Natuurlijk doe je daarna aan zelfcensuur; wie iets anders beweert, liegt.”

De Coninck is een ancien onder de lieden die verondersteld worden ons het hoe en waarom van het meest onvoorspelbare spel uit te leggen. Bij hem begon het zeventien jaar geleden omdat zijn hoofdtrainer bij Gent, Lei Clijsters, geen zin had om tijdens een wintertoernooi de indoormatch Cercle-Germinal Ekeren mee te becommentariëren. Hij stuurde zijn assistent naar Gui Polspoel van toen nog SuperSport. Polspoel protesteerde om zo veel dedain, maar was na afloop razend enthousiast over zijn sidekick en de onderbetaalde T2 van Gent had er een bijverdienste bij.

Ook de duizendpoot onder de analisten Marc Degryse (columnist/interviewer bij Het Laatste Nieuws en Foot Magazine, maar ook analist voor alle zenders behalve Proximus 11) debuteerde al in 2002. Hij is net als De Coninck meermaals fysiek belaagd. Degryse: “Op Standard kreeg ik een slag in mijn nek op weg naar mijn auto. En twee jaar geleden was ik weekendkrantjes gaan halen. Ik kwam op de fiets Club-hooligans tegen die de training waren gaan verstoren en ben moeten wegvluchten. Plezant is anders.”

Rik of zo

Ooit, beste lezertjes (m/v) was er alleen de voetbalcommentator en die was heilig. Hij heette Rik of zo, en als rond de 45ste minuut Rik of zo was uitgepraat, kregen we een kwartiertje Kunstzaken en konden we allemaal naar de ijskast of de wc. De voetbalcommentator wist alles en als hij echt Rik heette, wist hij méér dan alles, want dan bepaalde hij samen met de bondscoach de opstelling.

Geen sprake van dat hij zich door iemand zou laten bijstaan om de wedstrijd te analyseren. Niet vooraf of achteraf, en al helemaal niet tíjdens, want de echte voetbalcommentator doet het alleen, zoals op de VRT al jaar en dag een gewoonte is, nietwaar Frank Raes?

“Dat is niet mijn schuld of verdienste, zo u wil. Toen de commerciële zenders en later de betaalzenders kwamen, wilden ze zich onderscheiden door er een ‘colour commentator’ bij te zetten. Ik zou er nu niet meer aan wennen. Wij proberen journalist en analist in één persoon te verenigen. Bovendien, vaak zijn die duo’s toch niet goed op elkaar ingespeeld.”

Dé analist bestaat niet. Dezelfde persoon kan in in vele gedaantes komen: als cocommentator bij de wedstrijd, als colour commentator voor comic relief (een komisch moment zoals Boskamp, ‘Bossie met het lampie’), als gast aan een opzettafel naast het veld of achteraf met de nodige recul in de studio. In Extra Time op maandagavond bij de VRT vervellen journalisten tot analisten en dat is dan weer de VRT-voetbaldieren Filip Joos en Peter Vandenbempt op het lijf geschreven.

Een accent mag, maar minimale taalvaardigheid is een vereiste. Uitgezonderd Jan Boskamp, die als zijn Rotterdams niet toereikend is, of hij zijn gelijk niet krijgt, de halve studio ‘voor de harses’ slaat. Of doet alsof, want Bossie heeft een hart van koek en is misschien daarom erg geliefd bij vrouwen.

Een punt kunnen maken in tien seconden, helpt ook. “Kill your darlings: liever krachtig en onvolledig, dan volledig en langdradig”, aldus Wim De Coninck. “Controversieel is ook goed en het mag grappig zijn, krijg ik soms als raad mee, terwijl voetbal niet altijd grappig is en controverse soms goedkoop is.”

In slaap gevallen

Altijd is de analist een voetballer op rust of een trainer – ook op rust en vaak op zoek, maar dan naar een baan. “Geen goede uitgangspositie, hebben we geleerd”, zegt een programmamaker. “Trainers met ambitie hebben de neiging zichzelf in de markt te zetten. Dat is ook de kritiek op Aad de Mos (VTM), die zo graag nog eens een club zou hebben.”

Carl Huybrechts was namens de toenmalige BRT in 1982 de eerste om in het Nederlands taalgebied gebruik te maken van trainers of (oud)-spelers die de wedstrijd analyseerden in een omkaderend programma. Onder meer de revaliderende René Vandereycken, de net gestopte Arie Haan en de beginnende columnist Jan Mulder waren zijn gasten. “Mulder was toen al tegendraads”, zegt Huybrechts. “Iedereen vond de Brazilianen van 1982 zo goed. Hij zei dat ze ‘helemaal niet konden voetballen’.”

Het feest duurde niet lang. Na een heel saaie wedstrijd hadden Huybrechts en zijn studiogasten afgesproken om bij het signaal ‘terug naar de studio in Brussel’ te doen alsof ze in slaap waren gevallen. “De bazen konden er niet om lachen en we zijn toen tijdelijk afgevoerd, maar de kritieken waren goed en we zijn op dat elan doorgegaan.”

Alras volstond de analist en zijn analyse niet meer. Het moest met publiek in de achtergrond, liefst supporterend. De cijfers wezen uit dat vooral vrouwen de kleurrijke fans wel konden smaken. Na een tijdje ging ook dat vervelen en kwam naast de analist ook de occasionele BV zitten, niet altijd bovenmatig gehinderd door veel voetbalkennis maar wat gaf het?

Vooral in de omkaderingsprogramma’s van Mark Uytterhoeven verzopen de analyses in het amusement, maar de kijkcijfers schoten wel de hoogte in toen met het WK van 1990 schoorvoetend de eerste BV’s hun intrede deden.

De mix sérieux-amusement sloeg aan, en heel af en toe tegen. Voor zijn studioprogramma rond het WK van 2002 nodigde Carl Huybrechts ook Herman Brusselmans uit, een BV, maar in potentie evengoed een analist, want ooit een begaafde ex-voetballer van Lokeren. “De wedstrijden in Japan werden bij ons ’s ochtends om 11 uur uitgezonden en op heel wat scholen werden de lessen een uurtje geschorst. Toen ik Herman vroeg wat hij van de wedstrijd vond, zei hij ‘niets gezien, ik heb in de eerste helft een Miss Belgian Beauty gebeft’. Die zaten in ons decor namelijk. Waarna tegen Herman een veto werd uitgesproken.”

Geen vrouwen

Analisten zijn vaklui die worden betaald om naar de studio te komen. Veel andere gasten zijn allang blij dat ze mogen aanschuiven om hun naamsbekendheid te upgraden.

Bij elk groot toernooi wordt de roep om een vrouwelijke analist sterker. Vrouwen genoeg in de omkadering, maar dan als WAGS (wifes and girlfriends, van voetballers) of BV’s. Alleen in Engeland mag een vrouw gewoon over voetbal praten. Jacqui Oatley is sinds 2007 collega van hoofdanalist Alan Shearer.

In Engeland wordt beter betaald dan bij ons. Daar heten ze pundits, afgeleid van het Sanskrietwoord pandita dat ‘eigenaar van kennis’ betekent. Als de spelers in Engeland veel meer verdienen dan in de Jupiler League, geldt dat ook voor de pundits. Thierry Henry tekende vorig jaar bij BSkyB voor zes jaar en krijgt daarvoor 5,69 miljoen euro. Per jáár. Zijn collega Gary Neville krijgt ‘maar’ 1,7 miljoen euro.

Hoeveel worden onze moedige analisten betaald om hun rust, reputatie en leven op het spel te zetten? Dat zou variëren tussen 250 en 750 tot één enkele keer 1.000 euro per optreden, waarbij de VRT van alle zenders de slechtste en traagste betaler is. Voor Jan Mulder ligt dat bedrag een stuk hoger. Mulder wil ook altijd inclusief logies in The Dominican, een prachtig hotel in het centrum van Brussel.

Lagere verloning

De concurrentie is groot en dus is de wereld van de analisten/cocommentatoren hard. Dat zorgt voor een apart sfeertje onder de vakbroeders van wie geen enkele zeker is over zijn inkomsten voor volgend seizoen. De markt verschrompelt, en in die steeds kleinere vijver worden steeds weer andere vissen uitgezet, recent nog Eric Van Meir en Patrick Vervoort. Een analist die liever anoniem blijft: “Werkloze trainers en spelers zonder club worden aangeboden door hun manager. Dat houdt de prijzen laag. Ik leef er niet van, maar ik krijg vandaag voor een avond studiowerk 250 euro minder dan tien jaar geleden.”

Ze zijn met veertien die min of meer regelmatig opduiken in uw huiskamer en ze hebben altijd wel iets over elkaar op te merken. “Marc Degryse is soms te drammerig.” “Wesley Sonck? Spreekt altijd over zichzelf.” “Ariël Jacobs, Eric Van Meir en Patrick Vervoort zijn
te oppervlakkig.” “Wim De Coninck is iets te veel schoolmeester.” “Eddy Snelders en Franky Van der Elst zijn soms te langdradig.” “Aad de Mos spreekt zichzelf tegen en Geert De Vlieger neemt moeilijk een echt standpunt in, net als Gert Verheyen als hij als jeugdbondscoach internationals moet beoordelen.”

“Boskamp? Jan Mulder prijst hem als grappige Hollander uit de markt. En ze hebben ruzie gehad tijdens het WK en kunnen niet meer door één deur.”

Iedereen heeft kritiek op iedereen. Vervelend voor die jongen, maar alleen over Tom Soetaers is men het eens: slechte stem, te licht, te vroeg gebracht en zit er alleen omdat hij veteranenvoetbal speelt met de chef sport van VTM. Filip Joos wijt veel kritiek aan het fenomeen televisie. “Veel vaker dan bij iets wat gedrukt staat, menen mensen op televisie iets te horen wat je eigenlijk niet hebt gezegd.”

Aan de stok met Wilmots

Is er een recept om te overleven in de bijrol van analist? “Geen blad voor de mond nemen, zonder te schofferen of te provoceren.” Voor Marc Degryse is het dansen op een slappe koord. Sommige trainers kunnen gewoon moeilijk om met kritiek. Zelfs bij Michel Preud’homme, de gelouterde man van de voetbalwereld, is het sterker dan hemzelf.

“Als je al niet mocht zeggen dat hij zich in Gent had vergist met zijn veldbezetting, dan weet ik het niet”, zegt Degryse. “Ik heb het ook aan de stok gehad met Wilmots, met wie ik nota bene twee WK’s heb gespeeld. Hij kwam mij na de wedstrijd in Bosnië aanpakken dat het moest ophouden met ‘raconter des conneries’. Ik had hem in de uitzending gecomplimenteerd met zijn offensieve aanpak, en gezegd dat hij daarmee had bewezen naar zijn spelers te willen luisteren. Dat laatste wilde hij niet horen. C’est moi qui décide, zei hij.”

De Voetbalanalist

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s