Column over het terugdraaien van de voordelen voor het voetbal in De Morgen van zaterdag 3 november 2018

Applaus, staande ovatie, diepe buiging

Ik wens de Kamerleden Roel Deseyn en Stefaan Vercamer (CD&V) alle succes toe. Zij zijn de eersten die wat willen doen aan de bevoordeling van de Belgische profsporters en vooral dan het voetbal. Ze richten hun pijlen op de minimale sociale lasten, het terugstorten van de bedrijfsvoorheffing en de zeer lage instapkosten om een niet-EU-speler te contracteren. De uiterst gunstige groepsverzekeringen staan niet in hun lijstje, maar horen daar eigenlijk ook in thuis.

Hun voorstel verdient de brede steun van de sportsector, althans dat deel dat niet met eurotekens in de ogen rondloopt. Het is niet alleen vreemd dat van alle voetballers in West-Europa de Belgische voetballer het meest netto overhoudt, terwijl de niet-voetballende Belg het minst netto overhoudt van alle werknemers op deze planeet. Het is een regelrechte schande dat het voetbal met die voordelen een enorme kamelenmarkt financiert. Finaal komen net geen twee op de drie spelers in de Belgische eerste klasse uit het buitenland, terwijl al die eerder opgesomde voordelen nog wel waren bedoeld om de jeugdwerking te bevorderen.

Deseyn en Vercamer stellen onder meer voor om de minimale sociale lasten alleen te behouden voor sporters met een maximumjaarloon van 81.600 euro. Applaus daarvoor, zonder meer. 81.600 is geen hongerloon meer en treft niet de armlastige sporten zoals basketbal en volleybal, die lang niet zo gek verlonen als het voetbal.

Ze willen ook de enorme korting op de bedrijfsvoorheffing aan strengere voorwaarden verbinden. Vandaag moet die niet-ingehouden belasting worden aangewend om spelers jonger dan 26 jaar te verlonen. Dat heette dan ondersteuning van ‘de jeugd’ en was een maatregel die moest dienen ter compensatie van het afschaffen van het gunstige belastingstelsel voor buitenlanders. De controle daarop was zo goed als nihil en de parlementsleden pleiten ervoor om dat te verlagen naar 19 jaar, wat moet leiden tot meer investeringen in de jeugdopleiding door alle clubs. Staande ovatie hiervoor.

Ten slotte is er de derde maatregel binnen het wetsvoorstel: het minimumloon voor sporters die niet uit de Europese Unie komen, wordt aangepast naar anderhalve keer het gemiddeld loon per sporttak, naar analogie met Nederland. Dat wil zeggen: niet langer een schamele 80.000 euro min kosten zoals behuizing, auto, eten op de club en dergelijke meer, maar anderhalf keer het gemiddeld salaris van de Belgische voetballer.

Diepe buiging. Hoewel, hierover is een beetje onduidelijkheid. Sommige bronnen denken dat de Belgische voetballer gemiddeld 350.000 euro verdient. Als dat klopt, is dat een nog grotere schande want in Nederland, waar de gemiddelde omzet per club hoger ligt, is het gemiddeld salaris maar 281.000 bruto per jaar. De buitenlander ouder dan 21 die niet uit de Europese Economische Regio of EER komt, moet in Nederland minimaal 422.000 euro verdienen. Andere bronnen schatten het gemiddeld salaris in de Belgische eerste klasse op 250.000 euro.

Het juiste bedrag zullen we voorlopig niet te weten komen. Het Belgisch voetbal is als de dood voor te veel openheid, maar dit is het moment om klaarheid te eisen. Graag een vierde luikje aan het wetsvoorstel van Deseyn en Vercamer: financiële transparantie.

De krachten om het voorstel van Deseyn en Vercamer te counteren, zijn al op gang gekomen. Eén krant kreeg de nadelen zo voorgekauwd: België was gestegen van 12 naar 8 op de UEFA-ranking en Nederland was gedaald van 8 naar 11. Alsof het een direct verband houdt met het andere. Bovendien, als een land alleen maar kan presteren door zijn sector enorm te bevoordelen tegenover andere EU-landen is dat een inbreuk op de Europese regelgeving. Ook de toegenomen kloof tussen arm en rijk in Nederland wordt in de schoenen geschoven van de strenge buitenlandersregel. Dat kan dan weer worden opgevangen door een meer solidaire verdeling van tv-gelden.

Ook de basketbalwereld is al gemobiliseerd en is tegen, want die zullen hun halve zolen van Amerikanen niet meer kunnen halen en betalen, denken ze. Jammer, maar helaas, ook het Belgisch basketbal bokst al decennia boven zijn intrinsiek gewicht met dank aan al die voordelen.

Op 6 en 14 november zijn er in het federaal parlement hoorzittingen gepland met de ministers van Financiën Johan Van Overtveldt en van Volksgezondheid Maggie De Block. Die zijn al bewerkt door de bondenlobby als mijn info correct is. Ik heb er geen goed oog in, maar ik wens Deseyn en Vercamer niettemin alle succes.

De finaliteit van een sport is niet het in stand houden van een inflatoire economie, en in het geval van voetbal ook nog eens een lucratieve mensenhandel. Sport is er om de bevolking beweging en plezier te bezorgen. In de eerste plaats als actief deelnemer, desgevallend als passief consument.

 

20181103_De-Morgen_p-20

Over de libel Nina Derwael in De Morgen van zaterdag 3 november 2018

Een nieuwe sportkoningin

Nooit eerder heeft een Belgische sportvrouw een meer mondiale sport gedomineerd dan Nina Derwael op de mythische brug met ongelijke leggers. Gisteren verpletterde de Limburgse haar tegenstandsters op het wereldkampioenschap in Doha.

Na Justine Henin, Tia Hellebaut en Nafi Thiam heeft dit land een nieuwe sportkoningin die de wereld ons benijdt. Nina Derwael is Belgiës grootste kans op goud voor de Spelen van Tokio in 2020. En dat voor iemand die bij de talentidentificatie één onvoldoende kreeg: ze was te lang voor gymnastiek.

Donkergroen (supergoed), groen (goed) of rood (niet goed), dat zijn de kleurtjes voor de talentidentifcatieprofielen. De elfjarige Nina Derwael scoorde op alles donkergroen, behalve voor haar lichaam: ze kreeg rood voor haar lengte. In China was Nina Derwael ongetwijfeld naar de circusschool gestuurd, maar in het kleine Vlaanderen verkozen zowel de Gymfed als de UGent ‘het oog van de meester’ boven de richttabellen: het grootste talent ooit kreeg een donkergroen advies om door te gaan.

‘Nina Derwael kan the next best thing worden aan de uneven bars’, voorspelde een Amerikaanse gymsite in 2014 die haar als junior aan het werk had gezien. Je kon de buzz horen tot ver voorbij de Gentse Watersportbaan, waar de gymhal staat en waar 32 uur per week de grootste gymtalenten van Vlaanderen onverdroten aan de weg naar de wereldtop timmeren onder leiding van een Frans echtpaar. Sinds 2008 in volstrekte anonimiteit, sinds 2016 onder iets meer belangstelling. Na gisteren, vrijdag 2 november 2018, in volle schijnwerpers.

Vier jaar na die Amerikaanse voorspelling is de jonge vrouw uit Sint-Truiden de beste gymnaste op het meest tot de verbeelding sprekende toestel in de gymnastiek. De eerste, hardste en wellicht de meest mondiale sport die de vrouw ooit beoefende. Donderdag baalde ze nog als een stekker van die vierde plaats in de allroundfinale en die met 33 duizendsten gemiste medaille. In haar hoofd speelde meteen de idee om wat te doen aan die sprongen; haar zwakste – excuseer, minst sterke – onderdeel. In de nababbel kon ze het plaatsen: vierde worden is niet leuk, neen, maar de anderen waren beter. Op naar haar finale, de brug met ongelijke leggers.

Dubbel Europees kampioene en derde van de wereld was ze al op dat toestel, maar speciaal voor dit WK hadden zij en haar trainers de moeilijkheidsgraad zwaar opgekrikt. Nina Derwael, sinds vorig jaar eigenares van haar eigen beweging, is wat Amerikanen een next level-atleet noemen: geef haar een nieuwe uitdaging en ze traint tot ze het volgende niveau haalt. Plafonneren staat niet in haar woordenboek, hooguit zal ze even blijven op het level dat ze zich eigen heeft gemaakt, om vervolgens weer hoger te mikken. Dat heeft ze de voorbij drie jaar elk kampioenschap gedaan: jaar na jaar, toernooi na toernooi turnde ze beter, moeilijker, mooier.

Het pleit voor haar trainers dat ze van haar lengte, haar ‘nadeel’, een voordeel hebben gemaakt. Nina Derwael is geen springbal die niet boven de tafel uitkomt. Zoals ze met haar hele 1m68 als een libel door het zwerk zwiert is ze de gratie zelve. Concurrente Simone Biles en de rest van de wereld konden alleen maar in bewondering toekijken.

Elk sportsucces heeft vele vaders, maar deze keer ook enkele moeders en zelfs een hele familie. De echte ouders in de eerste plaats: terwijl hun collega-voetballertjes uit de Topsportschool aan de Voskenslaan in Gent nu al makelaars hebben en eurotekens in de ogen, betaalden de gymnastjes – of liever hun ouders – per jaar 1.000 euro voor hun sportopleiding en financieren ze daarnaast zelf hun internaat.

De familie is de Gymfed, de turnbond zeg maar, een voorbeeldbond. Tien jaar en langer geleden was dat een huis van intrige, vandaag van vertrouwen – in het eigen kunnen en in dat van anderen. Hij krijgt veel topsportgeld van Sport Vlaanderen, dat klopt,
maar hij zoekt ook zelf naar geld, met succes. Met dat geld heeft de bond tien jaar geleden een in eigen land halvelings uitgerangeerd Frans trainersechtpaar naar België gehaald: Marjorie Heuls en Yves Kieffer zijn de onmiskenbare architecten, de adoptieouders van dit succes.

Af en toe gaven die een gil: we zijn het beu, we worden tegengewerkt… Zoals het goede trainers betaamt zijn ze nooit content, en af en toe is hun ongenoegen terecht. Neem nu dit jaar, toen die ene mevrouw in Gent besloot haar grote gelijk te halen en het licht in de trainingshal te doven terwijl de gymnastes nog volop trainden. Zou die gisteren ook hebben gekeken? Hoe onnozel heeft ze zich dan gevoeld?

Heuls & Kieffer, of Kieffer & Heuls zo u wil, zijn het levende bewijs dat talent alleen niet volstaat om resultaat te halen. Ergens onderweg moeten gidsen de weg tonen en dromen in werkelijkheid omzetten. Zij kenden de weg, want hadden met Frankrijk in 2004 op de Spelen van Athene goud gehaald. “Er is geen reden waarom jullie niet zouden kunnen presteren wat de Franse meisjes hebben gepresteerd”, zei Kieffer bij zijn aantreden. De Française Emilie Le Pennec won in 2004 goud op de brug met ongelijke leggers. Zestien jaar later zal opnieuw een pupil van Heuls & Kieffer op de Spelen voor goud gaan.

 

20181103_De-Morgen_p-2-3-mail

Column homo ludens/fraudans in De Morgen van 29 oktober 2018

Homo ludens/fraudans

Ik stel voor om Club Brugge en dit seizoen ook Genk naar een andere competitie te sturen. Om de basketballers van Oostende ergens anders hun kunsten te laten vertonen. De volleyballers van Maaseik en Roeselare idem. Nina Derwael mag niet meer meedoen aan het BK gymnastiek, Luca Brecel niet meer in snooker, Koen Naert laten we ook niet meer lopen in dit land. Ze zijn te goed voor de rest en ze maken de competitie saai. Daarom doen we ze weg.

Ik probeer mij te verplaatsen in de logica à la Mario De Clercq, maar dat lukt niet te best. Dit weekend liet hij zijn licht schijnen op de cross. Daar kent hij alles van en zijn conclusie was even simpel als simplistisch: Wout van Aert en Mathieu van der Poel moeten naar de weg want ze verzieken de boel in de cross. Van Aert en Van der Poel zijn te sterk en dus nefast voor het spektakel. Dus moeten Wout en Mathieu weg, naar de weg. Of naar het mountainbiken desnoods. Maar pakweg niet naar Ronse, waar zijn eigen grote prijs wordt gereden.

Even terzijde: stel u voor dat we een Grote Prijs Johan Bruyneel zouden organiseren in en rond Roeselare. Het schandaal! Niet te overzien. Is het geen godgeklaagde schande dat wie heeft bekend met pek en veren wordt verjaagd, en wie nooit heeft bekend (maar wel is veroordeeld) nog vrolijk blijft rondhuppelen in zijn biotoop, om de haverklap wordt opgevoerd en zelfs ploegleider mag spelen?

‘Super Mario’ was wellicht gisteren in Ruddervoorde en hij zal daar in zijn kortzichtigheid zijn bevestigd, al deed Van der Poel het anders dan anders. In plaats van te wachten tot de tweede of derde of vierde ronde, of nog langer, reed hij gewoon weg na drie minuten wedstrijd. Van Aert werd tweede op een halve minuut en kort daarop finishte Toon Aerts. Van der Poel en Van Aert, in die volgorde, zijn veel te sterk voor de rest.

Klaas Vantornout stond ook in een weekendkrant. Hij was dikker – deed aan krachttraining voor zijn bovenlijf, dat vroeger weliswaar niks voorstelde – en milder, hij heeft dan ook ooit sterretjes gezien tegen die twee. Wout heeft misschien nog iets meer power dan Mathieu, zei Klaas, maar is minder explosief door zijn training als wegwielrenner en is technisch minder sterk. Zijn belangrijkste quote was deze: het zijn de beste veldrijders die we ooit hebben gezien, zelfs de allerbeste Sven Nys had geen kans gemaakt.

Het zou een interessante oefening zijn: de beste veldrijders ooit de start verbieden en kijken hoe de rest reageert. Zou Toon Aerts dan de helft van de wedstrijden winnen en Laurens Sweeck de andere helft? Of wint Kevin Pauwels misschien nog eens, wie weet? Die is altijd goed voor een non-interview dat zo in het eindejaarsoverzicht kan.

Zou de discipline veldrijden het overleven? Vreemd genoeg is die discipline er economisch beter aan toe dan de sport wielrennen zelf. Dat heeft drie oorzaken. Ten eerste zijn de kosten minimaal: een weide, wat bosjes en een gracht of twee en een beetje parcoursbouwer tekent een mooie omloop. Ten tweede: in Vlaanderen is altijd een publiek te vinden als twee of meer mannen in lycra om ter snelst door een wei rijden. Elke toeschouwer in het veldrijden betaalt. Zelfs de televisie betaalt. En Michel komt eloquent kond doen.

Wout van Aert en Mathieu van der Poel zijn misschien nefast voor het spektakel, maar dominantie heeft ook haar charme. Zo’n Van der Poel die op zaterdag zijn voet breekt ergens in een Belgische wei en op zondag in een Hollandse wei iedereen naar huis rijdt, is dat dan geen spektakel? En die een heel seizoen alles en iedereen in de prak rijdt en op het WK door de mand valt, waarna Van Aert wint, spektakel toch?

Wat Van der Poel en Van Aert bezielt om in het goorste bijnummer van een sport – vergelijk het met modderworstelen en Grieks- Romeins – hun boterham te verdienen, is niet duidelijk. Lange tijd leek die boterham centraal te staan. Een uurtje per week volle bak tegen een stelletje halve zolen, altijd winnen van Ardooie tot Zolder, onderhand een half miljoentje of wat bij elkaar rijden, zelden heeft een bijnummer beter betaald. Dat argument is inmiddels achterhaald. Die twee hebben zoveel talent dat ze ook op de weg bovengemiddeld zouden verdienen.

Er is maar één reden waarom Van Aert en Van der Poel in hun hart altijd crossers zullen blijven: zij maken deel uit van de generatie die sport als een spel ziet. Ze willen hun best doen, hun ziel uit hun sterke lijf sporten, zolang het maar leuk is. Zij zijn de postmoderne homo ludens, de spelende mens, en die zijn altijd te verkiezen boven de homo fraudans, die we vooral in het voetbal vinden.

Homo ludens:fraudans

Column Clubliefde in De Morgen van zaterdag 27 oktober 2018

Clubliefde

Om de zoveel tijd wordt de platitude ‘de fans zijn het voornaamste kapitaal van een voetbalclub’ bovengehaald. Met alle respect voor de voetbalcommunity’s en andere supportersgroeperingen die ongetwijfeld verbindend werken en die niet genoeg kunnen worden ondersteund, maar dat ‘voornaamste kapitaal’ is wel je reinste economische onzin.

Een club is perfect economisch leefbaar zonder al te veel fans. Van de week was er nog één op bezoek in Brugge: van alle 98 clubs in de grote vijf voetballanden heeft AS Monaco het kleinste toeschouwersaantal en tegelijk het grootste handelsoverschot. Geen club maakt meer winst dan Monaco en aangezien voetbal toch vooral een verhaal is van winst maken door import en export, is Monaco gewoon de best presterende Europese club van de laatste tien jaar.

Ooit komt de dag dat toeschouwers in het stadion zullen zijn vervangen door isomofiguurtjes inclusief geluidsversterking, die desgevallend aanmoedigen, dan wel joelen. In het ene stadion al meer het ene dan het andere. Ik zal het betreuren, maar de artificiële fan biedt wel degelijk voordelen: geen primitivisme, geen fanatisme, geen hooliganisme, om maar die te noemen.

Het is algemeen bekend dat wie door de draaipoortjes van het stadion stapt, minimaal twintig IQ-punten inlevert. Als je om te beginnen al niet te hoog scoort, kan dat weleens tot rare toestanden leiden, bijvoorbeeld als je team, trainer, spelers zich hebben misdragen.

De romantici vonden het prachtig, hoe de fans van de geplaagde en beschuldigde teams in de recente voetbalaffaire als één man achter hun club gingen staan. Het kapitaal van de club, nietwaar. Anderen, minder bezeten van voetbal, vonden bijvoorbeeld die rood- gele carnavalstoet in Mechelen getuigen van misplaatste arrogantie en stuitende wereldvreemdheid.

Ze hebben een punt. Wat was de bedoeling van die optocht? Druk uitoefenen op wie of wat? Steun betuigen aan wie of wat? Of was het dreigen? Raak niet aan mijn club, wat die ook heeft mispeuterd?

Als ook maar de helft waar is van wat nu in de kranten staat, wordt KV Mechelen bedreigd met degradatie. De traditie in dat soort affaires wil dat meer dan de helft uiteindelijk waarheid wordt en in dat geval heeft Mechelen een groot probleem. Voor omkoping is degradatie een te lichte straf. Terugzetting naar vierde provinciale moet het minimum zijn. Het stamnummer schrappen tout court en verbeurd verklaren van de naam en de kleuren van KV Mechelen is een strenge maar evengoed aanvaardbare optie.

Jammer voor de fans, jammer voor eerste klasse want de voetbalmarkt Mechelen hoort daarin thuis. Maar als de omkoping wordt bevestigd, moet de economische voetbalentiteit KV Mechelen worden gestraft, precies zoals een club die geen stoeten op de been kan krijgen.

De Brugse steunbetuiging met Kroatische vlaggen was ook niet bepaald een uiting – de woorden zijn zorgvuldig gewikt – van doordacht maatschappelijk besef. Na een ongelukkig nachtje te hebben doorgebracht in een cel, was Ivan Leko in verdenking gesteld van witwassen. Mr. Walter Tafelspringer mag dan verkondigen dat het om een bedragje van vele jaren geleden gaat, waar ze nog eventjes de herkomst van moeten traceren, witwassen is toch een ietsiepietsie erger dan een zoekgeraakt factuurtje. Erger dan belastingontduiking, dat ook maatschappelijk niet te verantwoorden is, maar dat de meeste Vlamingen normaal vinden.

Overwegende dat ‘in verdenking gesteld’ niet hetzelfde is als ‘schuldig’, dat hij was vrijgelaten onder voorwaarden, dat hij geen gevaar meer liep om weer te worden opgepakt en dat een schaap dat wordt geschoren best stil blijft zitten, was de vlaggenactie totaal overbodig.

Het stond er zwart op wit, in dat communiqueetje van het parket: Veljkovic heeft in samenspraak met de ploegen KV Mechelen, Racing Genk, Lokeren, Club Brugge en Standard constructies opgezet om zich verdoken commissielonen voor zijn activiteiten als makelaar te laten uitbetalen en om spelers die hij vertegenwoordigt verdoken vergoedingen te bezorgen.

Een beetje normaal redenerend fan zou zich vragen kunnen stellen en misschien andere acties bedenken dan dat vendelgezwaai of een spandoek met ‘Ivan Leko our god’. Enige terughoudendheid was op zijn plaats geweest.

Ik besluit graag met een tweet die de mijne niet is, maar die ik gaarne heb geretweet. Hij komt van professor psychologie Wouter Duyck. “Politici die in een raad van bestuur zitten en daarvoor 100 euro zitpenning krijgen, zijn zakkenvullers. Voetballers/trainers die frauderen, zijn god. Dezelfde mensen.”

 

Clubliefde

Column over Tarzan in de jungle van de sportjournalistiek (over de pers en het voetbal) in De Morgen van maandag 22 oktober 2018

Tarzan in de jungle van de sportjournalistiek

 

Stephan Keygnaert van Het Laatste Nieuws staat op non-actief. Hij is de chef voetbal die u af en toe ook op deze pagina’s terugvindt onder de initialen SK. Ik verbaas u hopelijk niet met de mededeling dat een groot deel van de sportberichtgeving wordt overgenomen van onze zusterkrant Het Laatste Nieuws. Ik ben de laatste die daar moet over klagen, want toen ik nog chef sport was bij deze krant heb ik dat synergieproces in gang gezet, samen met een andere baas die ook alweer is verdwenen.

Dat is een beetje inherent aan de media: bazen komen en verdwijnen, cheffen komen en verdwijnen, rubriekleiders voetbal en wielrennen komen en verdwijnen. Hoofdredacteurs, nóg erger, is zelfs een knelpuntberoep geworden. Sportjournalisten niet, die zijn als onkruid en helemaal nu Round Up niet meer mag: wij zijn nooit echt weg, wij komen altijd terug, SK ook.

Ik ken er maar één die voor het leven is gebannen terwijl hij verdomd goed kon schrijven. Jammer genoeg verzonk dat in het niets bij zijn uitvinderscapaciteiten. Hij fabriceerde bewijsmateriaal om toch maar gelijk te krijgen en dat zadelde onze zusterkrant op met de grootste schadevergoeding die ooit in het Belgische perswezen is betaald. Die fabricage gebeurde met de hulp van zijn bazen, wil ik daar toch even bij vermelden.

Ik zat ooit twee jaar op de sportredactie van een populaire krant als een opiniemaker/meerwaardeschrijver voor hun zusterkrant
die een kwaliteitskrant was. Dat was Het Nieuwsblad-De Standaard. Toen ik daar arriveerde, vond ik die nieuwsjournalistiek minderwaardig. Tegen de tijd dat ik daar wegging, had ik een grenzeloos respect voor de continue evenwichtsoefeningen van mijn collega’s, stuk voor stuk aardige gasten die heel hard werkten, in veel moeilijkere omstandigheden dan ik en die verdomd goed hun stiel beheersten.

Probeer maar eens alle nieuws eerst te hebben – voor wat dat nieuws waard is, maar dat is een andere discussie – en tegelijk aan journalistiek te doen volgens het boekje: kritisch, onafhankelijk, en al het andere dat ze doceren in de bachelor- en masteropleidingen ‘journalistiek’. Sportjournalistiek is een lastige in deze regio, waarin in elk medium twee machtsblokken tegenover elkaar staan en de sportberichtgeving een marketingtool is.

Wie in een populaire krant op de sportredactie terechtkomt, verwezenlijkt zijn of haar droom, maar wordt ook meteen van zijn wolk gehaald: We Missen Geen Nieuws, niet over onze ploeg die we volgen, niet over de sport die we coveren, nooit missen we nieuws. Of we krijgen ’s ochtends tussen zeven en acht telefoon van de chef sport met de vraag: hoe komt het dat wij dat niet hebben?

Jawel, ook op de politieke redactie gaan die telefoons en verwijten heen en weer, maar er is een wezenlijk verschil. Een politicus steekt zijn/haar broek af om in een krant te staan, een voetballer niet. Die kiest zijn medium uit, die kiest uit wie hij vertrouwt en aan wie hij zijn boodschap meegeeft.

Hetzelfde voor de clubleiders, die je zou kunnen vergelijken met de partijvoorzitters: ook zij hebben geen behoefte aan communicatie tenzij het hen goed uitkomt. Partijvoorzitters daarentegen willen altijd en overal in de krant. Overigens, wat u niet weet: alle interviews in het voetbal worden van naald tot draad nagelezen en desgevallend aangepast door de club/speler, ook al is het een juiste weergave van het gesprek dat op band staat.

Er is nog een groot verschil: de kennis van het lezerspubliek is nergens groter dan op de sportbladzijden. Vertel geen onzin over het middenveld van Anderlecht of je krijgt emmers kritiek via gewone en sociale media. Schrijf dat windmolens alle kerncentrales kunnen vervangen en je krijgt applaus, behalve van die drie die de energieproblematiek echt kennen en je terecht voor gek verklaren.

Voetbaljournalistiek staat dichter bij de jungle dan bij een Scandinavisch geordende maatschappij. Zwaarbewapend in de jungle worden afgezet met de opdracht ‘niks missen’, ga er maar eens aanstaan. Wanneer moet je de machete gebruiken, wanneer niet? Wanneer schieten, wanneer niet? Wanneer onderhandelen, wanneer niet?

Sommige collega’s zijn te ver gegaan in hun obsessie om Tarzan te zijn. Ze werkten ook mij soms op de zenuwen met hun eeuwige lijntjes richting trainers, spelers en makelaars. Ik wil hen niet vrijpleiten, niet begraven en ik vraag ook niet om begrip. Ik probeer alleen uit te leggen hoe die wereld functioneert.

Ik ken de journalisten die hun bevriende trainers en spelers altijd en overal prijzen, en nieuws in ruil krijgen. Die statistieken hebben vervalst opdat de speler bij contractonderhandelingen een poot meer zou hebben om op te staan. Die voor een bevriend clubmanager een verjaardagsfeestje organiseerden, in de gebouwen van het eigen medium nog wel, in aanwezigheid van twee van de meest kritische journalisten die over sport schrijven/spreken. Dat was allemaal normvervaging, soms in het kwadraat, maar dat heb ik de betrokkenen ook meteen gezegd.

Tja, die makelaars. Die zijn nu collectief de kop van Jut, halve moordenaars die met pek en veren moeten worden verjaagd uit de sport, inclusief de journalisten die er een te nauw contact mee onderhielden. De laatsten die daarover moeten klagen zijn de voetbalclubs, want zij hebben de jungle mee in stand gehouden.

Clubleiders nemen hun telefoon niet meer op voor journalisten, telefoonnummers van spelers worden niet meer doorgegeven, trainingen zijn gesloten, persmomenten worden tot het minimum beperkt. De clubs hebben de journalisten in de armen gedreven van

de makelaars, de enige bron de laatste jaren om nieuws te vergaren. Geen wonder dat die konden manipuleren. Geen wonder dat op vraag van die ene makelaar die in de bak zit een onnozelheid als de klassering van assists al eens werd vervalst.

 

20181022_De-Morgen_p-24

Column Dagdromen over voetbal zonder betaalde transfers in De Morgen van zaterdag 20 oktober 2018

Dagdromen over een betere voetbalwereld

Wat als? Bestaat dat programma nog? Het was door onze mediafabriek gemaakt en het was om te lachen, maar ik heb ook een ‘wat als?’-vraag en die is niet om te lachen. Wat als er nu eens geen transfersysteem was? Wat als mensen nu eens niet mochten worden verkocht als kamelen omdat ze erg goed op een bal kunnen schoppen? Hoe zou het voetbal er dan uitzien?

Ten eerste zouden we het kunnen stellen met de helft minder voetbaljournalisten of wie althans een journalistenkaart heeft en denkt aan journalistiek te doen door allerlei gissingen toe te passen op spelersnamen, punten te geven voor prestaties en/of in de slag te zitten met de makelaar van deze of gene speler. Op zich al een heel verleidelijke reden.

Ten tweede zouden de makelaars gewoon zaakwaarnemers en atletenbegeleiders worden die met de diverse gegadigde clubs gaan onderhandelen over een nieuw of verbeterd contract en die hun jaarlijkse factuur van 3 (voor de hele dure spelers) tot 10 procent (voor de kneusjes) moeten sturen naar de atleet/ speler in kwestie. Louche opportunisten zouden in deze zeer doorzichtige markt weggefilterd worden.

Ten derde zou de stabiliteit van de teams vergroten.

Ten vierde zouden we veel van de ellende van afgelopen week vermijden. Misschien niet het arrangeren van wedstrijden om niet te zakken. Dat kan alleen worden opgelost door de afschaffing van stijgen en dalen op sportieve gronden. De degradatie is een aberratie.

Ten vijfde zou het voetbal eindelijk in regel zijn met het Europees Verdrag voor de Rechten van De Mens en de Europese regelgeving, maar wie vindt dat nu belangrijk? Conclusie: er zitten alleen maar voordelen aan de afschaffing van het transfersysteem.

Dat zal overigens niet gebeuren, beschuldig mij niet van naïviteit, hoogstens van dagdromen over een betere voetbalwereld. Het zal niet gebeuren omdat te veel mensen financiële belangen hebben bij de kamelenmarkt zoals die vandaag (niet) is georganiseerd en omdat niet langer betalen voor mensen een pan-Europese, misschien zelfs mondiale regel zou moeten worden.

Zoals in de Verenigde Staten? Juist, in de Amerikaanse profsport (American football, baseball, basketbal of ijshockey) mag niet worden betaald voor transfers. Maar de vergelijking gaat niet helemaal op. Het verschil tussen Amerika en Europa is alvast dat de Amerikaanse competities geen concurrentie hebben. Zij staan bovenaan de voedselketen en zijn het eindstation voor al wie daar zijn goeie boterham kan verdienen.

Er is nog een verschil en dan komen we bij het meest gebruikte argument om de voetbaltransfers toch te laten bestaan. De opleiding en postformatie van profspelers is in de VS in handen van het schoolsysteem: het zijn de junior high schools, high schools, colleges en universities die het talent opsporen en ontwikkelen tot het door de profteams wordt opgepikt.

In het voetbal zijn de opleiding en postformatie in handen van private clubs en die zweren bij hoog en bij laag dat de afschaffing van de betaalde transfer het failliet van de opleiding zou zijn.

Twee argumenten om dat meteen te counteren. Ten eerste is voetbal de enige sport die geld vraagt voor een overgang. Dat het niet anders zou kunnen, is een behoorlijk grove belediging van andere sporten, die ook opleiden – vaak met meer kennis van zaken dan in het voetbal – zonder dat daar transfersommen tegenover staan. Een zwaar gesubsidieerde sport die kinderen alleen maar de kans geeft om te sporten omdat ze denken er ooit geld voor te krijgen, moeten we durven in vraag te stellen.

Ten tweede is uit alle studies gebleken dat het zogeheten trickledowneffect niet bestaat. Bij ons hebben de sporteconomen Kesenne en Peeters dat al aangetoond en internationaal is Stefan Szymanski tot dezelfde bevinding gekomen. De FIFPro liet een aantal cases onderzoeken en de case van de speler die alles opgeteld het duurst werd verkocht, Cristiano Ronaldo, springt daarbij in het oog. De opleidende clubs Andorinha (7 tot 10 jaar) en Nacional (10 tot 12 jaar) hebben enerzijds twee stellen voetbaluitrustingen en twintig voetballen gekregen en anderzijds 22.500 euro.

Het transfersysteem kan niet worden afgeschaft zonder zorg te dragen voor de opleidende clubs. Bij een verbod op betalingen
bij overgangen zal het geld gedraineerd worden naar de spelers en hun tussenpersonen en dat willen we ook niet. Reguleer de overgangen, haal alle voordelen inzake sociale lasten en belastingen weg en gebruik dat geld om de goed gestructureerde jeugdclubs te vergoeden voor hun werking. Tot daar de dagdroom.

 

Dagdromen van een beter voetbal

Verhaal over de vier werven van het Belgisch voetbal in De Morgen van zaterdag 20 oktober 2018

De vier werven van ons voetbal

De voetbalinstanties vielen van de week over elkaar heen met hun plannen om schoon schip te maken. Of men aan de heilige huisjes van de voetbaljungle wil raken, valt nog te bezien. Wil België echt een gidsland worden, dan zijn dit alvast de grote werven.

Schep orde in het zootje en (tip aan Bart Verhaeghe) hou persoonlijke sfeer erbuiten

Of het nu de nieuwe CEO van de voetbalbond Peter Bossaert is of Marc Coucke van de profliga – die elkaar kennen van toen ze nog allebei Club-supporter waren -, in ongeveer elke zin in elk van die plannen stond ‘onafhankelijk’ en ‘transparant’. Coucke nam de vlucht vooruit, wellicht bang om zelf te veel in beeld te komen met zijn waanzinnig mismanagement van KV Oostende en ook om de kroonjuwelen – lees de ongeoorloofde staatssteun en de ongelimiteerde spelershandel – in veiligheid te brengen.

Dat beide heren van stand dezelfde dag hadden uitgekozen om hun plannen te presenteren, was opvallend. Het was ook alsof ze tegen elkaar opboden. Die woensdag was oorspronkelijk geclaimd door iemand die uiteindelijk nooit in beeld zou komen: Bart Verhaeghe, voorzitter van Club Brugge en ondervoorzitter van de Koninklijke Belgische Voetbalbond.

Een week eerder, nog voor de huiszoekingen, waren de media per mail uitgenodigd in het kasteel van Bever. Dat is de hoofdzetel van Uplace, en dus van de ondernemer Bart Verhaeghe. De uitnodiging kwam trouwens van de pr-afdeling van Uplace, maar de bijeenkomst ging de werking van de voetbalbond aan, toch minstens een beetje vreemd. Of er interesse was om op woensdag 17 oktober te lunchen samen met hem, de nieuwe CEO Peter Bossaert, bondsvoorzitter Gérard Linard, Mehdi Bayat (broer en associé van Mogi, die gevangen zit, en lid van de technische commissie van de KBVB) en tenslotte bondscoach Roberto Martínez?

Dat was inderdaad interessant. Het ging om een informeel contact, waarbij van gedachten zou worden gewisseld aan diverse tafels en waarbij de quotes niet voor publicatie waren. Typisch Belgisch: we gaan je een beetje wijzer maken, maar je hebt het niet van ons.

Het zou er niet van komen want afgelopen dinsdag viel een andere uitnodiging in de bus, nu wel van de voetbalbond: Peter Bossaert zou zijn elfpuntenplan ter gezondmaking van het voetbalbestel presenteren. In Tubeke op het nationaal voetbalcentrum deze keer, niet op het kasteel van Bever. Waarop vanuit die hoofdzetel van Uplace een mailtje werd verstuurd, dat de lunch naar een latere datum was verschoven. In de namiddag was het dan de beurt aan de Coucke-show. Bossaert zei het niet met zoveel woorden, maar daar kwam het op neer: al die voetbalinstanties, het is me een ondoorzichtig politiek zootje.

Breng lastenverlaging in orde met Europa en wel snel

Het Belgisch voetbal opereert in de illegaliteit. Dit land kent het voetbal voordelen toe door een fikse sociale lastenverlaging en een verlaagde bedrijfsvoorheffing. Dat komt ruw geschat neer op 120 miljoen euro steun per jaar aan zestien profclubs. Steun van de overheid is gepermitteerd, als de vrije markt faalt. Er is meer fout dan goed aan voetbal, maar als de gemiddelde Belgische voetballer meer dan 250.000 euro verdient, kan er nooit sprake zijn van een falende markt. Die voordelen worden gebruikt om spelers te halen uit het buitenland en hogere salarissen te betalen.

Fiscaal expert Michel Maus is formeel: “België heeft deze staatssteun nooit aangemeld. Het is een kwestie van tijd voor Europa dit afschiet en dan krijg je het scenario als bij de excess profit rulings van die 35 multinationals, die van ons land een te gunstige taxatie kregen en dat met terugwerkende kracht moeten terugbetalen.”

De voordelen van die multinationals zijn vergelijkbaar met die van het voetbal: 700 miljoen euro. Maus: “Dat kan het voetbal niet terugbetalen, want dan zijn alle clubs meteen failliet. Mijn raad is om naar de EU toe te stappen en een overeenkomst te maken rond een zogeheten groepsvrijstelling. Dat kan, maar dan moet de bedoeling duidelijk gedefinieerd zijn. Opleiding zou kunnen, maar ook infrastructuur. Dat laatste is volgens mij de oplossing: de verlagingen gebruiken om nieuwe stadions te financieren, dan moet je ook niet langer bij de overheid aankloppen voor een stadion.”

Installeer echt licentiesysteem voor tussenpersonen, vraag om witwaswetgeving uit te breiden naar voetbal en installeer onafhankelijk clearinghouse

De financiën van het Belgisch profvoetbal zijn ondoorzichtig. Deloitte Sports Business in Manchester publiceert elke zomer een rapport over de internationale voetbalfinanciën en weigert de laatste jaren de Belgische cijfers op te nemen omdat ze niet te vertrouwen zijn. Rapportage vanuit de clubs is miniem, vaak zelfs in verkorte jaarrekeningen.

Wellicht heeft de licentiecommissie van de voetbalbond alle data om een mooi jaarlijks rapport te publiceren, maar dat wordt niet aangemoedigd, zelfs tegengewerkt. Om het met een boutade van een clubbestuurder te zeggen, toen in 2014 meer financiële controle in de pipeline zat: “Dat hoeft niet, wij doppen liever onze eigen boontjes.”

Daarnaast is de hele handel en wandel met de makelaars en zaakwaarnemers heel ondoorzichtig. Het gebrek aan controle laat wantoestanden toe zoals die nu aan het licht zijn gekomen: facturen naar het buitenland die terugkeren als nettovergoedingen of verkoopbare horloges, overdreven commissies waarmee loon wordt betaald, vreemde arbeidscontracten met lage basissalarissen en hoge tekengelden.

Michel Maus: “Op het eerste gezicht kun je de clubs niet verwijten dat ze een factuur van een buitenlandse vennootschap van een makelaar betalen. Als ze evenwel meewerken aan constructies om de Belgische fiscus te bedriegen én er geld terugkeert, dan komen ze in de buurt van witwas.

“Daarom zou het goed zijn als ook het voetbal een witwasmeldingsplicht zou hebben zoals de boekhouders en advocaten. Een vermoeden van foute herkomst? Melden aan de witwascel. Financiële voetbaltransacties zouden een orgaan moeten passeren dat alles screent, horizontaal toezicht.”

Verhoog minimumsalaris voor niet-EU-voetballers en eis bijkomende criteria zoals internationale ervaring, bevorder doorstroming van eigen jeugd

Waar Nederland de drempel voor niet-Europeanen zeer hoog legt (422.000 euro is het minimum), wil het Belgische voetbal geen dam opwerpen en absoluut de import-export van goedkope buitenlandse voetbalkrachten in stand houden. Daardoor is de omloopsnelheid van een speler in de Belgische competitie veel hoger dan die uit de Nederlandse. Omgekeerd vertonen de Belgische clubs een lagere stabiliteit, iets wat het sportieve succes hypothekeert, maar het economische bevordert.

Nergens in de hele wereld herbergt een nationale voetbalcompetitie meer buitenlanders dan de Jupiler Pro League. Engeland flirt ook met 65 procent, maar daar zijn alle buitenlanders van absolute wereldklasse, iets wat niet kan worden gezegd van de importspelers in Belgische loondienst.

Maus: “Een Teodorczyk (ex-spits van Anderlecht, HVDW) 2 miljoen betalen, ik zie de meerwaarde daar niet van in. Bovendien gaat dat in tegen de voorwaarden waaronder de belastingverlaging werd toegekend: de promotie van de jeugdopleiding. Bij de hele transfermarkt kun je je trouwens ethische vragen stellen en ik denk dat het een kwestie van jaren is voor dat helemaal anders is georganiseerd.”

De vier werven

 

Column over waarom Coucke en co het voetbal niet kunnen hervormen in De Morgen van maandag 16 oktober 2018

Niet Coucke, maar de overheid

moet het voetbal hervormen

De parallellen tussen het drugs- en het voetbalmilieu kreeg u hier al mee. Er is ook een parallel tussen de dopingproblematiek in het wielrennen en de corruptie in het voetbal. Met dien verstande dat doping, hoewel laakbaar, nog steeds sportieve winst als doel heeft. Voetbalcorruptie/bedrog niet, die heeft financiële winst als finaliteit. U moet zelf maar uitmaken wat u het meest verwerpelijke vindt.

Net als in de strijd tegen doping schoot de strijd tegen de corruptie alleen maar op nadat de overheden er zich mee bemoeiden. Neem de politionele acties. Wie kan 220 man op de been brengen voor vijftig huiszoekingen? Alleen het gerechtelijk apparaat. De voetbalmedia wordt nu verweten: “ze wisten het allemaal”. Precies wat men de wielermedia twintig jaar geleden ten tijde Festina verweet.

Van sportjournalisten die moeten overleven in een competitief milieu waarin elke scheet wereldnieuws is, mag je niet verwachten dat ze wantoestanden aanklagen of schandalen uitspitten. Voor je het weet, ben je een outcast. Dit is geen verschoning want er was evengoed schuldig verzuim. Dat twee journalisten van Het Laatste Nieuws en één van Het Nieuwsblad in verdenking zijn gesteld voor betrokkenheid bij criminele organisaties en omkoping, is een blamage. Dat is de meest gecompromitteerde wielerjournalist nooit overkomen.

Beweer anderzijds niet dat nooit is geprobeerd om één en ander aan de kaak te stellen. Over de makelaarswereld zijn verhalen verschenen, maar niemand van de journalisten – bedoeld wordt, zij die verder kijken dan 1-0, de 3-4-3 en het volgende interview – had de bevoegdheid om huiszoekingen te doen of telefoontaps te plaatsen om bewijzen te verzamelen. Dat weer andere collega’s zich tegen malafide figuren aanschurkten, klopt ook. Zij werden beloond met exclusieve interviews, reisjes, nieuwtjes en wat al niet meer. Van voetbaljournalistiek tot voetbalhoernalistiek, het is maar een kleine stap.

Matchfixing idem, ook daar is veel over geschreven, al hebben we ons met dank aan een aantal fantasten te lang blindgestaard op een stel mallote Aziaten van wie we vermoedden dat die in een achterafkantoortje bepaalden hoe en wanneer er hoek- en strafschoppen gingen vallen. So what? Het echte vervalsen van de degradatiestrijd, en nog wel vier jaar op rij als alle info klopt, gebeurde onder onze ogen.

Vervang matchfixing door doping en je zit bij de wielrennerij van al even geleden. De belangrijkste parallel tussen het voetbal van nu en het wielrennen van toen, is dat autoregulering niet heeft gewerkt en nooit zal werken. Zolang de ploegen, de ploegleiders en de wielerbonden zelf aan zet waren, veranderde er niets aan het dopingprobleem. Pas toen onafhankelijke instanties er zich mee gingen bemoeien, zijn stappen gezet.

Marc Coucke zei afgelopen vrijdag in ‘De Afspraak’ dat hij van België hoogstpersoonlijk een gidsland in corporate governance in het voetbal wil maken. Alstublieft neen, we moeten Marc Coucke en die hele Profliga ver weg houden van de hervorming van
het Belgische profvoetbal. Ze hebben collectief gefaald en nu zouden ze ineens het licht zien en hun handel en wandel zelf willen opkuisen? De démarche van Coucke is niet meer dan damage control om zoveel mogelijk van de bestaande toestand en de faveurtjes te redden.

De Profliga godbetert, wie gelooft die lui? De clubjesclub waarvan de CEO eerst werkte bij Standard onder de veroordeelde ex- makelaar Luciano D’Onofrio, vervolgens bij het failliete White Star Woluwe met de halve gangster John Bico en dan bij RAEC Mons van Domenico Leone, die verdacht werd van verduistering van subsidies. Mons ging onder het toeziend oog van Pierre François failliet, waarna hij twee maanden later CEO werd van de Profliga.

De voorzitter van de Profliga dan: dat is Marc Coucke. Die slaagde erin voor de transfer van 10 miljoen van Landry Dimata van KV Oostende naar Wolfsburg 3,7 miljoen euro commissie betalen aan Didier Frenay. (Sommige bronnen spreken van een transfer van 8 miljoen.) Waar dát goed voor was, moet hij toch maar even uitleggen.

Coucke duwde KV Oostende naar de financiële afgrond en liet de club achter met een aantal lijken in de kast. Coucke en zijn waanzinnige KVO-uitgaven waren de aanleiding voor de Profliga om in de zomer van 2017 een Belgische versie van de Financial Fair Play in het leven te roepen. Heel recent heeft Coucke de Profliga gesmeekt om de financial fair play op te rekken zodat hij meer schulden zou kunnen maken met Anderlecht. Club Brugge en Genk hielden dat gelukkig tegen.

Enkele federale ministers waren van de week erg verontwaardigd: de voordelen van het voetbal moeten misschien op de schop. Misschien? Zelfs zonder corruptie, omkoping, witwassen en wat al niet meer waren die maatschappelijk niet te verantwoorden, laat staan met wat nu is uitgekomen.

Ministers, volksvertegenwoordigers en andere geïnteresseerden die aan de knoppen draaien, let even op: 120 miljoen euro krijgen de zestien eersteklassers elk jaar cadeau van de Belgische overheid. Het is uw verdomde plicht om er op toe te zien dat die correct worden besteed.

Een tip: stel een onafhankelijke expertengroep samen, met belastingspecialist Michel Maus als voorzitter en laat die een nieuw financieel voetbalmodel uittekenen. Voorwaarden waaraan dat moet voldoen: maatschappelijk relevant, financieel transparant, met zorg voor de community, en bovenal gericht op opleiding van eigen jeugd in plaats van mensenhandel. De lijst met voorwaarden is niet exhaustief.

 

 

20181015_De-Morgen_p-31-mail

Column over…wat dacht u… in De Morgen van zaterdag 13 oktober 2018

Welkom in de zieke wereld

van het voetbal

Sommige voetbaljournalisten onderhouden een verknipte relatie met het voetbalbestel. Ze schurken aan tegen de top van de voedselketen, in de hoop dat er een kruimel nieuws afvalt. Of meer, zoals nu bekend is geraakt. Neem hen dat vooral niet kwalijk, het is hun reden van bestaan. Af en toe wanen ze zich Mitspieler en denken ze zelfs een beetje makelaar te zijn. Mijn persoonlijke relatie met de makelaarswereld is miniem. Ik ken René Vijt en Walter Mortelmans, die les hebben gevolgd in de opleiding waar ik lesgeef. Ze vonden mijn cursus heel interessant, wellicht omdat ik het had over het geld in de sport.

Wat heb ik gekregen van die mannen? Ik dacht niets, tot ik mij een citytripje naar Londen herinnerde, samen met een tiental van hun spelers. Ze hadden tickets en kamers over na afzeggingen en belden mij een paar dagen van tevoren om de hoop te vullen. We zouden naar het voetbal gaan, naar West Ham. Ik zag het tripje als erkentelijkheid voor de manier waarop ik hen had geïnstrueerd in de economische modellen van de sport, met name dan hoe de Amerikanen hun sport organiseerden.

Later zijn we vaak gaan eten en dat gebeurt nu nog geregeld, waarbij ik eens betaal en Mortelmans de andere keer. Brasserierekeningen, hooguit één glas wijn, geen pousse-café, wel koffie zolang we willen napraten. Roddelen eerder. Over de wereld. Die van de makelarij onder meer. En over Mogi Bayat natuurlijk.

Ik herinner mij niet meer precies wat hun eindwerk was in die opleiding sportmanagement, maar het onderwerp ging in tegen hun business, dat weet ik wel. Dat maakte Vijt en Mortelmans, toen marktleiders, tot een uniek duo. Tot ze in onmin geraakten, en dat had niets te maken met zwart geld of ander gesjoemel. Het was een conflict des mensen. Een clubmanager en ik, hij meer dan ik, hebben geprobeerd de twee een beetje met elkaar te verzoenen. Af en toe proberen we mens te zijn, jawel. De verzoening is niet gelukt.

Ik heb woensdag na de eerste geruchten Walter Mortelmans gebeld en kreeg meteen de voicemail. Hij belde niet terug. Vreemd, want dat deed hij altijd. Nog drie keer gebeld: niets. René Vijt gebeld. Hoewel ze in onmin leven, zei René onmiddellijk: ‘Daar houdt de Walter zich niet mee bezig. Die zit niet in de bak.’ Die zat daar ook niet, maar het scheelde niet veel. Ik heb hem ge-sms’t dat ik hem het beste wens en dat ik weleens zal bellen.

Mijn laatste contact met een makelaar was met Mogi Bayat. Enfin, ‘contact’… Niet echt. Dat was na Brazilië-België in Kazan, afgelopen juli. De parking van de persbussen grensde aan die van de vips en Mogi stond daar van zijn gat te geven omdat zijn vipwagen niet klaar stond. Hij zei goedendag en schold dan weer wat Russische vrijwilligers de huid vol tot de limousine arriveerde. “A bientôt à Gand”, zei hij en Very Important Person Mogi was ermee weg. Eén gedachte schoot door mijn hoofd: Mogi vip, welkom in de fucked up wereld van het voetbal.

Vincent Kompany, met het gevoel voor drama hem niet vreemd, had het van de week over de parallellen tussen prostitutie, drugshandel en voetbal. Hij heeft voor 100 procent gelijk. Dé parallel tussen prostitutie, drugshandel en voetbal zijn de advocaten, steeds dezelfde kakkerlakken die van tussen de stenen komen kruipen als de mannen van het grote en foute geld hen nodig hebben.

Donderdagavond in De afspraak zat ik naast Meester Walter, soms de risee van deze rubriek. Ik hoorde hem zijn cliënten Ivan Leko en Club Brugge – toch allebei in verdenking gesteld – vrijpleiten: onschuldige koorknapen waren het, geen vlieg zouden ze kwaad doen, laat staan met rare facturen, dito figuren of illegale constructies werken.

Ik wil dat graag geloven, hopen zelfs, maar weet u wanneer dat soort advocaten niet liegt? Als ze hun mond houden. Meester Walter zei er nog expliciet bij dat er voor alles een factuur was. Dat zal wel. De factuur wás de methode-Veljkovic. Maar naar waar, voor wat en voor wie?

Een deel van het nettosalaris dat de speler of de trainer wilde verdienen, werd door het Cypriotische bedrijfje van Veljkovic gefactureerd aan de club en vloeide in een volgende beweging vanuit Cyprus terug naar de speler of trainer. Gevolg: de club moet minder RSZ, groepsverzekering en bedrijfsvoorheffing betalen – dus lagere brutokosten – terwijl de speler en trainer toch het nettosalaris krijgen dat ze wilden.

Het is dus niet omdat er facturen zijn dat er geen sprake is van illegale constructies of ontwijking van belastingen en sociale zekerheid. Het is alleen maar te hopen dat de spelers en trainers in kwestie ook facturen hebben, want dan gaat het alleen maar over ontwijking. In het andere geval zitten we, zoals het gerecht meldde, met een mogelijk witwasscenario.

Een tip aan de voetbalbond: check even de contracten van uw stafleden. Ik kan mij vergissen, maar volgens zeer betrouwbare informatie zou in één geval ook via deze constructie zijn gewerkt.

20181013_De-Morgen_p-19-mail

Column over Ronaldo in De Morgen van zaterdag 6 oktober 2018

Arme Ronaldo

CR7 zal volgende week niet spelen met Portugal. Reden: Ronaldo heeft een klacht voor verkrachting aan zijn broek. In de VS nog wel, de tot voor kort veilige plezierhaven voor uitgewoonde voetballers en het land van zijn sponsor Nike.

Arme Ronaldo en bij uitbreiding zijn collega’s. Klauwen vol geld, aanbidders (m/v) op alle continenten, media aan de lippen en horden groupies aan elke vinger. Owee, als ze er een groupietje uitpikken om van nabij kennis te maken, ’s anderendaags stapt die verdorie naar de politie om haar beklag te doen en voor je het weet mag die arme sjotter zuurverdiende centen dokken.

Topvoetballer zijn, het is geen leven. Ik kende er een die zijn “matrasjes” (zijn woorden) eerst een papier liet ondertekenen voor ze gingen wippen – hij noemde dat het pre-poep-agreement (naar pre-nup, voor wie niet mee is) – maar daar heeft Cristiano Ronaldo natuurlijk niet aan gedacht. Neen, die kon niet eens wachten tot zijn invitee in de jacuzzi en aanverwante verwenplekken een beetje op temperatuur was gebracht.

Dat niemand hem dat heeft geleerd: spanning wat opvoeren, hitsigheid bedwingen, het mooie lijf het werk laten doen. Alles verloopt achteraf des te makkelijker als het spel van geven en nemen volgens de regels van de kunst wordt gespeeld. Nu was het een heel gedoe, inclusief anale scheurtjes, zo kan worden opgemaakt uit dossier A-18-781869-C opgesteld door de Las Vegas Metropolitan Police.

In de badkamer goeiendag komen zeggen terwijl de vrouw in kwestie haar badpak past en meteen de penis in haar gezicht duwen, van een binnenkomer gesproken. Vervolgens die vrouw op het bed duwen en haar van achteren binnendringen. She was sodomized, zoals de flikken dat in Las Vegas omschreven.

Dat is ze allemaal meteen die 13de juli 2009 na een hospitaalbezoek gaan vertellen aan de politie, zonder evenwel de naam te willen noemen van de beroemde man die haar had verkracht. Dat laatste is het enige ‘minder sterke’ element in het verhaal van Kathryn Mayorga, maar Ronaldo heeft een en ander bevestigd aan zijn advocaten. De details van de hele affaire zijn zo echt dat niemand ze kan verzinnen.

Dat hij haar zou hebben gezegd dat hij voor 99 procent oké is, en dat zij nu die ene procent foute Ronaldo had meegemaakt, dat hij daarna meteen een team samenstelde van fixers die de schade moesten beperken en afhandelen middels een financiële deal en een non disclosure en ga zo maar door, dat past allemaal in het beeld van de narcist Ronaldo die zich boven alles en iedereen verheven voelt. Die zomer was hij bovendien echt king of his world. Hij was onderweg van Manchester United naar Real Madrid en voor het eerst de duurste en best betaalde voetballer ooit.

Eveneens behoorlijk revelerend is hoe zijn team van fixers er door een contact bij de politie in slaagden de klacht te laten herkwalificeren van geweldsmisdrijf naar gewone aanranding van de eerbaarheid. En de politie meeging in het verhaal dat de twee partijen het zelf wel zouden regelen. Het dossier verzeilde op de backburner, het achterste pruttelende vuurtje, dus geen prioriteit.

Negen jaar later is het dat wel en staan Ronaldo en co en fixers terug bij af, met dank aan Football Leaks. Dat is de geheimzinnige hacker die er een sport van maakt om het vuil van de cliënten van supermakelaar Jorge Mendes, onder wie Ronaldo, op straat te gooien. Op 18 september 2018 diende Mayorga uiteindelijk wel een klacht in, ook al omdat ze daartoe werd verplicht omdat de hele affaire door Der Spiegel aan het rollen was gebracht nadat die haar hadden opgezocht.

De Ronaldo-supporters die nu moord en brand schreeuwen dat hun lievelingsvoetballer onterecht aan de schandpaal wordt genageld, moeten zich misschien eens beginnen realiseren dat hij al eerder in Engeland en Italië voor dezelfde aanklacht geld heeft betaald aan een vrouw. De reactie van zijn werkgever Juventus eergisteren was verbijsterend. “Cristiano Ronaldo is een zeer gewaardeerde speler die zich bij ons altijd erg professioneel heeft gedragen.” En dan nog iets over “vermeende feiten van tien jaar geleden”.

Moeten we ons daarover verwonderen? Nauwelijks, gezien de geschiedenis van omkoping en doping in deze club. Nog minder, omdat we het over de voetballerij hebben, een wereld onlosmakelijk verbonden met mensenhandel, doping, fysieke aanslagen en waarin normvervaging de regel is. Onder het mom dat topsport de topsporter in een toestand van mentaal en fysiek onevenwicht brengt, worden alle mogelijke uitwassen vergoelijkt. Punten, goals en assists zijn oneindig veel belangrijker dan goede manieren.

Iconen worden versneld van hun voetstuk gehaald als de barsten groot genoeg zijn. Ronaldo is klaar voor de sloop want dit is geen barst in zijn imago, dit is – om in de streek van het plaats delict te blijven – een Grand Canyon. De Amerikaanse politie is deze keer wel vastbesloten om de zaak uit te spitten. Een land dat sportcarrières naar de vuilbak verwijst voor huiselijk geweld, zal een Europese voetballer, hoe getalenteerd ook, nooit vrijuit laten gaan.

Een voorspelling: in het voor hem meest gunstige geval heeft Ronaldo afgedaan als wereldster en is hij straks zijn miljoenen van Nike en andere sponsors kwijt. In het slechtste geval volgt er een internationaal aanhoudingsbevel vanuit de VS. Als ze in Europa achter corrupte FIFA-leden aangaan, dan zeker achter een verkrachter.