Column Kortzichtigheid in De Morgen van 10 november 2023

Kortzichtigheid

Als u soms de onweerstaanbare behoefte heeft om voorbij de holheid van de voetballerij te kijken, dan is dit een tip: surf naar football-observatory.com en abonneer u als de wiedeweerga op hun gratis newsletter. Ze beloven ‘exclusive weekly and monthly data analysis’ over het wereldvoetbal en daar is niks van gelogen.

Natuurlijk is het aan u om door het bos de bomen te zien staan. Zo hadden ze laatst een post met een overzicht van de beste jonge (onder 23 jaar) dribbelaars wereldwijd. Dat was gebaseerd op de cijfers van het databedrijf Wyscout, dat bij alle clubs bekend is.

Antonio Nusa van Club stond daarin op één met een gemiddelde van bijna elf dribbels over negentig minuten. Nuance: Nusa dribbelt in de pintjesliga, niet in een van de vijf grote voetballanden. De hoogste gerangschikte jonge dribbelaar uit die G5 is overigens Lamine Yamal van Barcelona op plaats zeven.

Vorige maand hield football-observatory.com ook een bevraging onder de profvoetbalclubs, de fans en de spelers. Zo werden we iets wijzer met betrekking tot wat de voetballerij zelf als urgente problemen bestempelt.

Op vier kwam daar ‘corruptie’ uit met 53,5 procent. Vervolgens met 58,5 procent ‘clubs in handen van staten’ – denk daarbij aan Man City en PSG. Iets urgenter nog was racisme en het urgentst met 62 procent was het witwassen van geld.

Vanuit het oogpunt van het spelersgedrag stond dan weer de schwalbe op één, gevolgd door tijdrekken, klagen en agressie. Inzake transfers was de grootste doorn in het oog de commissie aan de makelaar, gevolgd door fraude bij transfers, de inflatie in transferprijzen en de internationale mensenhandel met minderjarigen.

De antwoorden en dus de prioriteiten die uit het rapport naar voren komen, laten vermoeden dat vooral de clubmanagers die bevraging hebben ingevuld. Dat meer dan zes op de tien respondenten zich zo storen aan de witwasserij wil zeggen dat ze ermee te maken hebben of hadden of – in het slechtste geval – ertegen moeten optornen.

Heel opvallend waren de resultaten in het deelgebied ‘economische issues’.

Op de vraag waartegen duidelijk actie zou moeten komen, was nog geen 30 procent ervan overtuigd dat de dominantie van de Engelse Premier League aan banden moest worden gelegd. Veertig procent vond dan weer wel dat de financiële verschillen tussen de competities een probleem zijn en iets meer (ook slechts 43 procent) vond dat de financiële verschillen binnen een en dezelfde competitie moesten worden aangepakt. Ook de inflatie van de spelerslonen was maar voor minder dan de helft van de respondenten een probleem.

In het domein ‘integriteit’ kwam weer witwassen als eerste eruit, gevolgd door corruptie, matchfixing en als laatste schuldgraad van de clubs. Slechts in vier op de tien antwoorden waren die schulden een probleem. Deze bevraging had dus gerust de titel ‘Kortzichtigheid in het voetbal in cijfers’ kunnen voeren.

Als nu één probleem echt urgent is en met stip op één zou moeten staan in het hedendaagse voetbal, dan wel de inflatie in lonen en transferprijzen. Die twee fenomenen zijn wellicht verantwoordelijk voor de allergrootste ellende in het voetbal – zoals onder meer dat witwassen en die duistere makelaars – maar de meerderheid steekt liever zijn kop in het zand, het Belgisch voetbal op kop.

Deze week raakte het nieuws bekend dat een van de op papier best geleide clubs van het land, de enige met een nieuw stadion nog wel, 19 miljoen euro schuld heeft moeten rapporteren. Dat was KAA Gent. Het bedrag was even iets te hoog om het aan covid en de overheidsingrepen in de parafiscaliteit van de spelerslonen te wijten. De schulden werden evenwel contextualiseerd: ‘We hebben haast niks verkocht, en in België draait geen enkele club break-even zonder uitgaande transfers.’

Afgezien van die aberratie (mensenhandel als sluitpost) valt toch vooral op dat de financiële ratrace in ’s lands voetbal stilaan voor drama’s zorgt. De laatste vijf jaar stegen de televisierechten in België jaarlijks met 5 procent, de commerciële inkomsten met 8 procent en ticketing daalde met 10 procent.

In die periode steeg het aantal contractspelers bij de eersteklasseclubs van 900 naar 1.300. De salarismassa steeg voor alle profclubs samen in dit land met 70 procent. Resultaat: de Belgische profclubs, nog steeds zwaar gesubsidieerd via kortingen op belastingen en sociale lasten, maakten in het eerste seizoen na covid 156 miljoen euro schulden, 16 miljoen euro meer dan tijdens covid. En geen mens die daar iets van durft te zeggen.