In het spoor van Marc Coucke in De Morgen van zat 20 feb 2016

‘Winst is de finaliteit, in alles. Met voetbal wordt dat lastig’

‘Club-supporters, alsde straks vertrekt, voorzichtig mee ulder tracteurs.’ Niémand, en zeker niet iemand met een Gents accent, komt hier voor een West-Vlaams publiek mee weg. Niemand, tenzij apotheker, investeerder, weldoener, sponsor, schlagerkoning, masterchef, voetbalvoorzitter, miljardair en eeuwige student Marc Coucke. ‘Dat is toch plezant? Ik ben zelf ooit een beetje Club- supporter geweest.’

Dat grapje met de tractors viel te beluisteren vóór de wedstrijd van afgelopen zondag thuis tegen de leider. Zijn KV Oostende verloor nadien met 0-2, een domper op zijn persoonlijke vreugde en meer dan verwacht. “Ik trek het mij aan en ja, ik ben inmiddels toch een beetje zenuwachtig. Denk jij dat we play off 1 halen? (zucht) Ik hoop het. Allez, laat ons nog wat praten, want straks beginnen de optredens hier. Winnen of verliezen, het is hier altijd feest, maar ik denk niet dat ik zelf ga zingen. Het zal voor volgende week zijn (morgen, HV). Tegen AA Gent! Ik ben een Gente-naar en ik woon op drie kilometer van het Ghelamcostadion, maar dat is nu eens een club waar ik veel bewondering voor heb, maar geen enkele affiniteit mee heb.”

Het was afgelopen zondag tegen Club, ooit de club waarvan hij in de algemene vergadering van de vzw zat, maar het Oostendse voetbal, waar hij als kind in de spionkop stond, bleef al die tijd zijn grote jeugdliefde. Daarom was hij voor die wedstrijd, waarvoor
maar liefst 1.170 eetlustigen zich hadden gemeld – “een nieuw record!” – zo vreselijk op dreef. Het is de dag na zijn terugkeer uit Dubai (vakantie houden en mooie gebouwen bekijken met zijn zakenpartner/vriend Bart Versluys) en de dag vóór een trip naar Dublin, voor een bestuursvergadering van Perrigo, dat zijn Omega Pharma kocht. Later deze week werd bekend dat Omega Pharma op dieet moet, en dat Coucke door de dalende beurskoers in één dag een papieren verlies van 72 miljoen euro leed.

Maar vanavond dribbelt Marc Coucke van podium naar podium, op afstand bestuurd door personal assistant Brunhilde Verhenne, een ex-Miss Belgian Beauty. Hij praat twee keer tien minuten pure stand-upcomedy vol en bezoekt intussen de tafels die hij moét bezoeken.

Na zijn omzwervingen landt hij bij een centrale tafel in de Kama-lounge, genoemd naar de cartoonist-schilder voor wie hij via hun joint venture Kamacoucka mee het fortuin heeft gemaakt.

Daar zitten zijn ouders – beiden late tachtigers – en zijn familie, waaronder zijn broer-arts. Van eten komt nauwelijks iets in huis. Voetbal op KVO is wérken voor een operationele voorzitter zoals hij die wil zijn, want voetbal op KV Oostende is in de eerste plaats een networking event dat in Vlaanderen zijn weerga niet kent. “Juist. Waarom denk je dat hier vier vermogensbeheerders zitten? Het stikt hier van de kmo’s.”

Bij het verlaten van het businessgebouw na een halve dag in het spoor van Marc Coucke, krijgen we een kaartje mee met een link naar een fotogalerij. We zijn gefotografeerd, net als alle andere vip-haringen in een kleine Oostendse ton. Wij waren voor één dag KVO People, ze hebben ons een adreskaartje afgeluisd en de kans is groot dat we bij een volgende editie ook in de glossy vol foto’s staan. Het is wachten op de eerste mail om ons te ‘activeren’.

Geen euro van Albert

Dat grapje van die tractors kreeg u al mee, maar we hoorden er nog van Coucke vanop zijn podia. “Weet je hoe een Club-supporter een selfie neemt? Hij steekt zijn iPhone op een mestvork.” Of deze. “Naast de dug-out van Preud’homme hebben we twee vuilbakskes gezet. Eentje voor zijne pruimtabak, en eentje om zijn Calimero-eierschaaltje in te doen.” Het zegt u misschien niet zo heel veel, maar neem het aan van een ervaringsdeskundige: teksten als deze staan in West-Vlaanderen gelijk aan spelen met je leven. “Ach”, lacht Coucke. “Dat is toch plezant? De mensen weten dat ik het niet meen.”

Na de wedstrijd moet hij langs de Brugse spionkop passeren. Die zingen zijn schlager ‘Het is weer Couckenbak’ en proberen zijn weireldploegsje te ridiculiseren. Het zal wel helpen als je meer dan een miljard euro hebt staan om met één schouderophaal de dingen van je te laten afglijden, maar je kunt Couckes authenticiteit in deze omstandigheden alleen maar bewonderen. Ooit is hij in Humo verkeerdelijk omschreven als een fake operette-rijkaard, maar Coucke is niet fake: hij is altijd en overal zichzelf, altijd is het glas meer dan halfvol. Hij steekt zijn sjaal omhoog, lacht terug en krijgt applaus vanuit de blauw-zwarte hoek.

Niet menen? Hij meent het maar al te goed met zijn KVO. Morgen wordt de laatste thuiswedstrijd gespeeld in het Albertparkstadion, gebouwd in een parkje dat de toenmalige koning ooit aan de stad schonk. Tegen het einde van de zomer heet het stadion anders.

“Ik heb van Albert nog geen euro gekregen voor de naming rights. Ik heb de deal rond met een partner en te zijner tijd doen we daar een mededeling over. Na de wedstrijd tegen Gent gaat het halve stadion tegen de grond en tegen de nieuwe competitie hebben we hier de modernste tribune van het land.”

KV Oostende heeft misschien de look-and-feel van een Vlaamse kermis, wat te maken heeft met die verzameling koterijen waar je met enige moeite een stadion in kunt herkennen, maar er zit visie achter deze club, soms meer dan bij de groten uit Brugge of Brussel. Natuurlijk is het ook management by passion, zijn KVO, maar Coucke blijft te allen tijde ondernemer. En daarom verhuist KV Oostende juist voor het hoogtepunt van het sportieve be-staan voor de resterende thuismatchen en alles wat daarna komt, hopelijk play off 1, naar Roeselare.

“Het is nu of nooit. Dit stadion is gebouwd in stukjes: elke zeven jaar had de stad wat geld en is daar een koterij aan gezet. Dat gaan we nu gedeeltelijk rechttrekken. Niet helemaal, de rekeningen moeten kloppen. We maken van die tribune een aparte P en L. Euh, een profit and loss, we gaan dat apart beheren.

 

“Ik weet dat de voetbalwereld mij voor zot verklaart, maar ondernemen is anticiperen. En ik denk – als ons plannetje slaagt – dat we in Roeselare evenveel ambiance zullen hebben als hier. Onze supporters kunnen alvast voor 109 euro de vijf thuiswedstrijden volgen, inclusief de busreis naar Roeselare en terug. De lokale businesswereld is ook vragende partij en de Roeselare-supporter krijgt vermindering. En er zullen ook optredens zijn.”

Zoals van komiek Dirk Bauters, die ook een grapje maakte. “Mijn vrouw vroeg voor haar verjaardag iets roods dat van 0 naar 130 gaat in drie seconden. Ik heb haar een weegschaal gekocht.” Een hele zaal met zeshonderd eters was meteen mee.

In een discreter hoekje zat ook burgemeester Johan Vande Lanotte.

Toch goed, zo’n Coucke die besluit KV Oostende nieuw leven in te blazen, nietwaar? De burgemeester heeft net een dagje migraine achter de rug als we hem dat vragen en tot overmaat van ramp verloor een avond eerder zijn geliefde BCO, de basketbalclub die op twintig meter van het voetbalstadion is gehuisvest, voor het eerst sinds lang nog eens thuis. Maar toch. “Ik begroet iedereen die in onze stad wil investeren. Marc Coucke heeft een groot netwerk en hier werkt hij samen met Bart Versluys, een projectontwikkelaar die veel bouwt in Oostende. Die zal dat stadion wellicht voor een marge van 2 of 3 procent bouwen, terwijl hij aan ons misschien 20 procent zou rekenen. Begrijp mij niet verkeerd: ik ben hier blij mee.”

Kama en Coucke

Toen Marc Coucke in het voetbal investeerde, en dan nog in het zieltogende KV Oostende, werd dat weggelachen als water naar de zee dragen. Ondergetekende twitterde dat er geen economische achterban was voor KV Oostende en kreeg Marc Coucke achter zich aan. Immer beschaafd, dat wel.

“Ik heb KVO overgenomen, omdat de economische basis die er wel was, nog niet was aangeboord.” Hij zegt het op een ijskoude tribune waar hij tijdens de rust is blijven zitten en een bakje friet wegprikt. Iets later komt een Franstalige goeiedag zeggen. “Voilá, la preuve est lá. Mijnheer komt elke twee weken uit de Ardennen om een weekendje aan zee door te brengen en daar hoort ons weireldploegsje bij. N’est-ce pas?”

De man beaamt. “Ostende et le foot, c’est le plaisir, c’est la fête.”

KV Oostende trekt als een magneet een hele business community aan. Van een paar tientallen tot soms eens honderd eters, zijn er nu gemiddeld vijfhonderd, en voor uitschieters als tegen Brugge, Gent en Anderlecht gaan ze over de duizend en palmen de naburige Sleuyter Arena van het basketbal in.

“Sporteconomen zegden ook dat er geen markt was voor KVO. De kabeljauwen zouden niet naar het voetbal komen. Dat klopt, maar ze vergaten passie en emotie. De kinderen van Oostende supporteren nu voor ons en die zullen hun hele leven supporter blijven, net zoals ik dat ben geworden, een Gents manneke dat naar de zee kwam. Ik wil niet dat één supporter van ons wegblijft omdat het te duur zou zijn. Bij ons kon je dit seizoen voor 99 euro naar het voetbal. Daar ben ik trots op.”

Maar wie in de grote tribune in zijn buurt wil zitten, zal betalen. In het eerste jaar van zijn overname gingen sommige van die abonnementen van 199 naar 1.500 euro. Een kwart bleef zitten en betaalde. “65 procent ging naar de B-tribune en slechts 10 procent was echt kwaad. Dat was dus een goede zet. Weet je waar ik naar kijk? Tegen Moeskroen hadden we dit jaar 338 procent meer inkomsten dan vorig jaar tegen diezelfde ploeg.”

Tegelijk bond Coucke een aantal BV’s aan zijn club. Supporter nummer één was Kamagurka, programmamaker Martin Heylen van Woestijnvis was nummer twee. In 2014 begon Coucke dan met zijn ambassadeurs van KVO, waar inmiddels ook voormalige judogrootheid Harry Van Barneveld toe behoort. Die was er vorige week niet, of toch wel. Hij hield als agent in gevechtstenue buiten het stadion een oogje in het zeil.

Martin Heylen: “Nu heb ik een gratis abonnement, maar ik kom al op KVO van toen ze nog in tweede klasse speelden en ik mijn inkom zelf betaalde. Ik ben een voetbalman en met de tram of te voet naar mijn voetbalclub, dat heeft iets. Op de hoofdtribune zaten toen al in tweede klasse Kamagurka en Marc Coucke, met twintig meter tussen. Zij waren de enigen die voor de ambiance zorgden. Als de ene begon te zingen over ons ploegsje, het weireldploegsje, viel de andere in. Hilarische taferelen en niemand die toen kon vermoeden dat ze, wé, kampioen zouden worden en promoveren. En nu play off 1 als alles goed gaat… Wonderbaarlijk. Uiteraard is dat geheel de verdienste van Marc.”

Game changer

Marc Coucke heeft veel gezichten. Hij is ook mecenas, geeft gul geld aan kankeronderzoek en andere goede doelen. Tussendoor is hij ook een loyale vriend. Zo redde hij het leven van zijn zakenpartner Bart Versluys toen die dreigde te verdrinken bij een jetski-ongeval. Opvallend: wie Marc Coucke beter dan oppervlakkig kent, spreekt nooit kwaad over de man, zelfs niet als hij de micro opeist en begint te zingen.

Voor hij als zakenman miljardair werd, raakte hij in de sport bekend als hoofdsponsor van wielerploegen. Eerst van Omega Pharma- Lotto, later van Omega Pharma-QuickStep en nu van Etixx-QuickStep. Hij heeft een keuze gemaakt: voetbal wordt zijn kind, maar aan het wielrennen geeft hij meer geld uit en Patrick Lefevere maakt er het beste van. De koers zal hem in 2016 nog maar een paar dagen opslorpen.

“Het is niet te combineren, de twee. Hier beslis ik alles zelf, bij onze wielerploeg vertrouw ik op Patrick, al heeft die mij voor de aanwerving van Marcel Kittel wel eerst gecontacteerd. Een goeie aanwerving overigens, geef toe.

“In het wielrennen heb ik een betere return voor mijn geld, zeker als een ploeg je naam draagt. In het voetbal heb ik meer voldoening. Wielrennen heet meer aanraakbaar te zijn, maar het is en blijft een gesloten milieu. Je moet zelf hebben gekoerst voor ze je serieus nemen. In het voetbal koop je een ploeg en drie minuten later spreekt iedereen je aan met ‘voorzitter’.”

 

Je kunt het verschil ook anders uitleggen: in het verstarde wielrennen is geen plaats voor een game changer, zoals Marc Coucke te allen tijde wil zijn. “Wat is dat, een game changer? Ik stel altijd alles in vraag. Bij wijze van spreken zelfs waarom de bal rond is. En ik wil ook altijd beter doen. Met Bart Versluys wil ik aan de oosteroever in Oostende de mooiste wijk van de Belgische kust bouwen: prachtige appartementen in mooie, herstelde natuur.

“In het dierenpark Pairi Daiza gaan we volop investeren. Ik wil het mooiste dierenpark van Europa. Ik wil dat de bewoners van de oosteroever gelukkig zijn, de dieren van Pairi Daiza moeten gelukkig zijn en de toeschouwers van KV Oostende moeten ook gelukkig zijn.”

De finaliteit van de ondernemer in Marc Coucke is en blijft winst, want verlieslatende projecten uitdenken kan iedereen, zegt hij. “Ah, Vande Lanotte zegt dat ik ook winst ga maken met het voetbal? Als hij weet hoe dat moet, mag hij het mij komen uitleggen. Met voetbal is geen winst te maken, maar ik pas hier hetzelfde principe toe als in mijn bedrijf: alles wat je uitgeeft, moet een investering zijn. Met break-even zou ik al tevreden zijn. Oké, ik zou nu winst kunnen maken door al onze goede spelers te verkopen, maar dan heb ik volgend jaar geen ploeg. De winst die we vandaag op onze transfers hebben gerealiseerd, is dus virtueel. Maar winst moét de finaliteit zijn van ondernemen, alleen wordt dat erg lastig in het voetbal.”

Een ander geheim van Marc Coucke is zijn neus voor het juiste profiel voor mensen met wie hij zich omringt. Brunhilde Verhenne staat het dichtst bij hem. Voor de sportieve gang van zaken heeft hij Luc Devroe aangetrokken, ooit bij Club in diezelfde functie. Medisch doet hij een beroep op Chris Goossens, vroeger Beerschot. Voor zijn eigen communicatie en die van KVO doet hij een beroep op Wim De Meyer (ex-VTM, ex-Focus en ex-Club).

Allen doen ze hun hoed af voor hun baas. Wim De Meyer: “Marc laat je werken. Als het niet goed is, zegt hij: dat wil ik niet meer zien. Maar hij gaat niet brullen of schelden, zoals ik anderen heb weten doen.”

Chris Goossens lacht: “Ik sta er nog van te kijken, maar die Coucke heeft mij nu zo ver gekregen dat ik straks mijn praktijk als sportarts opgeef en fulltime voor hem ga werken.”

Marc Coucke zelf: “Ik laat de mensen doen. Patrick Orlans (de commercieel directeur, HV) vroeg mij na zijn contractbespreking om de hoeveel dagen wij elkaar zouden zien. Ik zei: nooit. Ik ben in 2015 misschien vijf dagen naar Oostende gekomen als er geen voetbal was. Ik ben niet zoals andere bedrijfsleiders, dat weet ik. Mijn nieuwe werknemers bij Omega Pharma nodig ik allemaal uit naar de Salamander (een legendarisch studentencafé in de Overpoortstraat in Gent, HV). Daar bij cafébazin Rita hou ik in het zaaltje achterin een doop en een cantus voor de nieuwelingen, elk jaar weer.”

Vesche ploaten

Marc Coucke is een cijferrealist in een surrealistische wereld en zo gedraagt hij zich ook: als een surrealist. Dat beeld komt van Martin Heylen, die hem ook rock-‘n-roll noemt. “Wat hij zingt is geen rock-‘n-roll, voor alle duidelijkheid, maar dát hij zingt. Marc is rock-‘n-roll in zijn s’en foutisme. Ooit nodigde hij mij mee uit bij Club Brugge in de bestuurskamer. ‘Mijn vrouw gaat niet mee, dus vraag ik jou mee.’

Tijdens de lunch heeft hij aan het bestuur van Club Brugge de toestemming gevraagd om ‘Vesche ploaten’ (verse pladijzen, verwijst naar het oude visserslied ‘Op de vissemarkt’, een KVO-clublied, HV) te mogen zingen. En ik moest meezingen. Je had Michel D’Hooghe en Bart Verhaeghe moeten zien kijken.”

Marc Coucke

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s