Column Moreel vacuüm in De Morgen van zaterdag 4 april 2020

Moreel vacuüm

 

Wij van deze rubriek willen graag helpen in deze duistere tijden om door de bomen het bos te zien. Neem nu de berichten over tijdelijke werkloosheid, salarisinleveringen, voetballers aan de dop en nakende faillissementen. Als er één sector is die in normale omstandigheden nooit failliet kan gaan, dan wel voetbal. Clubs die nu zogezegd over de kop dreigen te gaan door de coronastop lagen lang voor het eerste virusje hier landde al aan de beademing, en zonder uitzicht op een verlengd leven.

Waasland-Beveren heeft als eerste club niet alleen zijn technische staf en omkaderend personeel op tijdelijke werkloosheid gezet, maar ook het voetballend personeel. De Profliga had dat nochtans ten stelligste afgeraden omdat het slecht zou vallen bij de publieke opinie en de politiek.

Tijdelijke werkloosheid riskeert als een boemerang terug te keren in het gezicht van het voetbal. Om dat te begrijpen, moet u weten dat er twee soorten salarissen bestaan in een voetbalclub: er is enerzijds het voetballend personeel voor wie allerlei (para)fiscale voordelen tellen zoals minimale sociale lasten en een recuperatie van de bedrijfsvoorheffing op het niveau van de clubs. Dat profitariaat levert het voetbal jaarlijks 150 miljoen euro aan voordelen op. Anderzijds is er het andere personeel dat niet voetbalt, onder wie de trainers. Op die salarissen worden wel normale sociale lasten en belastingen geheven.

De regel zou moeten zijn: wie normaal bijdraagt aan de maatschappij kan ook een beroep doen op de bescherming van die maatschappij. Dus: wie niet normaal bijdraagt (de voetballers) blijft best weg van de beschermende sociale stelsels, uitgezonderd de ziekteverzekering die een basisrecht is.

De meeste clubs hebben dat begrepen. Waasland-Beveren niet en na het stopzetten van de competitie zullen er nog volgen. Die clubs roepen onheil over zich af. Makelaar Stijn Francis tweette: “Als clubs ten aanzien van spelers (voor alle duidelijkheid: rechtsgeldig) gebruikmaken van de wet op tijdelijke werkloosheid zal het ook wel geen probleem zijn dat spelers (even rechtsgeldig) gebruikmaken van de wet van ’78 deze zomer?” Die zal zijn aangekomen. Met dé wet van ’78 kan elke werknemer te allen tijde zijn contract verbreken en het behoort tot de schaarse herenakkoorden in het voetbal om die niet te gebruiken.

Anderlecht maakt er weeral eens een vaudeville van, een traditie sinds Marc Coucke daar de boel heeft opgekocht. Geen spelers aan de dop, voor zover we weten, maar wie hoeveel inlevert, is niet duidelijk. Wel dat Vincent Kompany het meest inlevert omdat hij zelf zal compenseren wat sommige spelers weigeren af te staan.

In de media verschenen over die voetballerssalarissen berichten die bij de leek nogal vreemd kunnen overkomen, zoals laag basissalaris, veel boni, tekengeld, groepsverzekering en wat al niet meer.

Om dat begrijpen, moet u weten dat een salaris van een voetballer altijd fiscaal wordt geoptimaliseerd en niet zoals dat van u en mij, een beetje, maar tot in het absurde. Het morele vacuüm van voetbal is eindeloos op dat vlak – anders ook. Zo worden niet alleen ongehinderd de kosten van deze ellende afgewend op de kleine garnalen van het ondersteunend personeel door die tijdelijk werkloos te zetten, maar worden de grote vissen zo veel mogelijk ontzien.

Dat er bij Anderlecht heibel is over op welk deel van het salaris moet worden ingeleverd, valt goed te begrijpen als u beseft hoe voetballerssalarissen gestructureerd zijn. Er is niet alleen de verplichte groepsverzekering waardoor op hoge slarissen tot 40 procent kan worden weggestort. In nogal wat berichten wordt gesproken over tekengelden. Dat zijn de meest onduidelijke geldstromen van het hele profvoetbal.

Voetballers krijgen geld bij ondertekening van salaris. Of ze krijgen portretgelden, al of niet betaald via een makelaar of een belastingparadijs als het om topvoetballers gaat. Daarnaast is het de laatste jaren steeds meer de mode om blijfpremies uit te keren. Dat zijn sommen die soms over vier à vijf betalingen per jaar worden gespreid in functie van de te verwachten cashflow, zoals televisierechten. Het grote voordeel van die sommen: de groepsverzekering is daarop niet van tel.

Als deze crisis één zaak duidelijk maakt, dan wel dat er een sluitende cao nodig is die bepaalt hoe een profsporter in België zijn salaris betaald krijgt (of niet als een Covid roet in het eten gooit) en wat daarbij de regels zijn van fiscale optimalisering. Een volgende stap kan een salarisplafond zijn, gerelateerd aan de omzet.

 

20200404_De-Morgen_p-18-19-2-mail