Column Veni, vidi, Popovici in De Morgen van dinsdag 16 augustus 2022

Veni, Vidi, Popovici

Zaterdag is dé sportprestatie van het jaar 2022 geleverd. In Rome, perfecte plaats. Door David Popovici, perfecte naam, perfecte atleet. Bijna alles klopte aan zijn honderd meter vrije slag: de eerste vijftig, de tweede vijftig (!), de start, het onderwaterwerk, het was de perfecte race. Resultaat: 46.86 en wereldrecord.

Wat klopte niet? Je moest zoeken om iets te zien van die honderdmetervrijslagfinale. Door niet te kiezen voor de European Championships in München, maar naar Rome uit te wijken, kreeg de Europese zwembond LEN maar minimale coverage en zo voltrok een historische sportprestatie zich in de quasi anonimiteit. Op Een was dat na middernacht.

Een tip voor wie in 2024 in Parijs sportgeschiedenis live wil meemaken: je kan naar het gymnastiek willen voor Nina, of naar het hockey voor de Belgian Lions/Panthers, zevenkamp voor de triple van Nafi desnoods, maar ding toch vooral mee naar tickets voor de finale van de 100 meter vrije slag. En ook voor de 200 meter. Dat worden koningsnummers op les Jeux Olympiques de Paris 2024.

David Popovici. 46.86 in 22.74 en 24.12. Laat dat even bezinken en bedenk dat een honderd meter zwemmen geen sprint is zoals de 100 meter op de atletiekbaan. Die duurt maar tien seconden en beroept zich op één energiesysteem: creatinefosfaat en ATP. Een honderd meter in het zwemmen maakt gebruik van het glycolysesysteem waarmee het lichaam onderweg ATP (adenosinetrifosfaat) aanmaakt zonder de hulp van zuurstof.

Beetje ingewikkeld misschien na die hete dagen, maar niet zonder belang. Het gevolg is dat het lichaam in razendsnel tempo een soort afvalstoffen als bijproduct aanmaakt, waardoor de inspanning steeds moeilijker vol te houden is. De honderd meter vrije slag is daarom te vergelijken met een 400 meter in de atletiek: het gaat om techniek, tactiek, balans, indeling en uiteraard de daarbij passende atletische capaciteiten.

De nieuwe wereldrecordhouder David Popovici is zeventien jaar. 17! Zijn wereldrecord is tegelijk een wereldrecord bij de juniores. Dat hebben alleen Michael Phelps en Ian Thorpe hem voorgedaan. Met alle respect voor die wereldzwemmers, zij deden het op de minder sterk bezette afstanden, niet in het koningsnummer.

Haal de beelden van het wereldrecord van Popovici erbij, desnoods op YouTube – TikTok was helemaal erg geweest – en bekijk de hele race: van het opkomen van de finalisten tot het gejuich achteraf. Iets wat u opvalt? Let op zijn lichaam. David Popovici is 1m90 en weegt 79 kg. Dat is Wout van Aert aan het eind van het crossseizoen.

Haal nu nog eens andere beelden op, bijvoorbeeld Cesar Cielo of Alain Bernard, wereldrecordhouders uit 2009. Beiden zijn minstens vijftien kilo zwaarder. En zoek dan naar Pieter van den Hoogenband uit 2000, 1m90 en 80 kilogram droog aan de haak. De zwemstijl van Popovici en VDH is haast identiek: die hoge elleboog, die lange slag, die amplitude, dat golvende van een orca. Popovici is één seconde sneller dan VDH. Hij is een betere starter en hij is leniger, waardoor hij sneller keert en beter is onder water.

Is Popovici dan VDH 2.0? Wat zie je als je Popovici ziet zwemmen? Dat appte ik zaterdag naar Van den Hoogenband. Hij zat op een zeilboot in Turkije met zijn gezin, maar binnen de minuut antwoordde hij. “Absoluut. Ik zie de pure zwemmer, genieten geblazen.”

Mijn data-obsessie kennende, voegde hij er een link aan toe naar een artikel over de honderd meter als evenwichtsoefening tussen hard afgaan en iets minder hard maar toch nog hard genoeg terugkeren. En onderweg ook nog eens alles goed doen. 24.12 op de tweede vijftig is ronduit fenomenaal, buitenaards, al helemaal als je de eerste vijftig onder de 23 draait.

Dat de Europese zwembond het Foro Italico in Rome had uitgekozen om in de volstrekte anonimiteit een EK te organiseren, was ongelukkig, maar er zat wel een aardige symboliek aan vast. Het wereldrecord van Cielo op de 100 meter vrije slag (46.91, 2009) werd ook in het Foro Italico gezwommen.

Alleen zwom Popovici zijn supertijd in een strakke zwembroek, net als Van den Hoogenband destijds. Cielo en Bernard, die eruit zagen als bodybuilders, deden het in Speedo-pakken die hun drijfvermogen aanzienlijk vergrootten. Ian Thorpe trok zelfs tot 2004 twee polyurethaanpakken boven elkaar aan, wat zijn prestaties in perspectief zet.

Tot zaterdag dateerden op één na alle wereldrecords op de vrije slag bij de mannen uit 2009 of vroeger. 2009 was het laatste jaar waarin de drijfpakken waren toegelaten. Popovici heeft als eerste de ban doorbroken. Nu nog de 200 meter vrije slag, waar de 1:42.00 van Paul Biedermann geldt als het scherpste wereldrecord ooit.