Column Pierre Matignon in De Morgen van zaterdag 6 juli 2019

Pierre Matignon

Rudi Altig, Marino Basso, Julien Stevens, Eric Leman, Rik Van Looy, Joaquim Agostinho (twee keer), Mariano Díaz, Michele Dancelli, Roger Pingeon, Herman Van Springel (twee keer), Felice Gimondi, Guido Reybrouck, Raymond Delisle, Barry Hoban (twee keer), Pierre Matignon, Jos Spruyt en ten slotte Eddy Merckx (zes keer).

Dat waren de etappewinnaars in de editie 1969, de eerste en meest overweldigende Tour de France van Eddy Merckx. Namen als klokken. Van Looy bijvoorbeeld. Won een etappe maar werd op de Ballon d’Alsace buiten tijd gereden door Merckx. Dancelli, Basso, Gimondi, grote Italiaanse renners in hun tijd. Stevens, Van Springel, Spruyt, superknechten, en Leman die drie keer de Ronde van Vlaanderen zou winnen.

Altig, een ellendige mof (geen kwarteeuw na de oorlog was dat een volstrekt eerbare gedachte) die later in die Tour zou worden betrapt op doping en vijftien minuten tijdstraf aan zijn broek kreeg. Hoban, een sprinter die later de plaats zou innemen van zijn betreurde vriend Tom Simpson, ook een grote naam.

Maar kent u Pierre Matignon nog? Vast niet. Hij reed voor Frimatic-De Gribaldy en eindigde die Tour als 85ste of voorlaatste op drie uur en drie kwartier van Eddy Merckx. Hij won wel een rit en nog wel die op de Puy de Dôme. Dat is een mythische vulkaanpuist waar vandaag nog hoogst uitzonderlijk op wordt gefietst. Matignon reed Merckx op 1:25. Het is te zeggen: beneden had hij zeven minuten na een lange vlucht en hield daar anderhalve minuut van over.

Geen glorie voor hem, maar misprijzen, Pierre was de risee. La lanterne rouge (hij stond vóór die rit nog laatste) die wint op de Puy de Dôme, hoe belachelijk was dat? Matignon, baroudeur, slechte coureur, maar vooral chançard. Vandaag zou Matignon door die ene lucky shot tot een wereldster in koersland promoveren en zou er een nul extra bij zijn salaris komen. Natuurlijk zou hij de hele duur van zijn royaal opengebroken contract nog altijd geen platte prijs rijden en toch zou na die twee jaar een andere ploegleider nog wat in hem zien en hem weer een mooi contract van twee jaar geven. Daarna nog een kleiner ploegje en dan zou het voorbij zijn.

In die vier jaar of langer zou hij zich een mooi huis kunnen zetten, een witte Cayenne met zwarte velgen kopen en het tienerliefje dat zijn mollige vrouw was geworden inruilen voor een jonger exemplaar met kunstborsten en lipfiller. Daarna: terug naar af.

Ik kijk naar de deelnemerslijst van deze Tour. Eerst streep ik de teams weg die totaal geen kans maken op Tour-winst: Cofidis, Dimension Data, Lotto-Soudal, Total Direct Energie, CCC, Wanty-Gobert, Bora-Hansgrohe, Arkéa-Samsic, Team Sunweb. Dat zijn de meerijders. Clementie voor Sunweb, een speciaal geval. Die hadden de Tour kunnen winnen als Tom Dumoulin het niet aan zijn knie had.

Dan de teams die een renner in hun ploeg hebben die een mooi eindklassement kan rijden in een grote ronde, als de ploeg zich daar met de volle goesting op zou toeleggen: Groupama-FDJ, Education First, Deceuninck-QuickStep, AG2R-La Mondiale. Die spreken hun verzuchtingen niet uit, maar kijken waar na de eerste week het schip is gestrand.

Dertien van de tweeëntwintig teams staan aan de start van de Ronde van Frankrijk helemaal zonder of zonder al te fanatieke ambities voor het klassement. Hebben er wel zin in: Ineos met Geraint Thomas en Egan Bernal, Jumbo-Visma met Steven Kruijswijk, Movistar met Nairo Quintana en Mikel Landa, UAE Emirates met Daniel Martin en Fabio Aru, Katjoesja met Ilnoer Zakarin, Astana met Jakob Fuglsang, Bahrein-Merida met Vincenzo Nibali, Mitchelton-Scott met de broers Yates en Trek-Segafredo met Richie Porte.

Samengevat: 13 van de 176 renners staan aan de start om hoog te eindigen in deze rittenwedstrijd. Nog zeven anderen maken een kans om na een goeie eerste week ook hoog te staan, maar van die twintig zal de helft na de eerste bergen zijn afgehaakt: pech, gevallen, jour of semaine sans. Van die tien zal nog eens de helft de tweede week overleven en die vijf zullen samen met hun ploegen bedisselen wie, wanneer, hoe ver mag wegrijden en voor welke plek in het klassement nog wordt gestreden.

Tegelijk wordt een hele andere Tour gereden, die van de mannen-van-één-dag, goed voor glorie van een paar jaar. De afhakers zullen – als ze in koers blijven – het peloton van avonturiers vervoegen. Onder hen de Pierre Matignons die zich een weekje zullen verstoppen, hun rit uitzoeken en toeslaan. In de hoop om vier jaar op die ene ritwinst te kunnen teren.

En wie draagt op 28 juli in Parijs het geel, het enige wat echt telt? Een gokje om geld te verdienen: Vincenzo Nibali.

 

Column Pierre Matignon