Column Wielervirus in De Morgen van 1 maart 2020

Wielervirus (beetje achterhaald 😉

 

Er zijn twee redenen waarom ik deze ochtend ruim voor het krieken van de dag in Belle Plagne de auto heb gestart en in één ruk naar huis ben gereden. Ten eerste: de Fransen, die de voorbije week ook massaal congé hadden, willen allemaal over hetzelfde eerste stuk autoweg tot aan Lyon. Ten tweede: ik wil de finale van de Omloop niet missen. Zelfs al had de zon vandaag geschenen, waardoor een mooie laatste skidag lonkte, dan nog was ik vroeg gaan rijden. Ik heb last van het wielervirus en daar kan en mag geen Marc Van Ranst iets aan doen.

Ik kan niet wachten tot ze vanmiddag de Haaghoek bestormen. Niet dat de Fransen mij deze week hebben besmet. Ik downloadde de hele week L’Equipe en las die van achteren naar voren, idem voor het magazine dat op vrijdag verschijnt. Ik heb het ten behoeve van dit stukje nog eens opgezocht: geen woord over wielrennen.

Of toch, het WK op de baan in Berlijn kreeg met het oog op de Olympische Spelen een paar keer een dubbele pagina. Alle andere wielerwedstrijden waar onze kranten heelder spreads aan wijdden moesten het in de grootste Europese sportkrant stellen met een vermelding in de rubriek uitslagen. Remco Evenepoel en zijn winst in de Ronde van Algarve? Een uitslag, niks meer. In de maandagkrant stond wel een verhaal over de comeback van Chris Froome na zijn lelijke val van vorig jaar.

Ik heb ook de Vlaamse kranten gedownload en van achteren naar voren en omgekeerd uitgepluisd, inclusief hun wielergidsen. Ik heb voorlopig drie gidsen gescoord: Het Nieuwsblad, Het Laatste Nieuws en Sport/Voetbalmagazine – duidelijk de betere, die laatste. Alle drie hebben ze dezelfde cover: Remco Evenepoel, Wout van Aert en Mathieu van der Poel, weliswaar in verschillende poses.

Drie jonge jongens, de Jonge Drie, wielerhoop van de Lage Landen. Ze hebben behalve hun immens talent een gemeenschappelijk kenmerk: geen heeft de klassieke weg bewandeld. Veel bondswerking of federatieve opleiding kwam er bij hun ontwikkeling niet aan te pas. Van der Poel en Van Aert komen uit het veldrijden. Ze hebben eigenhandig hun traject uitgezocht en zelfstandig beslist wanneer en hoe ze naar het wegwielrennen zouden komen.

Evenepoel is helemaal een buitenbeentje. Hij was een getalenteerde voetballer die zichzelf buisde voor die sport omdat hij voelde dat hij niet de allerbeste kon zijn. Wellicht ook omdat hij niet geschikt was voor een teamsport, maar dat moet nog eens worden uitgeklaard. Hij ging dan maar fietsen en toen hij zichzelf spontaan aanbood op een klimstage van Cycling Vlaanderen (aldus vorige week vernomen in het programma Wereldrecord) reed hij alle klimrecords aan diggelen.

Ondertussen is in mijn digitaal archief in de cloud ook een mapje ‘jeugd aan de macht’ aangemaakt en dat steekt al vol met allerhande verhalen en interviews. Al die aandacht voor de jonge garde, die covers, dat moet steken bij de ouderen. Greg Van Avermaet, Sep Vanmarcke en Philippe Gilbert, laten die dat zomaar passeren? ‘Me-myself-and-I’ Gilbert toch niet? Je zult zien dat er in finales
rare samenwerkingsverbanden ontstaan. Reken maar dat ook de niet meer zo jonge en helemaal nog niet oude garde zoals Jasper Stuyven, Tiesj Benoot (amper een half jaar ouder dan Van Aert en nog eens veranderd van ploeg en land) en Dylan Teuns zich niet zomaar opzij laat zetten.

De aandacht voor de jonge drie is terecht. Van der Poel (dit weekend ziek, jammer is dat) en Van Aert (toch van de partij vandaag, een leuke verrassing) zijn twee klasbakken zoals ze maar een keer in een decennium langskomen. En wie kan met zekerheid voorspellen wat Evenepoel nog uit zijn mouw zal schudden, hoeveel progressie hij nog zal maken? Moet dat nog, progressie, volstaat het nu al niet? Die lange klimmen, die redt hij wel met gerichte training. De grote onbekende is zijn recuperatievermogen in een drieweekse etappewedstrijd. Hoewel, ik voorspel Evenepoel nu al op het podium van de Giro. Zot? Het kan nog zotter: winst. Als dat lukt, wint hij ooit de Tour.

Jammer dat de Ronde van Frankrijk meer dan ooit geprangd zit tussen het EK voetbal en de Olympische Spelen, want de editie 2020 zou wel eens de spannendste in jaren kunnen worden. Ten noorden van ons bouwt men minutieus aan een team voor grote rondes en heeft men inmiddels tonnen kennis opgebouwd. Jumbo-Visma met zijn drie speerpunten (Roglic, Dumoulin, Kruijswijk) wordt in de Tour de grote uitdager voor Ineos met Bernal en Thomas. Onmiddellijk na de Tour gaan we naar Japan voor de olympische wegrit, tijdrit en de mountainbikerace. 2020 en daarna kondigen zich aan als de meest boeiende wielerjaren sedert mensenheugenis.