Portret Pini Zahavi (Moeskroen) in De Morgen van zaterdag 9 mei 2020

PINI ZAHAVI

Voor de zesde keer al had eersteklasser Royal Excel Mouscron problemen om zijn licentie te krijgen. Spil in het web van Moeskroen: de Israëli Pinhas ‘Pini’ Zahavi (76), een van de meest prominente en mysterieuze dealmakers van het wereldvoetbal.

De harde bewijzen lagen op tafel, dacht men: de eigenaar van Moeskroen is niet de Thai Pairoj Piempongsant, maar een bedrijvenconstructie in handen van ene Marc Rautenberg, makelaar, maar op zijn beurt een zetbaas van de illustere bejaarde makelaar Pini Zahavi. Naast eerdere belastende mails dacht de Belgische licentiecommissie dankzij de telefoontaps van directeur Paul Allaerts in Operatie Zero (naar de handel en wandel van makelaar Dejan Veljkovic) eindelijk een echte smoking gun in handen te hebben. Conclusie van de commissie: Moeskroen overtreedt sinds 2016 de bepalingen die stellen dat makelaars geen eigenaar mogen zijn van een club. Maar daar dacht het Belgisch Arbitragehof voor de Sport (BAS) vrijdag dus anders over.

Als Pini Zahavi een Belgisch nummer ziet verschijnen op zijn iPhone, weet hij waarover het zal gaan. Geen zin in, tot vier keer toe. Wat zou een oude vos als hij reageren op een Belgisch nummer? Een Frans, Spaans of Braziliaans nummer, tot daaraan toe. Volgens ingewijden is hij nu druk bezig met het regelen van de terugkeer van Neymar naar FC Barcelona. Toen Neymar de omgekeerde richting uitging, was hij ook al de dealmaker. Hij incasseerde daar in augustus 2017 21,4 miljoen euro voor, een bedrag dat hij moest delen met de pa van de Braziliaanse diva-voetballer. Volgens de Nederlandse onderzoeksjournalisten Tom Knipping en Iwan van Duren in hun boek Weekendmiljonairs hield hij ‘slechts’ 12,4 miljoen euro over aan die deal. “Slechts? Zijn geld krijgt hij toch nooit meer op.”

Bermudadriehoek

Voor Pini Zahavi toetrad tot het rijk der groten en na Jorge Mendes en Mino Raiola de nummer drie werd onder de ‘tussenpersonen’ (de officiële benaming van makelaars in FIFA-taal is intermediary), was hij journalist. Hij is geboren op 23 augustus 1943 als zoon van een groothandelaar in het toenmalige Brits mandaat Palestina. Vader wilde dat hij zou gaan studeren, maar de wereld wenkte. Hij gaf de universiteit in Tel Aviv op en werd sportjournalist met een passie voor zijn grote sportliefde voetbal. Al snel werd hij opgeslokt in de Bermudadriehoek van de journalistiek: hij wilde Mittspieler worden, mee aan de knoppen draaien.

Zijn eerste internationale toernooi is de fameuze World Cup in West-Duitsland in 1974. Hij verblijft zo vaak mogelijk in München, het epicentrum van dat WK. Daar lopen de belangrijke mensen rond, daar kan hij adreskaartjes scoren en contacten leggen en zal hij uiteindelijk ook in de finale een moedig Nederland zien verliezen van stugge Duitsers.

Vijf jaar later sluit hij zijn eerste deal, weze het door een stom toeval. Hij is dan nog steeds journalist en zal een perskaart blijven houden tot 1998 omdat die hem als passe-partout goed uitkomt. In de lente van 1979 ontmoet hij in een businesslounge op Heathrow Peter Robertson, een bestuurder van Liverpool FC die net als hij vastzit omdat de vliegtuigen door mistvorming niet kunnen opstijgen.

Ze raken aan de praat over de ploeg van Liverpool die na de winst in de Europacup voor Landskampioenen (tegen Club Brugge) toe is aan een make-over. De legende wil dat Pini Zahavi hem daar Avi Cohen aanraadde, een Israëli die voor Maccabi Tel Aviv speelt
en nog niet op de radar van Liverpool is verschenen. In een schaarse onthulling over hoe het allemaal begon, zegt hij: “Ik deed wat telefoontjes en ineens zat Avi in Liverpool en was het bedrag dat op mijn rekening stond vertienvoudigd. Liverpool had een fee gestort.”

Interessant, vond hij. Zijn eerste club wordt Liverpool. Ronny Rosenthal is zijn tweede Israëli die hij naar Engeland haalt. Rosenthal was in Brugge terechtgekomen (donderdag was hij nog te zien in Sporza Retro) en maakte het goede weer bij Club tot hij door het toen veel kapitaalkrachtiger Standard Luik werd weggehaald. Daar landde op een dag Pini Zahavi en Rocket Ronny was een Scouse.

De derde partij

Zijn derde grote transfer wordt zijn visitekaartje voor de club van de groten. De verhuis van Rio Ferdinand van Leeds naar Manchester United in de zomer van 2002 katapulteert hem heel even naar de pole van de makelaars. Wie 46 miljoen euro uit de zakken van Alex Ferguson kan schudden – een recordbedrag in de Premier League – voor een verdediger dan nog, verdient alle credits.

In augustus 2006 stunt Zahavi door twee top-Argentijnen bij het noodlijdende West Ham United onder te brengen. Carlos Tevez en Javier Mascherano zijn op dat moment eigendom van een consortium van onder meer enkele rijke Russen, Soccer Investments and Representations. Zahavi is voor die club de dealmaker achter de schermen. Die techniek waarbij behalve de club en de speler een derde partij economische (transfer)rechten heeft op de speler, heet third party ownership. TPO is tegenwoordig verboden, maar wordt nog toegepast door gebrek aan transparantie en controle.

Achter de schermen blijven lukt niet altijd voor Zahavi. Hij is zo high profile en de Engelse pers zit er zo dicht op dat ze hem ook kunnen linken aan de verkoop van Chelsea in juni 2003 aan Roman Abramovitsj. Zahavi zal na die deal een luxeappartement kopen in de buurt van Marble Arch in Londen en van daaruit zijn Europese business bestieren.

Die bestaat er de laatste jaren vooral in om de handel en wandel van middelgrote clubs te beheersen, deels door financiering, deels door het plaatsen van zijn mannetjes. Doel: de spelersverkoop controleren en aansturen met als voordeel cashen op elke beweging. Het maakt niet uit hoe groot de clubs zijn, als ze maar in interessante markten liggen waardoor hij met de spelers kan schuiven als met pionnen op een schaakbord.

Na 2006 is het zakenimperium van Pini Zahavi een kluwen van bedrijven geworden in wel twintig landen. Gol Football Malta, dat hij samen runt met de Macedonische Albanees Adbilgafar ‘Fali’ Ramadani (57), zit centraal in het web. Volgens insiders zou een financiële politie-eenheid er een jaar werk aan hebben om dat allemaal in kaart te brengen.

Mistgordijn

In de periferie van dat kluwen, met als veel voorkomende draaischijf het Cypriotische Apollon Limassol, zit ook voetbalclub Royal Excelsior Mouscron, verworven in augustus 2015 door Gol Football Malta. Dat was hun omweg om na het verbod op third party ownership toch te kunnen doorgaan met het beheer van de economische rechten op spelers. België was dan weer extra interessant omwille van de hoge levensstandaard en de lage instapkosten voor niet EU-voetballers.

De Belgische licentiecommissie verbood in navolging van de Wereldvoetbalbond (FIFA) vanaf januari 2016 evenwel schimmige structuren met makelaars als eigenaars of investeerders. Zahavi en Ramadani verkochten daarop de aandelen van Gol aan Latimer, ook een Maltese vennootschap, als bij toeval eigendom van Adar Zahavi, de neef van Pini. Dat was het zoveelste mistgordijn.

Op 29 september 2016 had het doek eigenlijk al moeten vallen over Moeskroen, toen Pierre François, de CEO van de Pro League – de vereniging van profclubs – naar een geïnteresseerde overnemer voor Moeskroen mailde: “Ik kan u alleen maar aanraden om die gesprekken direct met P.Z. te voeren in plaats van met tussenpersonen”.

 

20200509_De-Morgen_p-66-67-mail