The Rio Stories 2: Olympisch armworstelen in De Morgen van 1 augustus 2016

(als u echt wil weten hoe de vork in de sportpolitieke steel zit, dan moet u dit lezen en vergeet alle andere onzin die over WADA en het IOC verschijnt)

Olympisch armworstelen

Het is een strijd die het IOC en voorzitter Thomas Bach nooit konden winnen. Gevangen tussen de doperende Russen en de knoeiers van antidopingagentschap WADA heeft het sportpauselijk gezag veel van zijn grandeur verloren. Kwade genius is Dick Pound, het kopstuk van de Angelsaksische connectie.

Sportpaus Thomas Bach (IOC) heeft vorige week zijn intrek genomen in het olympische dorp, een gewoonte die zijn voorganger Jacques Rogge in 2002 introduceerde. Hij slaapt in het gebouw waar ook het team met vluchtelingen is gehuisvest, hoe symbolisch. Terwijl hij zijn dekbed inspecteerde en zijn koffertje leegmaakte, kreeg hij nog maar eens een spreekwoordelijke emmer shit over zijn hoofd.

Deze keer van Duitse atleten en dat deed extra pijn. “Bach is deel van het dopingsysteem. Ik schaam mij voor hem”, zei discuswerper Robert Harting. Bach was äusserst schockiert en noemde het een onaanvaardbare ontsporing. Dat was het ook, maar wie gelooft Thomas Bach nog? Wie gelooft het IOC nog, nadat het vorige week naliet om de Russische equipe integraal van de Olympische Spelen te weren?

Niemand, en dat is vreemd, want het was de enige logische beslissing. Het Internationaal Olympisch Comité besloot dat Russische atleten die eerder een dopingveroordeling hadden opgelopen, niet welkom waren. Een opmerkelijk besluit, alleen van toepassing op Russen, maar het ging verloren in het woedende geraas omdat het IOC Rusland als land niet wilde uitsluiten. Voor verdere sancties tegen dopingverdachte Russen lag de bal in het kamp van de sportbonden, daar waar die bal thuishoort. Sportbonden hebben in de wereldwijde dopingwetgeving nu eenmaal de jurisdictie om over dopinggevallen te beslissen, maar dat scheen iedereen te vergeten.

In de eerste plaats het Wereldantidopingagentschap. Dat WADA heeft miljoenen dollars ter beschikking, de helft komt van het IOC en de helft van de overheden, en wil altijd maar meer geld. Het WADA beperkt zich tot het ondersteunen van wetenschappelijk onderzoek en hoog vanuit de ivoren toren in Montreal sportbonden, dopinglabo’s en het IOC op de vingers tikken. Ook nu weer, terwijl het WADA zelf voor een groot deel schuld heeft aan het uit de hand gelopen Russische dopingschandaal.

Angelsaksen vs. Europa

Dit is een ingewikkeld verhaal, dus gaat u er even voor zitten. Rewind naar 1999. In dat jaar wordt het WADA opgericht als gevolg van de Festina-affaire in de Tour van 1998, en de eerste voorzitter werd het belangrijkste IOC-lid na voorzitter Juan Antonio Samaranch, de Canadese advocaat Richard ‘Dick’ Pound. Tegelijk beleeft de oprichter – het Internationaal Olympisch Comité – de grootste crisis uit zijn bestaan met de omkoopaffaire van Salt Lake City.

De stichtingstweedaagse wordt door de grote persagentschappen en de Amerikaanse en Engelse media aangegrepen om de troon van Samaranch te doen wankelen. Het is een beproefd scenario al sinds het begin van de twintigste eeuw: de Amerikanen, met de steun van al wie Engels spreekt, die een crisis in het olympisme aangrijpen om hun positie te versterken tegenover de Europeanen, die ze als geboren corrupt beschouwen. De komst in 2001 van onze landgenoot Jacques Rogge – een afstandelijke gentleman, wars van uiterlijk vertoon – aan het hoofd van de olympische beweging vonden de Angelsaksen wel een verademing. Ze noemden hem niet voor niks Doctor Clean.

Rogges verkiezing had weinig voeten in de aarde, maar zette een aantal destructieve mechanismen in werking. Richard Pound was ook kandidaatvoorzitter, maar kansloos, en hij was blijkbaar de enige die dat niet besefte. Zelfs de corrupte Koreaan Kim kreeg meer stemmen dan hem, en Pound was daar zo van ondersteboven dat hij de olympische sponsors aanschreef met de melding dat hij hen niet langer garanties kon bieden dat hun geld goed was besteed. Dat was het begin van een vuile oorlog.

De rol van Pound als voornaam lid van het IOC was uitgespeeld, maar Rogge liet hem het WADA als zoethouder, en dat is niet de beste beslissing gebleken. Van in het begin heeft de Canadees het WADA gebruikt als stormram om Hein Verbruggen, toen voorzitter van de Internationale Wielerunie (UCI), aan te vallen. Verbruggen was een van de kingmakers van Rogge geweest en aangezien Rogge zelf onaantastbaar was, viel Pound hem op zijn zwakke flank aan, die van wielerliefhebber.

Rogge moest meermaals de gemoederen sussen, maar Pound wist van geen ophouden. Verbruggen liet zich ook niet doen en wees er bij elke gelegenheid op dat het WADA van Pound inefficiënt was en een kruistocht voerde tegen zijn sportbond, die nota bene het verst was gevorderd in de strijd tegen doping. De internationale Engelstalige media geloofden Verbruggen niet en citeerden vooral Pound.

Pound zou zelfs na de val van Armstrong het hoofd van het dopinglab van Lausanne onder druk zetten om tegen de UCI en Verbruggen te getuigen. Toen professor Martial Saugy weigerde te verklaren dat de UCI een positieve test van Armstrong had verdonkeremaand, werd hij door Pound en co. bedreigd in zijn carrière aan de universiteit.

Verbruggen en Pound kwamen elkaar tegen in nog een ander loopgravengevecht. De Nederlander voerde als voorzitter van de mondiale vereniging van sportbonden (SportAccord) een kruistocht tegen het contract voor het leven dat Pound in 1996 namens het IOC had getekend met het USOC, het Amerikaans Olympisch Comité. Dat bepaalt dat het USOC voor die afstand van olympische rechten op Noord-Amerikaans grondgebied 500 miljoen dollar (zo’n 450 miljoen euro) krijgt voor deze olympiade van vier jaar. Dat is

evenveel als alle sportbonden samen. Alle andere nationale olympische comités (meer dan 200) krijgen samen 819 miljoen dollar (732 miljoen euro).

Het was een wurgcontract dat een tweespalt dreef in de olympische familie. Je was voor of tegen die deal, en het overgrote deel van de IOC-leden (het IOC is een verzameling van honderd mensen-leden en niet van bonden of landen) was tegen en dus ook tegen Pound, die nog meer buitenspel stond.

WADA liet Russen begaan

Even samenvatten, welke partijen zijn nu in het spel? Enerzijds de Noord-Amerikanen, die bijna altijd een blok vormen met de andere Engelssprekenden (Canadezen, Australiërs, Engelsen) die ook een hekel hebben aan Europa, dat de mondiale sport nog altijd bestuurlijk domineert. Anderzijds het Europees getinte IOC, dat zich probeert te moderniseren en dat in 2013 voor de vierde keer op rij een Europeaan, deze keer de Duitser Bach, als voorzitter had gekozen. Tussen die blokken een zwaar gefrustreerd IOC-lid, Dick Pound, die de dopingbestrijding misbruikt om af te rekenen met zijn vijanden. De Canadese onderzeeër liet en laat niet na het IOC in diskrediet te brengen.

De frustratie van Pound komt voor een deel voor rekening van het WADA, waar hij al sinds 2007 geen voorzitter meer van is, maar als bestuurder nog altijd het hoge woord voert. Hij stelde zwakke voorzitters aan die hem naar de mond praten, zoals de Australiër John Fahey en vandaag de Brit Craig Reedie, ook een IOC-lid.

Om het met Pounds woorden van 2001 te zeggen, het WADA is na zeventien jaar nog steeds een zootje en hij weet dat als geen ander. Zijn grote mond en agressieve praat moeten de aandacht afleiden van de fouten die zijn agentschap heeft gemaakt en die bekend zijn bij het IOC, maar niet altijd bij de media omdat het IOC te netjes communiceert en geen partij is voor de wild om zich heen schoppende Pound. Hij blijft de favoriete gesprekspartner van de internationale persagentschappen en zo wordt zijn stem over de hele wereld gehoord.

En wat hebben de Russen nu met dat alles te maken? Hun dopingdossier dreigde eerst een nagel aan de doodskist te worden van het WADA, maar bleek uiteindelijk een godsgeschenk. De Russen zijn wel degelijk zwaar over de schreef gegaan met hun door
de overheid toegedekte dopingsysteem voor vooral atletiek en wintersporten, toen ze respectievelijk het WK atletiek (2013) en de Winterspelen (2014) organiseerden. Later zouden ook andere sporten daar wel eens van profiteren.

Maar de ongemakkelijke waarheid is dat het WADA jarenlang Rusland geen strobreed in de weg heeft gelegd. Om uit de biecht te klappen ging het Russische gezinnetje Stepanov(a) al in 2010 te rade bij het WADA. Na drie jaar heen en weer mailen kwam er nog niets van en een niet nader genoemde WADA-official stuurde hen door naar een journalist van ARD, die later het verhaal bracht. Dan pas schoot het WADA in actie. Het WK atletiek in Moskou was al achter de rug.

Hetzelfde scenario voor de Winterspelen van Sotsji. De latere spijtoptant en toen nog directeur van het dopinglabo in Moskou en Sotsji, Grigori Rodtsjenkov, heeft een maand voor de Spelen van Moskou onomwonden aan de scientific director van het WADA verklaard dat hij onder externe druk stond om ‘dingen’ te doen. Daar is niks mee aangevangen. Men had de dopinganalyses toen kunnen weghalen bij de Russen en naar de Europese labo’s sturen, maar dat is niet gebeurd. Integendeel: WADA’s voorzitter Craig Reedie schreef een erg amicale brief naar de Russische sportminister Vitali Moetko, dat hij alle vertrouwen had en of ze nog steeds vriendjes waren?

De Koude Sportoorlog

De Russen maakten handig gebruik van de inefficiëntie van het WADA, die bij de sportbonden al veel kwaad bloed had gezet en die ook het Internationaal Olympisch Comité had doen nadenken over een WADA 2.0, iets wat Pound absoluut wilde beletten. Ook dat aspect bleef onder de mediaradar. Het WADA en Pound bleken eens te meer de heiligen en het Pound-rapport over Sotsji focuste op het bedrog van de Russen. Niet op de onkunde en laksheid van het WADA.

De Russen reageerden met een mix van verwondering en opportunisme. In deze geopolitieke chaos vielen zaakjes te doen. Dit was tenslotte de Koude Sportoorlog, zo had grote baas Vladimir Poetin verordonneerd. Behalve een dopingprogramma om prijzen te pakken, hadden de Russen nog een andere prioriteit: hun invloedssfeer uitbreiden in een wereld waarin de Amerikanen geen enkele belangrijke positie meer bezetten. Voor Poetin was het duidelijk: Rusland zou de grote sportnatie van weleer worden en zich profileren als een betrouwbare organisator en partner van de mondiale sport.

In 2007 kwam hij hoogstpersoonlijk naar Guatemala om het IOC toe te spreken in het Engels en het Frans – voor het eerst en voor het laatst – en haalde zo de Winterspelen van 2014 binnen voor Sotsji. Later zou hij ook de FIFA inpakken voor de World Cup voetbal van 2018 en ook heel wat andere sporten besloten naar Rusland te trekken voor hun kampioenschappen. De Amerikanen keken met lede ogen toe hoe iedereen kampioenschappen kreeg, en zij niet.

Enter de laatste partij: de Arabieren. Zij hebben geld, maar weinig historische macht in de sport. Ze spelen wel een belangrijke rol als kingmakers achter de schermen. De Koeweitse sjeik Ahmad al Fahad al Sabah spant daarvoor samen met Poetin en samen hebben ze de Roemeen Marius Vizer (judo), de Serviër Nenad Lalovic (worstelen) en de Hongaar Tamás Aján (gewichtheffen) op de troon van hun sport gekregen.

Buiten categorie is de Russische oligarch Alisjer Oesmanov, eigenaar van Metalloinvest en voorzitter van de staatsholding Gazprominvest. Deze aandeelhouder van Arsenal FC zit de internationale schermbond voor. Ook sportpaus Thomas Bach genoot de steun van Poetin, maar heeft zijn verkiezing niet aan hem te danken en nog minder aan zijn roebels, zoals wel eens wordt gesuggereerd. Ook Jacques Rogge werd in Moskou destijds verkozen met de steun van de Russen (en de Arabieren) en Poetin was de eerste met wie Rogge moest gaan eten de avond van zijn verkiezing.

Door de beslissing van het IOC om de sportbonden te laten oordelen over de Russische verdachte atleten, zie je zo de lijntjes lopen. Alle Russische judoka’s of schermers zijn welkom op de Spelen. Vizer en Oesmanov zijn dan ook de dikste vrienden van Poetin. En van slechts één worstelaar – die tien jaar geleden al eens positief was – is de accreditatie ingetrokken. Maar alle acht Russische gewichtheffers zijn dan weer ongewenst.

Dit is de situatie op minder dan een week van de Spelen: Moskou klaagt steen en been, het WADA in Montreal slaat wild om zich heen. Geprangd tussen Moskou en Montreal is IOC-voorzitter Thomas Bach het grootste slachtoffer van deze catch 22. Zijn fout? Hij had zich meer moeten distantiëren van Poetin en co. Ondanks een tot op heden onberispelijk parcours is hij nu op die zwakke flank gepakt.

Ook het Internationaal Olympisch Comité is in zijn eerbaarheid en grandeur aangetast. Het voorbije weekend heeft het uitvoerend comité van het IOC vergaderd (zie hiernaast), vandaag is het rustdag en de volgende drie dagen staat de sessie met alle leden op het programma. Donderdag geeft het WADA een persconferentie. Vuurwerk verzekerd, door Dick Pound en tegen Dick Pound. De echte sport begint zaterdag.