Column Laborat in De Morgen van zaterdag 25 juli 2026

Laborat


Of ik er weet van had dat Remco Evenepoels uiting als moslim op veel weerstand kon rekenen. Dat vroeg een fietsvriend die met zijn hele lijf en leden, en vooral zijn hersenen, midden in het wielrennen staat. We reden naar zee voor zeer goed beoordeelde garnaalkroketten. Ik viel net niet van mijn fiets, al had dat wellicht ook te maken met de felle noorderwind.

Ik antwoordde dat die verwijzing naar de islam, en de inspiratie die hij daar samen met zijn vrouw uit haalde, van hem nog geen voltijdse moslim maken. Zolang hij niet in djellaba van de massagetafel komt en om 5 uur opstaat om zijn matje open te leggen, en dat met de goegemeente deelt, zal het met die weerstand wel meevallen, zo gaf ik nog aan.

Blijkbaar zag ik dat verkeerd. Ik meende te begrijpen dat er wat aan de hand was en dat de asociale media daar een rol in speelden. Deze week kwam daar de cri de coeur van Jasper Philipsen over Instagram bij, een medium dat door generaties na mij liefdevol wordt aangeduid als Insta.

Ik heb het een beetje gehad met dat gezeik, excusez le mot, van publieke figuren over die asociale media.

Ten eerste: je moet weten dat de helft (conservatieve schatting) van de bevolking zich zo niet vol-, dan toch minstens deeltijds gedraagt als randdebiel als ze op de asociale media zitten.

Ten tweede: neem een voorbeeld aan stervoetballer Michael Olise. Als je niet tegen de hitte kunt, blijf dan uit de keuken, in casu de internetriolen.

Ten derde: als je koste wat het kost toch Instagram of een ander medium wilt om het eigen narratief te controleren buiten de traditionele media om, neem het er dan bij.

Natuurlijk is het niet normaal dat mensen andere mensen digitaal kunnen uitschelden. Natuurlijk mag daar een rem op komen, anonieme accounts verbieden bijvoorbeeld. Zolang dat niet gebeurt, een goede raad: blijf weg van de asociale media.

Blijkbaar horen die nare commentaren erbij, zo vertelde de asocialemediamanager van Evenepoel gisteren in de krant. Vreemd. De meerwaarde van het plaatsen van ontboezemingen, filmpjes of foto’s op Instagram of welk ander onzinnig platform dan ook weegt niet op tegen de nadelen.

Maar dan nog. Wie geen interesse heeft in wat het klootjesvolk vindt, kan de reacties uitschakelen, ook op Insta. Vandaar, ten vierde en ten slotte de beste raad: huldig het Michael Jordan-principe. I teach, you reach. Ik zeg/schrijf/post, jij luistert/leest/kijkt.

Evenepoel zal ook zonder socials een polariserende figuur blijven. Het was van bij zijn eerste verschijning op twee wielen voor iedereen wennen aan zijn streken en maniertjes. Die had hij zogezegd meegenomen uit het voetbal, maar daar klopt niets van. Er zijn nog wel wielrenners geweest met die extraversie, alleen hadden die niet zijn palmares en dus minder tekst.

ADHD komt vaker voor bij eliteatleten dan bij de rest van de bevolking. Dat zou een logische verklaring kunnen zijn voor zijn gedrag, dat in andere sporten dan het inherent bescheiden wielrennen minder zou opvallen. Tijdens deze Tour de France lijkt een Evenepoel 2.0 te zijn opgestaan. Zelfs al wordt hij weggeblazen op en rond Alpe d’Huez, Evenpoel 2.0 is een verbeterde versie van 1.0.

Hij is een even goede tijdrijder gebleven, is een betere klimmer geworden en zit duidelijk beter in zijn vel. De emotionele intensiteit die hem bij zijn vorige ploeg zo kenmerkte, heeft plaatsgemaakt voor een bepaalde stabiliteit, randje rust. De ploegwissel heeft duidelijk geloond.

Soudal-QuickStep hoeft zich dat niet aan te trekken. Wat ze bij Red Bull-Bora-Hansgrohe voor elkaar hebben gekregen, dat kunnen ze bij elke grote ploeg, alleen was de opwindingzoeker in Evenepoel de opwinding kwijt bij SQS.

Hij heeft nog wel vertrouwde figuren rond hem, zoals Maxim Van Gils op de fiets, Klaas Lodewyck en Sven Vanthourenhout in de volgauto, Dario Kloeck en David Geeroms in de entourage, maar die totaal nieuwe omgeving bleef toch een sprong in het onbekende. Veranderen van trainer, onderweg nog eens veranderen van trainer toen die eerste plots vertrok, en dat allemaal in een cruciale periode waarin onbekend sportief terrein werd verkend, je moet het maar doen.

De belangrijkste verwezenlijking van Evenepoel is zijn gewichtsverlies dat niet gepaard ging met kracht- of conditieverlies. Evenepoel weghouden uit wedstrijden en tegelijk van wat hij nog liever doet dan fietsen, namelijk lekker eten, en hem vervolgens bijna als een laborat in een gecontroleerde omgeving met koolhydratentekort laten trainen: hoe ze dat voor elkaar hebben gekregen, was multidisciplinair vakmanschap.