Column Basketbalpussy’s in De Morgen van zaterdag 25 oktober 2025

Basketbalpussy’s

Er is in onze media veel en misschien net iets te veel te doen rond Toumani Camara en Ajay Mitchell, die in de Amerikaanse profbasketbalcompetitie NBA hun boterham verdienen. Een hele industriële bakkerij in het geval van Camara, die recent een contractverlenging tekende bij Portland Trail Blazers. In vier seizoenen zal hij omgerekend zo’n 70 miljoen euro verdienen.

Plus, alle beetjes tellen, nog eens de zogeheten per diem: 134 euro per dag dat ze on the road zijn en dat zijn al snel 120 dagen per jaar. Zakgeld als het ware, dat ze cash in een envelopje krijgen uitbetaald, telkens als ze verzamelen voor een sportieve uit-trip.

De veelverdieners weigeren dat envelopje op vaste basis en vragen om het geld te verdelen over de minder gefortuneerde stafleden of te schenken aan een goed doel. Als je zoals Stephen Curry 198 euro verdient per seconde dat je op het veld staat, kun je die per diem best missen. Collega’s die Camara en Mitchell ooit tegen het lijf lopen: toch maar even vragen welk goed doel zij met hun per diem een plezier doen. Of niet.

Het NBA-seizoen is dinsdagnacht van start gegaan met een nipte overwinning van regerend kampioen Oklahoma City Thunder tegen Houston Rockets. Mitchell stond een kwartier op het veld van de 58 minuten (inclusief twee overtimes) die de wedstrijd duurde en scoorde zestien punten.

Mitchell is tweede garnituur bij de kampioen. Hij heeft een contract van drie jaar voor in totaal 7,5 miljoen euro, waarvan ‘slechts’ 5 miljoen is gegarandeerd. Camara heeft al meer naam gemaakt, maar speelt dan weer voor een team dat normaal geen enkele kans maakt op de play-offs. Mitchell verdient een tiende van wat Camara in één jaar betaald zal krijgen, maar heeft wel al een mooie kampioenschapsring. Wie herinnert zich nog dat hij in de beslissende zevende wedstrijd maar 32 seconden op het veld stond?

Het grote nieuws in de VS bij de start van het basketbalseizoen is natuurlijk de comeback van Michael Jordan in de NBA. Niet als speler: been there, done that, the best ever. Ook niet als eigenaar: twee keer geen groot succes, maar toch met winst verkocht. Wel als zogeheten pundit, al doet de definitie van pundit, zijnde ‘een autoriteit met recht van spreken’ hem niet helemaal recht aan.

Jordan die voor NBC geregeld zijn diepere inzichten zal verkondigen, dat is de gezamenlijke comeback van het orakel van Delphi en de goden Apollo en Zeus. ‘MJ: Insights to Excellence’, zo heet zijn bijdrage aan NBC, dat 23 jaar wegbleef uit de NBA en met Jordan een publiekstrekker van formaat heeft weten te strikken.

Niemand die verwacht dat Jordan op een koude winteravond een blazer zal aantrekken om bij een topwedstrijd ergens in het besneeuwde Midden-Westen tijdens de rust aan de rand van het veld met een spot op zijn gezicht zijn hoogstpersoonlijk licht te laten schijnen op het vertoon. Zijn eerste optreden dinsdagnacht was dan ook een drie minuten durend vrijblijvend gesprekje bij hem thuis. Voor de mediacritici de aanleiding om zijn optreden als magertjes te kwalificeren.

Dat Jordan bij latere gelegenheden ferm uit de hoek zal komen, laat daar geen twijfel over bestaan. Nu aan zijn nalatenschap wordt gemorreld en de Insta- en TikTok-generaties zonder historisch besef aan zijn GOAT-status twijfelen, alleen omdat opa LeBron James maar van geen wijken wil weten, is het tijd voor Jordan om wat puntjes op de i te zetten. Zo had hij het over die magische pil die hij zou willen om tegen de generatie van vandaag nog competitief te zijn.

De generatie van vandaag, wat is dat toch met die gasten? Recent vanop de fiets (Zwift) The Starting Five, seizoen twee beginnen te kijken. Tyrese Haliburton, Jaylen Brown, Kevin Durant, James Harden en Shai Gilgious-Alexander (SGA voor de vrienden) spelen de hoofdrollen. De eerste drie afleveringen hebben weinig om het lijf.

Aflevering twee ‘Love and Basketball’ gaat zowaar over – hoe raadt u het? – de liefde, waarbij de pas verworven vriendin van Harden uitlegt hoe ze hard to get heeft gespeeld maar dan toch viel voor zijn charme. Of was het toch zijn geld? Aflevering vier zal gaan over de rol van hun moeders in hun leven.

SGA, een Canadees nota bene, mag door zijn garderobe, rare bandana en die cornrows (bij drie van de vijf hoofdrolspelers te zien) op een bendeleider lijken, voorlopig boeien die basketbalpussy’s niet, Netflix. Alle hoop rust bij Zijne Genade om ons in drie minuten uit te leggen wat er nodig is om te winnen: een kort geschoren kopje en meedogenloosheid.

Column Ego/geopolitiek (bis) in De Morgen van maandag 20 oktober 2025

Ego/geopolitiek (bis)

(INMIDDELS DOOR DE FEITEN JAMMER GENOEG ACHTERHAALD)

Binnen de beperkte ruimte die andere sporten dan voetbal en wielrennen wordt toebedeeld in onze media, tenzij die atletiekvaudeville in het Vlaams Parlement, is de voorbije week belangwekkend internationaal sportnieuws onderbelicht gebleven. Het wereldkampioenschap artistieke gymnastiek, dat gisteren van start ging, mist Israël als deelnemend land, omdat organisator Indonesië besloot geen visa toe te kennen aan de Israëlische ploeg.

Dat is nogal wat. In olympische middens wordt van een splinterbom gesproken. Israël wilde met zes gymnasten en een setje omkaderend personeel afreizen, onder wie de olympische gouden en zilveren medaille Artem Dolgopyat.

Op deze plek werd vorige maand nog gepleit voor een boycot van Israël in de internationale sport, maar dat was toen Gaza nog volop werd gebombardeerd. Hoewel het daar nog steeds geen feest is, lijkt het politieke kader rond het Gaza-conflict aan het bewegen. Een boycot van de Israëliërs was daarom niet meer aan de orde en zet alleen maar meer kwaad bloed.

Die ging voor alle duidelijkheid niet uit van de internationale gymbond FIG. Het was het organiserende land Indonesië, een moslimland dat Israel nooit heeft erkend, dat de FIG voor een voldongen feit plaatste. Israël probeerde via het Hof van Arbitrage voor de Sport in Lausanne alsnog de visa af te dwingen, maar dat achtte zich onbevoegd omdat niet een sportbond maar een land de boycot had uitgesproken.

Iedereen in de internationale sportwereld is het erover eens dat dit scenario te allen tijde moet worden vermeden. Voor je het weet is het de organisator of het gastland dat bepaalt wie mag deelnemen op grote kampioenschappen.

Neem nu het WK voetbal van volgend jaar. Iran heeft zich als dertiende land al een tijdje geleden geplaatst voor de wereldbeker in Noord-Amerika en zal wellicht enkele wedstrijden in de VS moeten spelen. Als Donald Trump het op zijn heupen krijgt, kan hij zomaar visa weigeren voor dat deelnemende land.

Van de eenzijdige actie van het organiserende land Indonesië is door de Fédération Internationale de Gymnastique “akte genomen”, maar ook niet meer dan dat. Dat wordt meer dan een rimpel in de salons van de wereldsport. De voorzitter van de FIG heet Morinari Watanabe en die is sinds 2018 ook lid van het Internationaal Olympisch Comité.

Daar is men begrijpelijkerwijze niet blij met zijn slappe houding. Dat komt boven op de niet al te beste indruk die hij had gemaakt met zijn kandidatuur voor het IOC-voorzitterschap. Hij schraagde die met een waanzinnig voorstel om de Spelen simultaan op de vijf continenten te laten plaatsvinden. Een luizige vier stemmetjes heeft hij daarvoor gekregen.

Wat de gevolgen zijn voor Indonesië is niet helemaal duidelijk, maar een internationale sportbond moet nu toch twee keer nadenken voor ze daar nog eens aankloppen. Bij uitbreiding geldt dat voor elke kandidatuur komend van een moslimland. In 1962 weigerde Indonesië al eens Israël voor de Aziatische Spelen (toen Israël nog bij Azië hoorde) en werd vervolgens zelf uitgesloten van de Spelen van Tokio 1964. In 2023 verloor Indonesië het WK voetbal voor de U20 omdat de gouverneur van Bali geen Israëlisch team op zijn eiland duldde.

Een internationale sportbond heeft tegenwoordig best iemand op de payroll die de internationale ontwikkelingen volgt. De sportbonden zouden zich ook best aan elkaar vastklinken en hun houding ten aanzien van conflicten op elkaar afstemmen. Daar ligt een taak voor het Internationaal Olympisch Comité en zijn nieuwe voorzitter Kirsty Coventry.

Zij was nog maar net aangetreden of de Braziliaan Andrew Parsons, net als Watanabe een IOC-lid, besloot met zijn Internationaal Paralympisch Comité de schrapping van Rusland en Wit-Rusland als team ongedaan te maken. Door die beslissing zullen die twee landen – in 2022 geschorst na de inval in Oekraïne en later als neutrale atleten toegelaten – voortaan weer net als vroeger in hun kleuren, met hun hymne en hun vlag mogen paraderen.

De Paralympische Winterspelen vinden begin 2026 plaats in Milaan en Cortina d’Ampezzo, volgend op de ‘gewone’ Olympische Spelen, waarvoor de zes wintersportbonden voet bij stuk houden: alleen individuele neutrale atleten van die landen zijn toegelaten.

De actie van Parsons, die zijn laatste herverkiezing in Delhi in september van dit jaar op die manier veiligstelde, heeft meer dan één beweegreden. Tussen zijn IPC en het IOC botert het al een hele tijd niet meer.

Oekraïne kon er alvast niet om lachen. “Twee landen mogen straks op het wereldtoneel van de sport hun in bloed gedrenkte vlag heisen.” Geef hun eens ongelijk.

Column Ego/geopolitiek in De Morgen van 18 oktober 2025

Ego/geopolitiek

Het fait divers van de voorbije sportweek? Toch wel dat geen 24 uur na te hebben geshined in de wedstrijd tegen Wales onze Jérémy Doku is getrouwd met Shireen Raymond. Die mevrouw kennen we nog van aflevering twee van de Doku-docu.

In een voor een doorsneemens redelijk ontluisterende scène vroeg Doku ‘zijn’ Shireen ten huwelijk op een met rode slingers en hartjes aangekleed strand. In Dubai, of wat dacht u?

When two become one, zo heette die aflevering twee van vijf, en daarin kwamen we ook te weten dat voorhuwelijkse seks onbespreekbaar was voor beiden. Ze hadden voor de gelegenheid een kamer met twee aparte bedden gereserveerd. Het hotel dacht nog wel dat ze zich hadden vergist.

Maar neen, dus mogen we ervan uitgaan dat in de nacht van dinsdag op woensdag de Doku-Raymond-verbintenis is geconsumeerd, zoals dat heet. We hopen met zijn allen op een epiloog van de Doku-docu!

Maar hét feit van de voorbije sportweek was toch wel de aanwezigheid van de zonnekoning van het voetbal Gianni Infantino bij de ondertekening van het vredesakkoord tussen Israël en Hamas in Egypte. Nooit heeft een voorzitter van een sportbond zo hoog in aanzien gestaan bij politieke leiders.

Ik stond erop te kijken toen Ruslands nieuwe president Vladimir Poetin in 2001 de ook pas verkozen Jacques Rogge na zijn stand-up in het VRT-journaal liet oppikken door zo’n zwarte KGB-limousine. Rogge ging na 9/11 ook in het Witte Huis op bezoek bij George Bush. Ferm tegen zijn goesting, hem een beetje kennende.

Zijn opvolger Thomas Bach schurkte veel liever aan bij de groten der aarde; bij vredesgesprekken was hij evenwel nooit betrokken. Maar hoe zou Infantino’s voorganger Sepp Blatter zich voelen? Als er nu één was die op dat soort ontmoetingen kickte, dan wel hij.

En wat met Michel Platini? Als Blatter hem niet had meegenomen in zijn val in 2015, dan was hij vandaag allicht de FIFA-voorzitter en niet zijn toenmalige secretaris-generaal. ‘Platoche’ – ik ken zijn stamtafeltje in Bistrot de Nino aan de haven van Cassis en ik zie hem zo zitten – zal zich hebben verslikt in zijn cappuccino bij het zien van de foto’s van die Zwitserse biljartbal (zijn omschrijving van Infantino) aanschurkend bij Donald Trump in diens finest moment.

Het is al begonnen, maar vooral 2026 tot en met 2028 worden topjaren voor wie zich een beetje interesseert in de (ego/geo)politiek van de sport. Trump is daarbij een geschenk uit de hemel. Niet zeker of de ‘operationelen’ bij de wereldvoetbalbond FIFA en het Internationaal Olympisch Comité dat ook zo zien.

Het WK voetbal wordt ook in Mexico (in drie steden) en Canada (twee steden) gespeeld, maar de VS hebben elf speelsteden. Behalve twee achtste finales worden alle wedstrijden vanaf de round of 16 in de VS gespeeld.

Opmerkelijk hoe de belangrijkste wedstrijden mooi zijn verdeeld over steden met een Republikein als burgemeester en die met een Democraat. De finale gaat evenwel door in New York, maar technisch gezien is dat Newark (New Jersey), waar de Democraat Ras Baraka burgemeester is.

Voorlopig, want als het van Trump afhangt zal er nog wat veranderen als sommige burgemeesters hun zaakjes niet op orde krijgen. Hij dreigde er al mee Boston zijn zeven wedstrijden in het Gillette Stadium af te nemen omdat burgemeester Michelle Wu het niet eens is met zijn aanpak van migranten in haar stad.

“Ik weet dat de wedstrijden uitverkocht zijn, maar je burgemeester is niet goed. Als ik denk dat de omstandigheden niet veilig zijn, dan zou ik Gianni – who’s phenomenal – kunnen bellen en zeggen: ‘Laten we naar een andere plek gaan.’ En dat zou hij doen.”

Reken maar dat ze van nu tot het begin van het toernooi in Zürich en daarbuiten peentjes zullen zweten om de onberekenbaarheid van Trump en zijn slippendrager, hun eigen baas.

Die laatste verwijzing naar Boston deed Trump tijdens een bezoek van zijn Argentijnse spitsbroeder Javier Milei, bekend van de kettingzaag. Zijn harde toon zou daarmee te maken kunnen hebben. Dat hij in één moeite ermee dreigde Los Angeles de Olympische Spelen af te nemen, zal dan weer in Lausanne op wenkbrauwgefrons zijn onthaald.

Ook en niet het minst in L.A., waar ze enkele uren eerder victorie kraaiden omwille van de 12 miljard dollar boost die de economie zou krijgen van de Spelen. “Het zal wat lastiger zijn om the Olympics te verhuizen,” schatte Trump het goed in, “maar als hij vervelend blijft doen (gouverneur Gavin Newsom, HV), zijn stad niet op orde krijgt en het daar te onveilig wordt, zal het moeten.”

Never a dull moment, van nu tot juli 2028, beloofd.

Column Remco RIP in De Morgen van maandag 13 oktober 2025

Remco RIP

Remco Evenepoel heeft zaterdag zijn laatste koers in dienst van Soudal-QuickStep gereden. Hij kan met zijn pas afgestudeerde Oumi een welverdiende vakantie nemen en hopelijk op reis gaan. Zeven jaar heeft hij voor de ploeg(en) van Lefevere gereden.

Zeven! Het is alsof hij er gisteren kwam aanwaaien. Die zeven seizoenen leverden in 2019 een eerste grote overwinning in de Clásica San Sebastián op, gevolgd door twee monumenten – twee keer Luik-Bastenaken-Luik – en één grote ronde, de Vuelta. Daarnaast veel kleinere rondes en Belgische, Europese en wereldtitels op de weg en in het tijdrijden, en dubbel olympisch goud.

Ogenschijnlijk verloopt de scheiding ordentelijk en berusten alle partijen in de royaal afgekochte vrede. De toekomst zal het uitwijzen of het Remco RIP wordt. Oud zeer is er zeker. Niemand is vergeten hoe drie jaar geleden pa Evenepoel al een rondje liep langs enkele koersprominenten met de vraag voor welke ploeg zijn zoon zou moeten rijden om de Tour te winnen.

Dat was in augustus 2022. Een maand later werd Remco Evenepoel wereldkampioen in Wollongong, waar hij in de aanloop naar de wedstrijd luidop piekerde dat hij van ploeg moest veranderen. Dat het nog drie jaar duurde voor Red Bull-Bora-Hansgrohe hem kon losweken uit Wevelgem, daar is maar één uitleg voor: de gewezen boekhouder Lefevere weet hoe hij een contract moet betonneren.

Het WK van Wollongong, waar favoriet Mathieu van der Poel haast in de cel belandde, is vooralsnog de enige wedstrijd die Evenepoel won en waarin ook ene Tadej Pogacar meereed. De Sloveen werd er zeventiende in het peloton dat op 2:21 van de Belg over de streep rolde. “Saaie wedstrijd op een saai parcours”, foeterde Pogacar laatst nog.

Er was nog één wedstrijd waarin Evenepoel won mét Pogacar aan de start. Dat was Luik-Bastenaken-Luik in 2023. Alleen reed de Sloveen toen niet uit omdat hij vroeg in de wedstrijd in een put reed, viel en daarbij zijn hand brak.

Zaterdag zei Evenepoel dat zijn palmares er nog mooier zou uitzien als er geen Pogacar was. Er zo maar vanuit gaan dat tweede plaatsen zonder Pogacar eerste plaatsen zouden zijn geworden, is kort door de bocht.

Evenepoels winstkansen zouden zonder Pogacar zijn gestegen, maar de wedstrijden zouden ook anders zijn verlopen, wellicht veel opener en minder voorspelbaar. Niet zeker of de – excuseer – chaoot Evenepoel genoeg koersslim geweest zou zijn om die naar zijn hand te zetten. Het omgekeerde is wel zo goed als zeker: Evenepoel heeft zijn mooiste koersen gewonnen omdat Pogacar niet meereed, zoals bijvoorbeeld op de Olympische Spelen.

Evenepoel verlaat ook zijn trainer Koen Pelgrim die hem zeven jaar schema’s stuurde en hem bracht waar hij nu staat. Hij rekent op zijn nieuwe trainer Dan Lorang om de kloof met Pogacar te dichten. Dat is geen geschenk voor de 45-jarige Luxemburger.

Er is meer dan één kloof, waarover hebben we het? Die in het groterondewerk? Vergeet het. Dat is geen kloof, maar een ravijn. Die in het klassieke werk? Die is kleiner, maar of die zomaar te overbruggen is en of je dat wel moet willen, daar zullen de specialisten het nooit over eens geraken.

Trainingsleer is complex, maar het is ook geen combinatie van raketwetenschap en hersenchirurgie. Wat die trainers doen, is ongeveer hetzelfde. Ze testen de atleet op zijn verschillende drempelwaarden en stellen op basis daarvan trainingsschema’s op in functie van de doelen.

Wat heeft Remco Evenepoel niet, dat Tadej Pogacar wel heeft, behalve dat gigantische verschil in mentale sterkte en rust? Het is duidelijk dat hij minder lang zijn hoogste wattages kan trappen. Toen zaterdag in ‘Lombardije’ Jay Vine op kop begon te sleuren, reed Evenepoel al met zijn shirt open. Hij deed nog wel even alsof het hem niet veel deed door ostentatief zijn bril op zijn helm te zetten, maar zijn mimiek was toen al die van een vis die het droge zag aankomen.Toen Vine met een elleboog zijn baas aanmaande om er een lap op te geven en zelf aan de kant ging, gaf Remco Evenepoel geen krimp. Hij reed gewoon door, deed alsof hij niks had gezien en Pogacar niet meetelde.Ik wens de trainer succes die met Evenepoel aan de slag gaat om die kloof dicht te rijden. De ‘conditie’, om een onwetenschappelijke term te gebruiken, bestaat niet. Er zijn meerdere ‘condities’ en die zijn communicerende vaten. Breng je de ene op een hoger niveau, dan gaat dat meestal ten koste van de andere.

Evenepoel staat op een kruispunt in zijn carrière: hij wil ergens nóg beter in worden, zonder ergens anders slechter in te worden. Als dat verkeerd wordt aangepakt, is hij terug naar af.

Column Topsportmodel in De Morgen van zaterdag 11 oktober 2025

Topsportmodel

‘Remco had moeten aanvallen voor afdaling’: ChatGPT komt met 5 strategieën hoe Evenepoel Pogacar had kunnen verslaan.’

Dat was de kop boven een ‘artikel’ op de site van Sporza. Op Sporza verschijnt inmiddels meer van dit soort onzin dan content die in de buurt komt van journalistiek. Een ex-journalist zette het op X met de melding ‘journalistiek is dood’. Ik heb dat geretweet met daarboven ‘de sportjournalistiek is dat al een tijdje’.

Geen deelgebied in de journalistiek is zo vergeven van foute aannames, cirkelredeneringen en vooral van de herkauwde platitudes. U kent ze wel: de bal is rond, de koers moet altijd worden gereden en Club heeft een keepersprobleem. De lijst is oneindig.

Van dezelfde orde is het zinnetje dat u de laatste weken vast wel heeft meegekregen in de marge van de atletiekaffaires: de atleet moet centraal staan.

Ik weet waar dat zinnetje vandaan komt: uit de koker van iemand van het Belgisch Olympisch en Interfederaal Comité. De bedoeling van die boutade was het BOIC tegenover de sportbonden positioneren als atleetgericht. Dat de topsportdirecteur van het BOIC recent zelf een klacht indiende in de zaak-Maudens (zie verder) past in die perceptiepolitiek.

Uiteraard draait alles in de topsport om presteren door de topsporters. Of die atleten, dan wel de atleet, centraal moeten staan, waarmee wordt bedoeld dat zij de norm zijn om een sportbeleid uit te tekenen? Meestal geen goed idee.

Vanuit de optiek van de atleet is ‘de atleet centraal’ in een individuele sport vaak een vrijgeleide om een goed gesubsidieerd, veilig nestje te bouwen, ver van alle bemoeienissen, met niet al te veel verplichtingen en vooral zo weinig mogelijk afrekenmomenten. Dat is lange tijd het Belgische model geweest, uit gemakzucht extreem toegepast in Franstalig België, iets minder in Vlaanderen. Aan de oorsprong ligt gebrek aan beleid en aan visie op wat een goed topsportmodel moet zijn.

Wat als nu eens het model centraal zou staan? Een model dat voor zo veel mogelijk atleten voor zo goed mogelijke voorwaarden zorgt, waardoor die kunnen excelleren.

Een goed topsportmodel begint bij de prospectie: waar gaan we talenten zoeken? Vervolgens komt de detectie: hoe herken je talent? Daarna de selectie: wie wil zich inschrijven in een verder traject?

Nu begint het echte werk: de protectie of de bescherming van het talent. Dat wordt omkaderd door een multidisciplinaire groep van specialisten die fungeren als bumpers zodat het talent on track blijft.

Trainen is dan weer een zaak van evenwichten: hoeveel en hoe, aangepast aan het individu, dat in deze wel centraal moet staan. België is China niet, waar het principe van de mand met de eieren geldt. China onderwerpt zijn bodemloze talentpool aan extreme programma’s waarvan ze weten dat ze leiden tot olympische podia. Of: gooi een mand met eieren tegen de muur en het ei dat niet breekt, daarmee gaan we door.

Wij in ons kikkerlandje kunnen ons dat niet permitteren en moeten elk talent koesteren, rekening houdend met zijn of haar specifieke vaardigheden, maar dat is niet hetzelfde als eieren leggen onder elk talent met een gril. Voor dat alles is een min of meer centrale topinfrastructuur nodig, aangepast aan de steeds veranderende hoge eisen van de topsport.

Een echt topsportmodel daagt het talent uit om zich te engageren in een traject dat moet leiden (zou moeten leiden) tot excellentie. Een goed sportmodel werkt voorwaardenscheppend. Het zorgt met andere woorden voor alle voorwaarden om aan topsport te doen en neemt alle excuses weg waarachter een talent zich zou kunnen verschuilen om niet te presteren.

Aan dat ideale topsportmodel moest ik denken bij de onzin die in de marge van Thiam-gate door de media als papegaaien werd herhaald. “De atleet moet centraal staan.” Oké, maar dat is nog wat anders dan een atleet die haar/zijn zin mag doen, zich nergens iets van moet aantrekken en niet wil opgaan in een groter geheel.

Aan het ideale topsportmodel moest ik ook denken bij Hanne Maudens. Los van haar al of niet gelijk is haar timing wel heel opportunistisch. De achterliggende bedoeling is gebruikmakend van Thiam-gate samen de atletiekstructuren aanvallen, gaf Maudens zelf toe. Of de advocatenclub van meester Walter at work.

Als wat Maudens zegt ook effectief is gebeurd – zullen we dat ooit weten? – is dat het gevolg van een een-op-eenrelatie tussen atleet en trainer, waarbij de trainer ook kine was. In een centraal topsportmodel met sociale controle en een interdisciplinair omkaderend team waren al lang de alarmbellen afgegaan. Een beter argument voor een gecentraliseerd model is te niet te vinden.

Column vier (!) over Thiamgate in De Morgen van maandag 6 oktober 2025

De (wraak)godin Thiam

Het is officieel: atletiekgate is Thiam-gate geworden, een dossier met onzichtbare haken en ogen. We helpen u een handje.

Wat opviel in de weekendkranten was de gemakzucht van de redacties bij het knippen en plakken van het perscommuniqué. Ze kopieerden wat Nafi Thiam vertelde en namen haar cri de coeur ongenuanceerd over.

“Geïntimideerd en gepest”, heette het in de ene sportkrant. “Thiam dringt aan op ontslagen”, in de andere sportkrant. In het enige commentaar in nog een andere krant stond dat de atletiekbond het niet meer kan winnen van Thiam.

Ook daar aannames, recht uit het persbericht van Thiam. Zoals: niet het welzijn van de atleten, maar de eigen commerciële belangen staan centraal. Het welzijn van de atleet was hoegenaamd niet geschonden. De veelbesproken gedragscode bepaalde dat atleten de duur van het WK niet met hun eigen sponsors mochten pronken.

Geen buitensporige eis. Kevin De Bruyne liep ook niet met een pet van McDonald’s rond bij interlands. Bij de nationale ploeg ga je op in een groter geheel en daar horen sluitende afspraken bij.

Volgens Thiam was ze slachtoffer van toxisch leiderschap. Jeetje. Het verwondert dat ze er twee weken over hebben gedaan om het modewoordje in hun communicatie te gebruiken. Wat is het volgende? Intersectionaliteit? Zwarte vrouw, belaagd door witte cis-man? Of is hier het diversiteits-, gelijkheids- en inclusieprincipe geschonden? Jawel, maar dan eerder van de kant van Thiam.

De crux van de deze saga? Wanneer hebben Thiam en haar management voor het eerst die gedragscode gezien? Volgens de Franstalige LBFA was dat in mei, maar kwam er geen reactie. Het kamp-Thiam zegt dat ze pas vijf dagen voor afreis naar het WK van de code te horen kregen. Wie liegt?

Het al of niet ondertekenen van de code was/is alvast een zaak tussen Thiam en de LBFA. Hoe dat dan in een Vlaams schuifje belandde? De afwezigheid van daadkracht van de LBFA leidde tot ergernis bij de Vlaamse bond en meer in het bijzonder bij teamleider Rutger Smith. Vandaar ook de mail: laten we een voorbeeld stellen en haar niet inschrijven. Wat niet gebeurde.

Thiam was in Tokio, Smith niet. Haar prestatie was die van een atlete op retour. De eerste drie nummers lagen in de lijn van haar eerdere vorm: middelmaat, met een kans op brons. Nummer vier, de 200 meter, ging compleet de mist in. Nochtans is dat – starten, bochtje lopen en stukje rechtdoor – mentaal en technisch het minst complexe nummer van de eerste dag. Ze werd laatste. Een dag later haalde ze amper de zandbak in het verspringen, gaf op en stak de schuld op anderen.

In weerwil van haar bewering is dit een communautair dossier. Geknoei van de Franstaligen wordt misbruikt om Vlaamse structuren aan te vallen. Kop van Jut is Smith, de man die is gevraagd om orde te scheppen in de subsidievretende atletiekbaronietjes. Die grijpen nu Thiam-gate aan om hem ten val te brengen. Even terzijde, Smith is sinds zijn aantreden de teamleider van de succesvolste Belgische WK- en olympische delegaties.

Het moet vijftig jaar geleden zijn, van voor de communautarisering van sport, dat zo’n oekaze uit Franstalige hoek over de Belgische/Vlaamse sport werd uitgesproken. Atletiek Vlaanderen, hakken in het zand a.u.b..

Aan het perscommuniqué dat vrijdag werd verstuurd, zit misschien nog een ander haakje, wél Vlaams en nagenoeg onzichtbaar. In dat communiqué staat meer dan Thiam sinds 2016 in interviews opgeteld heeft gezegd. Iedereen die vijf minuten met Thiam in een mixed zone stond, weet dat dit communiqué niet uit haar koker komt.

Dit zijn de Van der Plaetsens aan het werk: Helena, een van haar managers, en haar broer Michael, Thiams coach na Tokio en ook haar vriend, zo raakte onlangs bekend. Op de achtergrond speelt voormalig atleet Thomas Van der Plaetsen ook een rol, al of niet gewild.

De Van der Plaetsens gaan door het leven als een hechte club – de Zuid-Afrikaanse sekte, hoor je weleens. Wie aan één van hen raakt, raakt aan de hele club. Dat Thomas Van der Plaetsen, toen 32, na jaren niks te hebben gepresteerd begin 2023 zijn topsportcontract zag stopgezet door Sport Vlaanderen, in samenspraak met Atletiek Vlaanderen (lees topsportcoördinator Smith), zit hem nog steeds hoog. Hij had het er onlangs nog over: dat hij was “buitengesmeten”.

Wordt de godin Thiam hier gebruikt als een Griekse furie om wraak te nemen? Het is sowieso straf wat ze proberen. Je enige topatleet maar half voorbereid op een kampioenschap krijgen om vervolgens het ontslag te vragen van niet-betrokkenen, hoe zeggen ze dat in het Frans… faut le faire?

Column Volgkaart in De Morgen van zaterdag 4 oktober 2025

Volgkaart

Het was in de herfst van 1998 dat wij bij Sport International Nederland besloten om de nieuwe politiek verantwoordelijke voor sport aan de tand te voelen. Geen sexy verhaal. Hoewel, de baas had een foto gezien van Margo Vliegenthart (net veertig geworden) en besloot zelf te gaan.

De baas was ik. Mevrouw Vliegenthart zei meteen: “Ik ben maar staatssecretaris. Volksgezondheid en Welzijn zijn mijn andere domeinen. Breedtesport hoort daar bijvoorbeeld onder. Topsport niet. De Tweede Kamer (het parlement, HV) houdt zich daar niet mee bezig. Dat is voor de specialisten, de sportbonden.”

Deze week werd in de commissie Cultuur, Jeugd, Sport en Media minister Annick De Ridder (N-VA) ondervraagd over de heisa in de atletiek. Kwam vooral aan bod: het minder goed presteren en vervolgens de opgave van Nafi Thiam op het WK atletiek.

Waarom het Vlaams Parlement zich buigt over de sores van de Franstalige Thiam en haar clubje, dat is op het eerste en ook op het tweede gezicht niet zo duidelijk.

Doe ons vervolgens een lol en kijk de samenstelling van de leden van de commissie erop na. Ja? Zeg nu wie van de eerbare verkozenen des volk u verdenkt van kennis van topsport. De vragenstellers waren Maurits Vande Reyde, Gwendolyn Rutten, Frederik Sioen en Bogdan Vanden Berghe.

Sioen is een wielertoerist die ooit op Meulestede (Gent) een parochianenkoers organiseerde en een ander lid van de commissie heb ik een keer in een skybox van een voetbalclub de hand gedrukt. Geen enkele van de commissieleden heeft ooit een millimeter in de topsport afgelegd, niet als deelnemer, bestuurder of waarnemer.

Wittgensteins ‘waarover men niet kan spreken, moet men zwijgen’ was in zijn meest letterlijke betekenis hier zeer op zijn plaats geweest. Dit is geen materie voor het Vlaams Parlement en al zeker niet voor een commissie met nul kennis van topsport.

Interventies als “Er is hier kristalhelder sprake van machtsmisbruik. Er kan blijkbaar één iemand ongegeneerd zeggen: laten we een voorbeeld stellen. Als u hen niet op het matje roept, dan zullen wij dat vanuit het parlement aansturen” worden misschien beschouwd als goed oppositie voeren, maar ze zijn naast de kwestie.

Topsport gedijt pas door sterke afspraken en het motto ‘zeggen wat we menen en menen wat we zeggen’. Als is afgesproken tussen de twee taalvleugels in de nationale bond dat elke atleet de gedragscode moet ondertekenen, dan is dreigen met een niet-selectie geen machtsmisbruik maar goed management. Als daar vervolgens door een van de partijen in de paritair-Belgische structuur op wordt teruggekomen, is dat derhalve slecht management.

Overigens was Thiam in Tokio en de man die haar zogezegd wilde tegenhouden was er niet. Als de eerbiedwaardige verkozenen des volks denken dat het juridisch-commercieel gehakketak een invloed heeft gehad op het presteren van Thiam, neen dus. Thiam heeft hopelijk nog één erg goede zevenkamp in zich en dat was niet bepaald in Tokio.

Er is van een bagatel een staatszaak gemaakt. Dat volkstheater van de commissie sport teruglezend, moest ik denken aan 27 jaar geleden en aan staatssecretaris Vliegenthart die zei dat de Tweede Kamer niet over topsport gaat.

Dat zou voor onze politici moeten gelden, ook voor de minister van Sport. Hopelijk weet die dat ze boven op een verzameling vervelende echte bevoegdheden de sluitpost sport heeft gekregen als een soort extraatje om makkelijk te scoren.

Mijn advies aan de minister: beperk u tot de photo ops. Bijvoorbeeld als in een centrum van Sport Vlaanderen (een dat niet sluit) een klink wordt vastgedraaid. Of desgevallend als een Vlaamse atleet de weg terug naar huis vindt, al of niet behangen met een medaille.

Atletiek-gate is een zaak voor de atletiekbonden en Sport Vlaanderen. Sport Vlaanderen, dat is een iva, een intern verzelfstandigd agentschap. Dat houdt in: operationele autonomie om beleid uit te voeren. Duidelijker kan niet: laat topsport over aan de specialisten.

Meegaan in de koppeling van de Thiam-miskleun aan het functioneren van topsportcoördinator Rutger Smith en diens plan om de technische werking van Atletiek Vlaanderen te optimaliseren via een gedeeltelijke centralisatie riekt naar cliëntelisme ten faveure van enkele gefrustreerde B-atleten.

Het gebruik van de termen ‘evaluatieoefening’ en ‘verbetertraject’ in verband met Atletiek Vlaanderen en haar topsportcoördinator is betuttelend en doet denken aan het verslag van een klassenraad. “Rutger is stout geweest, heeft veel punten verloren op zijn gedragskaart en krijgt nu een volgkaart.” Als ik Smith was, ik zou het wel weten.

Column Björn Borg in De Morgen van maandag 29 september 2025

Björn Borg

Het was een bloedhete zondag 5 juli 1980. Onze vrienden Yani en Eric waren getrouwd en gaven een feestje. Het was een gemengd gezelschap waarvan de meesten in de Kikvorsstraat in Gent woonden, wij in de Orion, Yani en Eric in de Milenka. Die laatste is de woontoren waar recent een sociaal werker van het OCMW werd vermoord. Toen was een sociale woonwijk nog heel gewoon een sociale woonwijk, een opstap in de maatschappij. 

Yani had het meeste van de hapjes gemaakt en dat was de beste reden om alsnog te gaan. Yani was van Indonesische afkomst en kon heerlijk koken. Maar die zondag was het ook de finale van Wimbledon. Met John McEnroe en Björn Borg tegenover elkaar kondigde die zich als historisch aan. Een onderschatting.

Dit kwam allemaal terug bij het doorbladeren van Heartbeats, de autobiografie van Björn Borg. Die verscheen op 18 september en een dag later stond ze op de Kindle.

Oei, wat was ik een Borgfan en wat haatte ik McEnroe, en Jimmy Connors en nadien ook alle andere Amerikanen zoals die vreselijke André Agassi – uitzondering gemaakt voor de onamerikaans bescheiden Pete Sampras.

Maar goed, we zijn 5 juli en er was dus dat feest in een ontmoetingscentrum in de buurt van het station, tegelijk met die fantastische Wimbledonfinale. Vandaag zou je stiekem via Sporza op de iPhone de livescores raadplegen. Eénmaal weer thuis zou je kunnen terugkijken.

Toen had je dat niet. Geen iPhone, geen tablet, geen lap top, alleen vaste lijnen, vaste tv-aansluitingen met een passe-partout aanbod voor de hele bevolking. De BRT zond de wedstrijd uit, ik denk dat Daniël Mortier het commentaar gaf. Het was live kijken of een dag later de gazet lezen.

We hebben live gekeken, ongeveer het hele gezelschap herinner ik mij, trouwers incluis en we waren allemaal op de hand van Borg. We deden het met een klein teeveetje en zaten rijen dik te staren naar wat later als the greatest tennis game ever zou worden gekwalificeerd. Nog later zou dat predikaat ook Nadal-Federer (Wimbledon 2008) en Alcaraz-Sinner (Parijs 2025) te beurt vallen.

Borg-McEnroe was speciaal omdat de vierde set werd gewonnen door McEnroe met 7-6 na een tiebreaker die eindigde op 18-16 voor de Amerikaan, nadat hij vijf wedstrijdballen had gered. 22 minuten had die ene heroïsche tie break geduurd.

Borg vertelt in zijn autobiografie hoe hij daar voor het eerst langs de rand van de afgrond passeerde, maar net niet de dieperik inging omdat hij er met een laatste krachtinspanning in slaagde om set vijf met 8-6 te winnen.

Een jaar later en een jaar ouder – 22 inmiddels – zou McEnroe diezelfde finale met 3-1 winnen van de toen 26-jarige Borg, gevolgd door de U.S. Open enkele maanden later. Met zes titels op het traagste speloppervlak (Roland Garros) en vijf op het snelste (Wimbledon) en nooit de U.S. Open gewonnen hoewel vier finales gehaald, zou Borg er de brui aan geven.

Verveeld, te rijk, te van alles, zo blijkt nu uit zijn biografie. Als u tot de jongere lezertjes van deze krant behoort, kan de prehistorie van de sport u misschien gestolen worden, maar ik kan u toch Heartbeats aanraden. Ten minste als u de valkuilen van de topsport op zijn rauwst wil lezen. 

Borg ging langs de afgrond, tuimelde diep, ging failliet, scheidde, zag zijn kinderen nauwelijks opgroeien, zat jarenlang aan de coke, moest verschillende keren afkicken…

Hij probeerde een come back. Die herinner ik mij ook en hij ging bij mij door merg en been. Geen enkele wedstrijd won hij en alleen al het beeld van die inmiddels 34-jarige blonde God met dat gedateerde houten racket, het deed zo’n pijn aan de ogen.

In de biografie legt hij uit dat de come back er kwam na een overdosis die hij ternauwernood overleefde. De sport die hem had groot gemaakt moest hem nu in leven houden, ver weg van coke en alcohol. In 1994 begon de senior tour en hij hernieuwde de vriendschap met alle sterren uit zijn tijd. In 2012 ben ik in Knokke gaan kijken naar Borg-McEnroe. In 2011 ging die niet door, Borg had een hamstringblessure. Een jaar later wel. Het was ouwemannentennis, maar wel genieten.

McEnroe heeft Borg uit zijn isolement gehaald, mee zijn leven gered als het ware en ze zijn nu vrienden voor het leven. Hun verhaal doet een beetje denken aan dat van Jan Ullrich en Lance Armstrong. De dag dat je grootste tegenstander bekent dat hij een heilige schrik had van jou, maar dat hij niet langer je ergste vijand is en je graag ziet en dat je op hem kan rekenen, die dag wist ook Borg, inmiddels geopereerd aan prostaatkanker, dat hij vrede kon hebben met wat was geweest.

Column Apartheid Bis in De Morgen van zaterdag 27 september 2025

Apartheid Bis

Dat was een raar bericht deze week, dat ergens uit de inner circle van de Europese voetbalbond UEFA is komen doorsijpelen. Volgende week zou de uitsluiting van Israël als land en zijn vertegenwoordigende teams in de verschillende voetbalcompetities worden besproken in een buitengewone vergadering. De UEFA heeft dat ontkend, maar het gerucht blijft nazinderen.

Wat is er precies aan de hand? De drie experts van de Verenigde Naties die de genocide officialiseerden hebben de UEFA en de FIFA opgeroepen: “Sluit niet langer de ogen voor de grove schendingen van de mensenrechten en de genocide vanwege Israël. Gooi landen die zich daaraan bezondigen uit de internationale sport zoals in het verleden.”

Hoe Israël en zijn pleitbezorgers daar tegenover staan, werd nog maar eens in de verf gezet door Sylvan Adams, de eigenaar van het wielerteam Israel-Premier Tech. De Canadese sponsor Premier Tech zou afstand willen nemen van Israël en alvast de naam van het land uit de ploegnaam laten verwijderen.

In Kigali kwam Adams een project voorstellen en kreeg uiteraard vragen van de aanwezige media. Hij betwistte de genocide, met cijfers. Gaat u zitten, voor uw veiligheid. “In 1948, toen de Israëlische staat werd gesticht, leefden er 60.000 Arabieren in Gaza. Vandaag zijn het er 1,8 miljoen. Het Joodse volk zit nog niet op het niveau van 1938. De cijfers spreken voor zich.”

Even rekenen: 70.000 Arabieren/Palestijnen gedood sinds oktober 2023. Wie dat afzet tegenover de 6 miljoen Joodse slachtoffers in de Shoah van de Tweede Wereldoorlog vindt dat Benjamin Netanyahu nog even zijn gang moet gaan.

Of de UEFA ooit zover zou gaan om Israël te bannen, dat mag worden betwijfeld. Als het er wel van komt, zal de Sloveense afkomst van UEFA-voorzitter Aleksander Ceferin er misschien iets mee te maken hebben. Slovenië heeft eerder deze week als eerste land Netanyahu de toegang tot zijn grondgebied ontzegd. Of is het dan Ceferins aversie voor FIFA- voorzitter Gianni Infantino? Die zal nooit tot een uitsluiting van Israël overgaan want dan mag hij niet meer op de schoot bij Donald Trump.

En dan is er nog de Qatarees Nasser al-Khelaïfi. Hoezo, wat hebben Qatar en de UEFA met elkaar te maken dan? Welnu, Al-Khelaïfi is de grote sterke man van Paris Saint-Germain en is verkozen als voorzitter van de European Club Association. In die functie heeft hij een zitje in de raad van bestuur van de Europese voetbalbond UEFA. Aardig, niet onbelangrijk detail nog: als voorzitter van de beIN Media Group en Qatar Sports Investment controleert hij meer dan één Europese voetbalportefeuille. Vergeet daarbij niet dat Al-Khelaïfi eerst voor de staat Qatar werkt en laat nu net Qatar zwaar beledigd zijn na die aanval van Israël op het Hamas-bestuur in Doha.

De apartheidsstaat Israël hoort niet thuis op welk internationaal toneel dan ook en al helemaal niet op een sporttoneel. Als er geen uitsluiting komt van Israël, dan komen er boycots van landen die het niet meer kunnen aanzien, zoals in de stijl van het Eurovisiesongfestival.

In het verleden is al meermaals gebleken dat de druk van de ‘welwillenden’ uiteindelijk de doorslag geeft. Israël is de 21ste-eeuwse versie van het Zuid-Afrika van de twintigste eeuw, al hebben die er bepaald langer dan twee jaar over gedaan om 70.000 zwarten over de kling te jagen.

Al in 1948, toevallig ook het jaar van de weinig doordachte stichting van de staat Israël, vroegen de eerste Afrikaanse landen aan het Internationaal Olympisch Comité om Zuid-Afrika uit te sluiten. Het duurde tot 1964 voor de Amerikaanse hardliner en racismeontkenner Avery Brundage overstag ging voor een combine van Europese communistische landen en gedekoloniseerde landen en Zuid-Afrika uitsloot.

De situatie in Israël en Gaza vandaag is misschien anders dan die in Zuid-Afrika en de townships, maar in de praktijk is er sprake van een discriminatie van de ene bevolkingsgroep tegenover de andere. Uiteindelijk heeft die inbreuk op het olympisch handvest destijds tot de ban geleid voor de Spelen van Tokio in 1964 en duurde tot 1992.

Met een Afrikaanse (weliswaar een witte) vrouw als sportpaus aan het hoofd van het Internationaal Olympisch Comité wordt al eens snel gedacht dat Israël sneller uit de olympische dan uit de voetbalmiddens zou kunnen verdwijnen. Geloof dat maar niet. Het IOC zal er alles aan doen en alles slikken om de Olympische Spelen van Trump (en de man zelf) niet te bruuskeren. Anderzijds, als het voetbal toch overstag zou gaan, kunnen de dominosteentjes snel vallen.

Column Mayonaise in De Morgen van maandag 22 september 2025

Mayonaise

Zou dit geen idee zijn? België-Zuid en België- Noord nemen het vooraf tegen elkaar op – dat mag op de Heizel, zo moeilijk doen wij in het noorden niet – en bereiden elk van hun geselecteerde atleten voor op de kampioenschappen, volgens de eigen filosofie. Zelfde vlag, maar eigen vlucht, eigen omkadering, eigen atleten, eigen geld, eigen visie op topsport. Hoe dat dan moet met de estafettes? Dat zal tijdelijk een dingetje zijn, maar als u de sportgeschiedenis er zou op naslaan, zult u merken dat gescheiden delegaties uit eenzelfde ‘land’ (Tsjechië en Slovakije na de splitsing en Oost- en West-Duitsland voor de hereniging) beter presteerden dan samen.

Voor de Belgische atletiek is dat misschien een oplossing, want hoe het verder moet na de wereldkampioenschappen is niet geheel duidelijk. Alle gekheid op een stokje, bovenstaand scenario is niét het antwoord op het treurspel (zie ook de zaterdagkrant) dat in Tokio werd opgevoerd. Maar wat dan wel?

Tot dit weekend leek het probleem zich te beperken tot een zure oprisping van Nafi Thiam. De drievoudige olympisch kampioene had sinds haar derde olympische titel in Parijs nog geen deuk in een pakje boter gesprongen, gegooid of gelopen en daar kwam in de directe aanloop naar Tokio ’25 weinig verandering in.

Het gezeur over pesterijen klonk dan ook een beetje als de vlucht vooruit, en dat werd bevestigd op dag één. In het laatste nummer van de meest compacte en belastende zevenkamp ooit finishte ze als allerlaatste, in een voor haar beschamende tijd. Haar eerdere prestaties die dag waren nog als redelijk te kwalificeren, maar Anna Hall was wel al gaan vliegen.

Je moet je afvragen waarom Thiam zich in een postolympisch jaar überhaupt al meteen weer in de strijd wilde gooien. Haar laatste hoogtepunt zou in het preolympisch jaar ’27 en olympisch jaar ’28 moeten liggen. Als er nu één recht had op een sabbatjaar, dan was zij het wel.

Het antwoord is simpel: inkomsten veiligstellen. Thiam heeft verzekeraar AXA, automerk Polestar, sportmerk Nike, horlogemerk Richard Mille en energiedrank Red Bull waar ze schatplichtig aan is. Schatplichtig in de betekenis dat ze haar willen zien en bij voorkeur willen zien presteren.

Bovendien trekt ze ook nog een salaris van ADEPS en collecteert ze her en der werkingsbeurzen voor haar trainingen en haar omkadering. Dat ze op de payroll van de Franstalige overheid staat, is een niet te verdedigen anomalie. Een topsportsalaris van de overheid (ADEPS, Sport Vlaanderen) is een hulpmiddel, noem het gerust een subsidie en subsidies dienen om in te grijpen waar de markt faalt. Nafi Thiam heeft dat salaris niet nodig met inkomsten van meer dan een half miljoen per jaar.

Van pesterijen was dus geen sprake, aldus bij monde van de voorzitter van de Franstalige atletiekbond LBFA, Jessica Mayon, die zo haar topatlete in de wind zette. Dat was vorige week. Ongetwijfeld heeft daarna de Leopold II-laan (hoofdzetel ADEPS) gebeld. En omdat Mayon en co. ook door ADEPS worden betoelaagd en betaald, en ze de perceptie tegen had, maakte Mayon een bocht van 180 graden.

Dit weekend luidde het plots anders. “Er waren er die Thiam niet wilden selecteren.” Lees: laat ik de Vlamingen onder de bus gooien. Dat ene zinnetje werd na dat ene beeld (de kine van Thiam op de stoep) de leading story bij de meegereisde media die wel vaker opschrijven en herhalen wat het beste bekt en de meeste clicks oplevert.

Mayon heeft als co-voorzitter van de uitgeholde Belgische atletiekbond in de raad van bestuur zelf mee beslist over de veelbesproken code of conduct waarmee de heisa begon. Vervolgens werd de chef de mission (Rutger Smith) de wei in gestuurd om de atleten te laten tekenen.

Bij sommigen werd de arm net niet omgewrongen, maar ze tekenden. Alles oké, tot bleek dat Thiam een uitzondering zou krijgen. Waarom Thiam en haar dikke sponsors wel en pakweg een Alexander Doom en zijn kleine geldschieters niet? De kans dat AXA de godin Thiam aan de kant zou schuiven omdat AG tijdens het WK haar foto zou gebruiken, was ook zonder haar vroege exit onbestaande.

De chef de mission (een rechtlijnige Nederlander) was nog maar net gewend geraakt aan de soms kromme Vlaamse manier van handelen, maar de windhaantactiek van de Franstaligen was de druppel te veel. Hij gaf zijn opdracht terug en bleef thuis.

Het zou Vlaams voorzitter Gery Follens (ook in Tokio en co-voorzitter samen met Mayon) sieren als hij de Vlaamse versie van de feiten uit de doeken zou doen, maar hij doet er voorlopig het zwijgen toe. Hij en Sport Vlaanderen hebben nu één opdracht: zorgen dat de mayonaise van Mayon niet pakt.